Resolutie 1190 Veiligheidsraad Verenigde Naties

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlag van de Verenigde Naties
Resolutie 1190
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 13 augustus 1998
Nr. vergadering 3916
Code S/RES/1190 (Document)
Stemming Voor: 15 Onth.: 0 Tegen: 0
Onderwerp Angola
Beslissing Verlengde de MONUA-waarnemingsmissie tot 15 september.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 1998
Permanente leden
Vlag van China CHN Vlag van Frankrijk FRA Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Vlag van Rusland RUS Vlag van Verenigde Staten USA
Niet-permanente leden
Vlag van Brazilië BRA Vlag van Bahrein BRN Vlag van Costa Rica CRC Vlag van Gabon GAB Vlag van Gambia GAM
Vlag van Japan JPN Vlag van Kenia KEN Vlag van Portugal POR Vlag van Slovenië SLO Vlag van Zweden SWE
De Ruacana-watervallen aan de grens met Namibië.
De Ruacana-watervallen aan de grens met Namibië.

Resolutie 1190 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd unaniem door de VN-Veiligheidsraad aangenomen op 13 augustus 1998.

Achtergrond[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Geschiedenis van Angola voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Nadat Angola in 1975 onafhankelijk was geworden van Portugal keerden de verschillende onafhankelijkheidsbewegingen zich tegen elkaar om de macht. Onder meer Zuid-Afrika en Cuba bemoeiden zich in de burgeroorlog tot ze zich in 1988 terugtrokken. De VN-missie UNAVEM I zag toe op het vertrek van de Cubanen. Een staakt-het-vuren volgde in 1990 en hiervoor werd de UNAVEM II-missie gestuurd. In 1991 werden akkoorden gesloten om democratische verkiezingen te houden die eveneens door UNAVEM II zouden worden waargenomen.

Inhoud[bewerken]

Waarnemingen[bewerken]

De Veiligheidsraad betreurde de verslechterende situatie in Angola, wat vooral werd veroorzaakt door UNITA dat haar verplichtingen onder het vredesakkoord niet nakwam. Recent waren wel stappen in de goede richting gezet om het vertrouwen te herstellen.

Handelingen[bewerken]

De Secretaris-Generaal ging een gezant naar Angola sturen om de situatie te bekijken en mogelijke acties te adviseren. Intussen werd het mandaat van de MONUA-waarnemingsmissie in het land verlengd tot 15 september.

Er werd geëist dat UNITA onmiddellijk aan haar verplichtingen voldeed. De voornaamste waren de volledige demobilisatie van haar troepen en de uitbreiding van het staatsgezag tot de in de door haar gecontroleerde gebieden.

De regering en UNITA werden opgeroepen de vijandige propaganda stop te zetten, geen nieuwe mijnen te leggen en niet langer soldaten gedwongen in te lijven. De regering werd ook gevraagd UNITA te respecteren als politieke partij.

Verwante resoluties[bewerken]