Resolutie 2037 Veiligheidsraad Verenigde Naties

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlag van de Verenigde Naties
Resolutie 2037
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 23 februari 2012
Nr. vergadering 6771
Code S/RES/2037 (Document)
Stemming Voor: 15 Onth.: 0 Tegen: 0
Onderwerp Oost-Timor
Beslissing Verlengde de UNMIT-vredesmacht met 10 maanden.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 2012
Permanente leden
Vlag van China CHN Vlag van Frankrijk FRA Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Vlag van Rusland RUS Vlag van Verenigde Staten USA
Niet-permanente leden
Vlag van Azerbeidzjan AZE Vlag van Colombia COL Vlag van Duitsland GER Vlag van Guatemala GUA Vlag van India IND
Vlag van Marokko MAR Vlag van Pakistan PAK Vlag van Portugal POR Vlag van Zuid-Afrika RSA Vlag van Togo TOG
De haven van de hoofdstad Dili. (foto: juni 2010)
De haven van de hoofdstad Dili. (foto: juni 2010)

Resolutie 2037 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd unaniem door de VN-Veiligheidsraad aangenomen op 23 februari 2012 en verlengde de VN-vredesmacht in Oost-Timor tot eind 2012.[1]

Achtergrond[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Oost-Timor voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Nadat Portugal zijn koloniën losliet werd Oost-Timor eind 1975 na een korte burgeroorlog onafhankelijk. Korte tijd later viel Indonesië het land binnen en ontstond een oorlog waarna Oost-Timor door Indonesië werd ingelijfd. In 1999 stemde Indonesië in met een volksraadpleging over meer autonomie of onafhankelijkheid, waarbij het merendeel van de bevolking voor de tweede optie koos. Meteen brak geweld uit waarna internationale troepen werden gestuurd. Die vertrokken weer na de onafhankelijkheid van het land in 2002. In 2006 brak echter nieuw geweld uit, waarop opnieuw een VN-vredesmacht werd gestuurd.

Inhoud[bewerken]

Waarnemingen[bewerken]

Met de stabiliteit van Oost-Timor bleef het de goede kant op gaan. Op lange termijn hing die stabiliteit mede af van de verkiezingen die in 2012 zouden worden gehouden.

De onafhankelijk van justitie moest gerespecteerd worden. Justitie moest ook meer middelen krijgen teneinde de ernstige misdaden die tijdens de crisis in 2006 waren begaan te bestraffen.

De Oost-Timorese politie was inmiddels weer primair verantwoordelijk geworden voor de ordehandhaving. Met steun van UNMIT bereidde men zich nu voor op de komende verkiezingen. Ook het leger was intussen aangesterkt en nam deel aan de UNIFIL- en UNMISS-vredesmacht.

De regering was er ook in geslaagd sterke economische groei en sociaal-economische ontwikkeling te bewerkstelligen en de armoedecijfers te doen dalen. Wel moest nog gewerkt worden aan plattelandsontwikkeling, werkgelegenheid — vooral voor de jeugd — en grondeigendom. Oost-Timor boekte dus vooruitgang, maar er was nog veel werk voor de boeg waarvoor het internationale steun nodig had.

Handelingen[bewerken]

Het mandaat van de UNMIT-vredesmacht werd verlengd tot 31 december 2012. Daarna zouden de troepen gefaseerd worden teruggetrokken.

Oost-Timor moest verder werken aan de hervorming van de veiligheidssector. Zo moesten de verantwoordelijkheden van leger en politie worden afgelijnd en het civiel toezicht worden versterkt.

Verwante resoluties[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties