Resolutie 89 Veiligheidsraad Verenigde Naties

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlag van de Verenigde Naties
Resolutie 89
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 11 november 1950
Nr. vergadering 524
Code S/RES/89 (Document)
Stemming Voor: 9 Onth.: 2 Tegen: 0
Onderwerp Arabisch-Israëlisch conflict
Beslissing Controle van de Palestijnse vluchtelingen en de rol van de wapenstilstandscommissies.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 1950
Permanente leden
Vlag van Frankrijk FRA Vlag van Verenigd Koninkrijk GBR Vlag van de Republiek China ROC Vlag van de Sovjet-Unie van 1923-1955 URS Vlag van de Verenigde Staten 1912-1959 USA
Niet-permanente leden
Vlag van Cuba CUB Vlag van Ecuador ECU Vlag van Egypte EGY
Vlag van India IND Vlag van Noorwegen NOR Vlag van Joegoslavië YUG

Resolutie 89 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties was de laatste resolutie van de Veiligheidsraad in 1950. Negen leden keurden ze goed terwijl geen tegen stemden. Egypte en de Sovjet-Unie onthielden zich daarbij.

Achtergrond [bewerken]

1rightarrow.png Zie Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In Palestina waren na lange tijd van oorlog eindelijk wapenstilstanden overeengekomen tussen de verschillende partijen. Commissies onder toezicht van de Verenigde Naties moesten toezien op de eerbiediging ervan. Als gevolg van de oorlog sloegen wel honderdduizenden Palestijnen op de vlucht. Als reactie hierop werden honderdduizenden Joden verdreven uit Arabische landen in het Midden-Oosten, zie het artikel: Joodse vluchtelingen uit de Arabische wereld. Hierover sprak de VN zich niet uit.

Inhoud [bewerken]

De Veiligheidsraad:

  • Herinnert aan resolutie 73 waarin:
    • Ze tervreden was over de onderhandelde wapenstilstandsakkoorden.
    • Ze hoopte dat snel een definitieve oplossing voor het conflict kon worden gevonden.
    • Stond dat op de wapenstilstanden zou worden toestaan door verschillende commissies onder VN-toezicht.
    • Stond dat de partijen zelf verantwoordelijkheid dragen om de wapenstilstand te eerbiedigen.
  • Houdt rekening met de standpunten en gegevens van Egypte, Israël, Jordanië en de stafchef van de Toezichtsorganisatie op het Bestand.
  1. Neemt akte van de vorming van het Speciaal Comité in verband met artikel VIII van de Iraëlisch-Jordanische wapenstilstand en hoopt dat het haar functies snel kan opnemen.
  2. Roept de partijen (in het conflict) op klachten te behandelen volgens de procedures in de wapenstilstandakkoorden.
  3. Vraagt de Egyptisch-Israëlische Gemengde Wapenstilstandscommissie dringend aandacht te hebben voor de Egyptische klacht over de uitdrijving van duizenden Arabische Palestijnen.
  4. Roept beide partijen de bevinding van deze commissie in verband met de repatriëring van deze Arabieren ten uitvoer te brengen.
  5. Geeft de stafchef van de Toezichtsorganisatie op het Bestand toestemming Israël, Egypte en andere Arabische landen stappen aan te bevelen om de internationale mensenstromen te controleren.
  6. Vraagt de betrokken overheden geen acties te ondernemen in verband met deze mensenstromen zonder overleg met de Gemengde Wapenstilstandscommissies.
  7. Neemt akte van de verklaring van Israël om Bir Qattar te evacueren zoals beslist door het Speciaal Comité en om haar troepen terug te trekken tot de in de wapenstilstand overeengekomen posities.
  8. Herinnert Egypte en Israël als VN-lidstaten aan hun verplichtingen in het Handvest van de Verenigde Naties en dringt bij hen en Jordanië op aan te zorgen voor permanente vrede in Palestina.
  9. Vraagt de stafchef van de Toezichtsorganisatie op het Bestand binnen de 90 dagen te rapporteren over de uitvoering van deze resolutie en om regelmatig te rapporteren over de beslissingen die door de verschillende wapenstilstandscommissies worden genomen.

Verwante resoluties [bewerken]

Logo Wikisource
Bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina United Nations Security Council Resolution 89 op de Engelstalige Wikisource.