Richard Armitage (politicus)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Richard Armitage (politicus)

Richard Lee Armitage (Boston (Massachusetts), 26 april 1945) was de 13e Amerikaanse Onderminister voor Buitenlandse Zaken (United States Deputy Secretary of State, de tweede man in het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken), van 2001 tot 2005.

Armitage studeerde in 1967 af aan de United States Naval Academy en diende in de Amerikaanse marine gedurende de Vietnamoorlog.[1] Na de oorlog werkte hij als Attaché voor het Amerikaanse Ministerie van Defensie in Saigon. Voor de val van Saigon in 1975 leidde hij de evacuatie van Zuid-Vietnamese marine. Na de oorlog in Vietnam werkte hij als Consultant voor het Amerikaanse Ministerie van Defensie en werd in de jaren tachtig adviseur voor veiligheid onder Ronald Reagan. Van 1981 tot 1983 was hij Deputy Assistant Secretary of Defense for East Asia and Pacific Affairs, een hoge positie in het Pentagon.

In 1983 werd hij bevorderd tot Assistent-Minister van Buitenlandse Zaken voor Internationale Veiligheidspolitiek (Assistant Secretary of Defense for International Security Policy) en speelde een belangrijke rol in de Veiligheidspolitiek voor het Midden-Oosten. In 1989 werd hij speciale afgevaardigde van de President voor de kwestie rond de Amerikaanse marinebases in de Filipijnen en onderhandelaar voor wateraangelegenheden in het Midden-Oosten.

Vanaf 1993 werkte hij voor het bedrijfsleven en was onder meer directeur van het bedrijf ChoicePoint[2], een commerciële inlichtingendienst. Hij was een van de ondertekenaars van een brief in 1998 van het Project for the New American Century die president Bill Clinton voorstelde dat het verwijderen van het regime van Saddam Hoessein de eerste prioriteit in de Midden-Oosten politiek was.[3]

Gedurende de Presidentsverkiezingen van 2000 diende hij als beleidsadviseur voor buitenlandse betrekkingen onder president George W. Bush. In 1981 werd hij ingezworen als Staatssecretaris voor Buitenlandse Zaken en diende in 1985 zijn ontslag in, kort na Colin Powell's vertrek. Armitage is (in de VS) vooral bekend als het 'lek' in het Plamegate schandaal.

Hij is Ridder-Commandeur in de Orde van Sint-Michaël en Sint-George en sinds 2006 lid van de Raad van Bestuur van de Amerikaanse oliemaatschappij ConocoPhillips.[4]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. http://georgewbush-whitehouse.archives.gov/government/armitager-bio.html Biografie op de website van het Witte Huis, 27-1-2007
  2. NNDB, stand 5 februari 2009
  3. theindyvoice.com/pnac - PNAC brief aan Bill Clinton, 26 januari 1998
  4. http://web.archive.org/web/20070422132820/http://www.conocophillips.com/social/Governance/bod/armitage.htm Richard L. Armitage, Lid van de Raad van Bestuur van ConocoPhillips