Richard Coughlan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Richard Coughlan (Herne Bay, 2 september 1947- 1 december 2013) was een Brits musicus, een drummer.

Coughlan is geboren in Herne Bay, op zo’n 15 kilometer van Canterbury. Zijn eerste ervaring als drummer had hij in de muziekband van de zeekadetten in Herne Bay. Na een mislukte poging op de hoorn legde hij zich toe op de trommels. Tegen de tijd dat hij 16 was had hij zijn eigen drumstel en speelde hij naar eigen zeggen in twee bands (de Stour Side Stompers en de Earl Gutheridge Explosion), maar veel verder dan repeteren kwamen deze bands niet. Via-via leerde hij Hugh Hopper kennen, en nam de uitnodiging aan om repetities en optredens bij te wonen van de groep waar die in speelde: The Wilde Flowers. Van hun drummer, Robert Wyatt, nam hij de nodige drumtips over. En toen Wyatt besloot om te gaan zingen nam Coughlan zijn kans waar en nam hij de plek achter de drums in. Na het vertrek van Wyatt zou hij dat nog ongeveer een jaar blijven doen.

De platendeal die Soft Machine kreeg inspireerde de overgebleven leden van The Wilde Flowers, Caravan werd geboren. De opleiding van Coughlan tot tandtechnicus werd stopgezet, hij werd fulltime musicus. Sinds die tijd speelde Coughlan in Caravan. Coughlan heeft wel af en toe iets bij andere bands gedaan, maar dat bleef marginaal. Hij was niet geïnteresseerd in een carrière als sessiemuzikant, en hij hield van het leven in Caravan: van de muziek, maar vooral van het vele reizen. Coughlan is geen bijzondere componist, hoewel hij wel bijgedragen heeft aan de totstandkoming van een groot aantal van de Caravan-nummers. Een bijzonderheid is het nummer "A Hunting We Shall Go/L'Auberge du Sanglier", dat hij in een 19/8 (negentien-achtste) maat speelt.

Eind jaren zeventig stopte Caravan te bestaan als fulltime band. Coughlan ging niet door in de muziek maar startte een nieuwe carrière als bareigenaar. Hij was eigenaar van de pub The Sun Inn in Faversham.

Het heropleven van Caravan, met af en toe een album en om de zoveel tijd een tournee kon Coughlan prima combineren met zijn werk als barkeeper. Hij verwachtte niet meer fulltime als musicus bezig te zijn maar bleef Caravan als bijbaan aanhouden.