Richard Hol

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Richard Hol - portret door J.J. Mesker (1884)
Borstbeeld Richard Hol van Bart van Hove in Den Haag

Rijk Hol, bekend als Richard Hol,[1] (Amsterdam, 23 juli 1825Utrecht, 14 mei 1904), was een Nederlandse componist en dirigent.

Leven en werk[bewerken]

Hol, zoon van Cornelis Hol en Bregje Nagel, kreeg een piano-opleiding van Johan George Bertelman aan de Amsterdamse muziekschool en werd in 1857 dirigent van het Amsterdamse Toonkunstkoor. Toen in 1862 Johannes Verhulst in plaats van Hol werd gevraagd om de nieuwe volksconcerten van Toonkunst te komen leiden, vertrok Hol naar Utrecht, waar hij al snel de spil van het muziekleven werd. Als opvolger van Johann Hermann Kufferath leidde hij de "stadsconcerten" (tot zijn dood in 1904), de studentenconcerten en het Toonkunstkoor. In deze tijd was hij bevriend met Johan Cornelis Marius van Riemsdijk, jonkheer, jurist en toonkunstenaar. Hol werd tevens benoemd tot Domorganist (1869-1888) en was vanaf 1875 directeur van de pas opgerichte Stedelijke Muziekschool, waar hij ook als docent zang, muziektheorie en muziekgeschiedenis werkzaam was en waar Johan Wagenaar en Catharina van Rennes tot zijn leerlingen behoorden.

Hol kreeg er in 1878 nog de mannenzangvereniging Caecilia in Den Haag bij. Bij Diligentia in Den Haag leidde hij vanaf 1883 enkele concerten per jaar met moderne muziek, en in 1886 volgde hij daar Johannes Verhulst op (tot 1898). Sindsdien bekleedde Hol een zeer vooraanstaande positie in het Nederlandse muziekleven. De doorbraak in Nederland van een componist als Brahms was deels aan hem te danken. Van 1891 tot 1893 dirigeerde hij de donderdagse "klassieke concerten" in het Paleis voor Volksvlijt in Amsterdam.

Richard Hol werd in zijn tijd als componist gevierd, zijn talrijke werken, nog geheel in de sfeer van de Leipziger school van Mendelssohn en Schumann verraden echter geen spoor van de moderne muziek van Wagner, Liszt en Berlioz die hij als dirigent verdedigde.

Sommige van zijn kinderliederen zijn lang populair gebleven. Een voorbeeld daarvan is Draaiersjongen over Michiel de Ruyter dat begint met de woorden In een blauwgeruite kiel. De tekst van het lied is geschreven door Antoon Leonard de Rop. Een ander bekende melodie van Hol is het lied Mijn Nederland dat begint met de woorden Waar de blanke top der duinen. De tekst hiervan is geschreven door P. Louwerse.

Verschillende door hem gecomponeerde liederen werden opgenomen in de populaire liedbundel Kun je nog zingen, zing dan mee. Het gaat naast bovengenoemde liedjes 'In een blauwgeruiten kiel' (tekst A.L. de Rop) en 'Waar de blanke top der duinen' (tekst P. Louwerse) om onder andere: 'En over de weide daar blonk de zon' (tekst G. Antheunis), 'Vaarwel, vaarwel mijn dierbaar vaderland' (tekst A.L. de Rop), 'De paden op, de lanen in, vooruit met flinken pas' (tekst A.L. de Rop) en 'Kling-klang! Kling-klang! Over het woud' (canon, tekst A. Winkler Prins).

Hol was tevens pianist en recensent. In die laatste hoedanigheid werkte hij voor vele bladen en hij redigeerde vanaf 1894 het tijdschrift Het Orgel. Toen in 1875 de Nederlandsche Toonkunstenaars-Vereeniging werd opgericht, was Hol de eerste voorzitter. Hol kreeg vele officiële onderscheidingen en werd in 1878 gekozen tot corresponderend lid van de Académie française.

In Den Haag werd op 2 oktober 1906 aan de Stadhouderslaan een monument onthuld ter nagedachtenis van Richard Hol, naar ontwerp van Bart van Hove. Het bestaat uit een bronzen borstbeeld op een circa drie meter hoge hardstenen sokkel. Op de sokkel is in haut-reliëf een vrouwenfiguur gebeiteld, die de 'Muze, de Lier bespelend' voorstelt. In de Tweede Wereldoorlog moest het standbeeld wijken. Later kreeg het een plek aan de Groot-Hertoginnelaan.

Jacoba Brigitte Louise Hol (1886-1964), de eerste vrouwelijke hoogleraar in de fysische geografie in Nederland, was de (buitenechtelijke) dochter van Richard Hol. Haar moeder was Maria Koene.[2]

Publicaties over Richard Hol[bewerken]

  • Hugo Nolthenius, 'Richard Hol', in: Mannen en vrouwen van beteekenis in onze dagen (36e bundel, nr. 2), Haarlem: Tjeenk Willink 1906, p. 63-108
  • Jan M. Hemmer, Richard Hol. Biografie (doctoraalscriptie muziekwetenschap Utrecht), Utrecht: eigen uitgave 1983
  • Emile Wennekes, 'Een entrepreneur, een componist, een buitenechtelijke dochter en een kindermoord', in: Kerk, cultuur en kolonieën rond 1900, Amsterdam: balans 2005, p. 133-150
  • Henri Viotta, Onze Hedendaagsche Toonkunstenaars: Richard Hol (map; deel 1 uit een reeks van 20; foto met biografisch bijschrift en compositie), Amsterdam: Van Holkema & Warendorf 1893 (ca. 1893-1896) (De 20 delen over Nederlandse componisten zijn ook gebonden verschenen in 2 delen)
  • Gert Oost (ed.), Verzamelde werken voor orgel en harmonium/Richard Hol. Editie Gert Oost. Geannoteerde uitgave van de werken voor toetsinstrumenten, met uitgebreid voorwoord, kritisch commentaar en biografie. Veenhuizen: Boeijnga Music Publications 2008, ISBN 978-90-70415-41-9.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Zie: Thesaurusrecord Nederlandse bibliografie. Op sommige plaatsen wordt vermeld dat zijn werkelijke naam Rijk Holle luidt. Voor de naam zoals hij stond ingeschreven bij de Burgerlijke Stand (Rijk Hol), zie: Het Utrechts Archief - Rijk Hol.
  2. Zie: Henk van Steyn, 'Fysische Geografie', Universiteit Utrecht en Digitale Bibliografie Nederlandse Geschiedenis J.B.L. Hol