Riga

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Rīga
Stad in Letland Flag of Latvia.svg
Vlag van Rīga Wapen van Rīga
Rīga
Rīga
Rīga
Situering
Gemeente Stadsgewest Rīga
Coördinaten 56°57'N  24°06'E
Algemeen
Oppervlakte 307.17 km²
Inwoners (2007) 722.485
Historisch centrum van Riga
Werelderfgoed cultuur
RigaBlackheadshouse.JPG
Land Vlag van Letland Letland
UNESCO-regio Europa en Noord-Amerika
Criteria i, ii
Inschrijvingshistorie
UNESCO-volgnr. 852
Inschrijving 1997 (21e sessie)
UNESCO-werelderfgoedlijst
De Westelijke Dvina bij Riga
Riga rond 1650
Art nouveaugebouw van M. Eisenstein
Houten woning
Mentzendorffhuis in het oude centrum
Houten woning
Art nouveaugeveldecoratie
Art nouveauportaal

Riga (Lets: Rīga) is de hoofdstad van Letland en met circa 720.000 inwoners de grootste stad in de Baltische landen. De stad ligt aan weerszijden van de Westelijke Dvina, dicht bij de monding in de Oostzee (Golf van Riga). Het is het politieke, economische en culturele centrum van Letland.

Inhoud

[bewerken] Bevolking

De bevolkingsgegevens[1] geven een daling van de bevolking weer

  • 722.485 op 1 jan 2007 (Bron: Centraal Statistisch Bureau van Letland)
  • 764.329 op 31 mrt 2000 (Bron: idem)
  • 910.445 op 12 jan 1989 (Bron: UN Demographic Yearbook 1993)

De grootste etnische groep zijn de inheemse Letten (45%), net gevolgd door de Russen (44%).

[bewerken] Geschiedenis

Riga werd als handelsoverslagplaats ingericht door handelslieden uit noordelijk Duitsland, Scandinavië en Rusland, ter plaatse van van een oude vissersnederzetting van de Lijven, een aan Finnen en Esten verwant kustvolk, dat later door de Letten is geassimileerd maar zijn naam naliet in de oude naam voor het noordelijk deel van het huidige Letland: Lijfland (het zuidelijk deel heet vanouds Koerland).

[bewerken] Lijflandse Kruistocht

1rightarrow.png Zie ook: Orde van de Zwaardbroeders
1rightarrow.png Zie ook: Lijflandse Confederatie

Een kruisvaardersleger van zogeheten Zwaardbroeders versloeg in 1198 de heidense Lijven en Letten en bouwde in 1201 bij Riga een slot als bastion voor hun pasverworven macht. Daarbij werd ook een stad gesticht. De nieuwe burgers waren als handels- en ambachtslieden afkomstig uit het Duitse Rijk en bestuurden hun stad volgens Duits stadsrecht, dat wil zeggen met eigen rechtspleging, zelfbestuur door een burgerraad en de organisatie van gilden volgens willekeuren (collectieve rechten). De Baltische landen, dat wil zeggen Lijfland, Koerland dat ten zuiden daarvan lag, en het veel noordelijker Estland, werden tezamen een door de adellijke Zwaardbroeders geleide staat. Zij kwamen van tijd tot tijd in gewapend conflict met de burgerij van Riga die met haar op handel gerichte belangen andere doelen nastreefde dan de territoriale machtsexpansie van de ridderorde. Cultureel was het middeleeuwse Riga een Midden-Europese stad van middelgrote omvang met op het laatst 12.000 inwoners. Zij voornamelijk Duitstalig, alleen het van het platteland afkomstige dienstpersoneel bestond uit Letten die overigens geen burgerrecht bezaten. Riga werd de bisschopszetel voor alle Baltische landen, en al in Bremen in 1186 opgericht, voor de definitieve verovering door de Zwaardbroeders. Albert van Buxthoeveden werd door zijn oom Hartwig, de Aartsbisschop van Bremen en Hamburg, geïnstalleerd als eerste bisschop ter plaatse. In 1246 vond de verheffing tot aartsbisdom plaats (eerste aartsbisschop Albert Suerbeer). Dit geestelijk gezag speelde als derde een rol in het machtsspel tussen burgerij en Zwaardbroederorde.

Riga werd een economische poort vanuit Midden- en West-Europa naar Rusland. In 1282 werd de stad lid van het Hanze-verbond, een vooral Noord-Duitse vereniging van steden, waarmee de stad zijn economische positie verstevigde. Door politieke en economische allianties tussen Litouwen en Polen en tussen verschillende Scandinavische staten, die een groter belang hadden bij Danzig, werd haar concurrentiekracht echter weer verzwakt.

[bewerken] Verval van de Lijflandse Confederatie

1rightarrow.png Zie ook: Noordse Oorlogen

In 1522 kwam er een einde aan de macht van de aartsbisschop en de Zwaardbroederorde met de invoering van het lutheranisme door de laatste aartsbisschop: Albrecht von Brandenburg-Ansbach die zich daarmee tot wereldlijk hertog van Lijfland promoveerde. De ridders van de orde verlieten (openlijk) hun geestelijke geloften en werden nu een grootgrondbezittende landadel (de Ritterschaft) die hun bestuur in zogeheten Landdagen regelde. In 1581 kwam Riga korte tijd onder de invloed van het Pools-Litouwse Gemenebest.

Na de Dertigjarige oorlog kwam Lijfland in 1621 onder invloed van de Zweedse koning Gustaaf Adolf. Dat bleef zo tot 1710.

1rightarrow.png Zie ook: Zweeds Lijfland

[bewerken] Russische tijd

In 1710 veroverde Rusland onder tsaar Peter de Grote alle Baltische landen en bij de Vrede van Nystad werden Lijfland en Estland Russische gouvernementen (de zogenaamde Baltische provincies). De verarming was in deze tijd groot; een derde deel van de bevolking was gestorven in en, door epidemieën, na de oorlog. De uitoefening van het gezag werd overgelaten aan de vanouds Duitstalige elites, dat wil zeggen de grootgrondbezittende Baltische adel (de Ritterschaft, spottend ook wel de |Baltische baronnen genoemd) en de stedelijke burgerij. Die situatie bleef bestaan tot aan het einde van de 19de eeuw. De stadsbevolking was toen nog maar voor amper de helft Duitstalig maar de instroom van Letten van het platteland deed zich meer en meer gelden.

In die tijd begon de Russische regering met een centraliseringspolitiek die de Baltische landen onder een Russische bureaucratie bracht en cultureel wilde russificeren. De stad Riga werd naast Sint-Petersburg de tweede haven van het Russische Rijk en breidde zich in snel tempo uit. De russificatie maakte een einde aan de sinds de oprichting van de stad Duitstalig gedomineerde cultuur. In theaters, literaire en wetenschappelijke verenigingen en in de media kwam voor het eerst ook plaats voor de Letse taal. Maar dat gold niet voor het onderwijs want dat vormde een speerpunt in de russificatiepolitiek. Eeuwenlang was het Duitstalig geweest maar nu moest het plaats maken voor Russischtalige staatsscholen. Door deze russificatie verdween een deel van de oude Duitstalige elite naar Midden-Europa waar zij betere carrièremogelijkheden in de wetenschap, de ambtenarij en het (Duitse) leger vonden.

Niettemin bleef de culturele oriëntatie Midden-Europees, wat bijvoorbeeld uit de bouwstijl van het fin de siècle blijkt.

In het begin van de 20ste eeuw was de oude Duitstalige elite politiek onttroond terwijl de nieuwe Russische ambtenarij haar nog niet geheel had kunnen vervangen. In het vacuüm daartussen manifesteerde zich het opkomend nationalisme van de Letten en dat deed het in links en anarchistisch radicale vormen, vooral in Riga waar na Moskou en St. Petersburg het grootste aantal industriële arbeiders van Rusland woonde.

[bewerken] Eerste Wereldoorlog en onafhankelijkheid

Een voorlopig einde aan de Russische overheersing kwam in 1917 toen de stad werd ingenomen door Duitse legers. In 1918 werden conform het Verdrag van Brest-Litovsk de Baltische landen onder protectoraat van Duitsland gesteld om na beëindiging van de Eerste Wereldoorlog na 700 jaar buitenlandse overheersing voor het eerst staatkundig onafhankelijk te worden.

In het interbellum verplaatste Riga de economische aandacht nog sterker naar het Westen.

[bewerken] Tweede Wereldoorlog en Sovjet-overheersing

De Tweede Wereldoorlog verliep voor het land noodlottig. In 1940 werd het land ingevolge het Ribbentrop-Molotovpact eerst ingenomen door de Sovjet-Unie om in 1941 veroverd - vele Balten vonden toen bevrijd - te worden door het Duitse leger. In 1944 bezetten de Russische legers het land opnieuw en zou daar nog jarenlang een nationale guerrilla tegen gevoerd worden. Honderdduizenden Letten kwamen om en vele anderen vluchtten naar alle delen van de wereld. Letland verloor één derde van zijn bevolking. Om het nationale karakter te breken werden honderdduizenden Russen in het land gedetacheerd.

In de communistische periode werden enkele honderdduizenden Letten en vooral de nationale elite gedeporteerd naar Siberië. Het regime plande een grote industrialisatie en er vond op grote schaal immigratie van Russen plaats. De russificatie had numeriek succes: tegen 1975 bestond de bevolking van Riga voor minder dan 40% uit Letten.

In 1986 werd de bouw van een van de meest karakteristieke gebouwen van Riga, de radio- en tv-toren voltooid.

[bewerken] Hernieuwde onafhankelijkheid

De economische hervormingen in de vorm van de perestrojka door Sovjetleider Michail Gorbatsjov leidden tot toenemende vrijheid. Letland verklaarde zijn volledige onafhankelijkheid op 21 augustus 1991, welke op 6 september 1991 door Rusland werd erkend. Letland werd formeel lid van de Verenigde Naties op 17 september 1991. De Russische militaire macht verdween langzaamaan uit de straten van Riga.

In 2001 vierde Riga zijn 800e verjaardag.

[bewerken] Bezienswaardigheden

De belangrijkste bezienswaardigheden bevinden zich in de oude binnenstad welke ook op de UNESCO Werelderfgoedlijst staat. De binnenstad bevindt zich op de rechter oever van de Westelijke Dvina en wordt omringd door vestingwerken.

De art nouveauliefhebbers komen in Riga volop aan hun trekken. Michail Eisenstein, de vader van filmregisseur Sergej Eisenstein, is wel de bekendste architect van een aantal van de vele art-nouveauhuizenblokken in de zogenaamde "Stille Centrum" wijk ten noorden van de oude stad. In deze wijk zorgen ze voor een apart contrast met de overblijvende traditionele houten woningen.

De belangrijkste toeristische trekpleisters zijn:

[bewerken] Geboren

[bewerken] Partnersteden

[bewerken] Galerij

Uitzicht op Riga, met op de voorgrond de Westelijke Dvina

[bewerken] Externe link

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

Stadsgewesten (Republikas pilsētas):
Daugavpils · Jēkabpils · Jelgava · Jūrmala · Liepāja · Rēzekne · Riga · Valmiera · Ventspils
Gemeenten (Novadi):
Aglona · Aizkraukle · Aizpute · Aknīste · Aloja · Alsunga · Alūksne · Amata · Ape · Auce · Ādažu · Babīte · Baldone · Baltinava · Balvi · Bauska · Beverīna · Brocēni · Burtnieki · Carnikava · Cēsis · Cesvaine · Cibla · Dagda · Daugavpils · Dobele · Dundaga · Durbe · Engure · Ērgļi · Garkalne · Grobiņa · Gulbene · Iecava · Ikšķile · Inčukalns · Ilūkste · Jaunjelgava · Jaunpiebalga · Jaunpils · Jēkabpils · Jelgava · Kandava · Kārsava · Koknese · Krāslava · Krimulda · Krustpils · Kuldīga · Ķegums · Ķekava · Lielvārde · Līgatne · Limbaži · Līvāni · Lubāna · Ludza · Madona · Mālpils · Mārupe · Mazsalaca · Naukšēnu · Nereta · Nīca · Ogre · Olaine · Ozolnieki · Pārgauja · Pāvilosta · Pļaviņas · Preiļi · Priekule · Priekuļi · Rauna · Rēzekne · Riebiņi · Roja · Ropaži · Rucava · Rugāji · Rundāle · Rūjiena · Salacgrīva · Sala · Salaspils · Saldus · Saulkrasti · Sēja · Sigulda · Skrīveri · Skrunda · Smiltene · Stopiņi · Strenči · Talsi · Tērvete · Tukums · Vaiņode · Valka · Valmiera · Varakļāni · Vārkava · Vecpiebalga · Vecumnieki · Ventspils · Viesīte · Viļaka · Viļāni · Zilupe
Historische landstreken:
Koerland (Kurzeme) · Letgallen (Latgale) · Vidzeme (Vidzeme) · Semgallen (Zemgale) · Selonië (Sēlija)

Persoonlijke instellingen