Robert La Follette

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tom Robert La Follette
Robert La Follette Sr.jpg
Geboren 14 juni 1855
Primrose, Wisconsin
Overleden 20 juni 1925
Washington D.C.
Politieke partij Republikeinse Partij
Progressieve Partij
Partner Belle Case La Follette
Senator voor West Virginia
Aangetreden 2 januari 1906
Einde termijn 18 juni 1925
Voorganger Joseph V. Quarles
Opvolger Robert M. La Follette, Jr.
20e gouverneur van Wisconsin
Aangetreden 7 januari 1901
Einde termijn 1 januari 1906
Voorganger Edward Scofield
Opvolger James O. Davidson
Afgevaardigde voor Wisconsin
3e District
Aangetreden 4 maart 1885
Einde termijn 3 maart 1891
Voorganger Burr W. Jones
Opvolger Allen R. Bushnell
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Robert Marion La Follette sr. (Primrose (Wisconsin), 14 juni 1855 - Washington D.C., 20 juni 1925) was een Amerikaans politicus. Hij zetelde voor de Republikeinse Partij in de Senaat en was in 1924 voor de Progressieve Partij presidentskandidaat.

La Follette studeerde rechten aan de University of Wisconsin en werd in 1885 verkozen in het Huis van Afgevaardigden. Hij zou drie termijnen dienen als één van Wisconsin's vertegenwoordigers in het Congres. In 1890, toen de Democraten een grote overwinning behaalde bij Congressionele verkiezingen, verloor La Follette zijn zetel en keerde hij terug naar Wisconsin alwaar hij in 1900 het gouverneurschap naar zich toe trok. La Follette was tijdens zijn periode als gouverneur een voorstander van meer betrokkenheid van burgers bij het politieke proces. Zo pleitte hij voor het systeem waar de kiezers de kandidaten van een partij voor een gegeven functie konden bepalen (de zg. primaries) en was hij voor het houden van referenda bij belangrijke kwesties. Zijn progressieve agenda bracht hem nationale bekendheid en nadat hij zichzelf in 1905 voor een zetel in de Senaat had genomineerd zou zijn invloed op landelijk niveau sterk worden uitgebreid.

Als senator werd La Follette één van de leiders van de progressieve vleugel van de Republikeinse Partij, iets dat hem regelmatig in conflict bracht met de partijtop, met name na Theodore Roosevelts vertrek als president en het begin van het Taft tijdperk.

Breuk met de Republikeinse Partij[bewerken]

La Follette's meest bekende breuk met de Republikeinse leiding was zijn absolute oppositie tegen Amerikaanse deelname aan de Eerste Wereldoorlog, een positie die hem uitermate impopulair maakte. Hij werd herhaaldelijk afgeschilderd als pro-Duits. Nadat de VS de Centrale Mogendheden de oorlog had verklaard bleef La Follette strijden tegen president Wilson's beleid in de uitvoering van de oorlog. Zo was hij tegenstander van de militaire dienstplicht en verzette hij zich tegen Wilson's verzoeken aan het Congres om financiering van de oorlog. Zijn positie aangaande de oorlog maakte hem ook niet bijzonder geliefd bij zijn collega-senatoren die, hoewel hij geroemd werd om zijn oratiek, La Follette fel aanvielen en hem weinig tot geen gelegenheid tot weerwoord gaven.

Gaandeweg verloor La Follette velen van zijn medestanders, onder meer vanwege zijn felle oppositie tegen de oorlog. In 1924 brak de senator definitief met de Republikeinse Partij en, na eerder al afstand te hebben genomen van Theodore Roosevelts Progressieve beweging, vormde zijn eigen Progressieve Partij. Hij veroverde de nominatie van zijn partij voor de presidentsverkiezingen van 1924, hierbij gesteund door onder meer de vakbondsbeweging, socialisten, landbouworganisaties en andere progressieve elementen. Hij voerde campagne met als thema's onder andere meer rechten voor arbeiders, een einde aan de Amerikaanse interventies in Latijns-Amerika en het houden van een nationaal referendum voordat het land in oorlog kon geraken.

De verkiezingen verliepen slecht voor La Follette's partij en hij behaalde slechts de overwinning in één enkele staat, namelijk zijn eigen thuisstaat Wisconsin. Hij eindigde in derde positie, met de overwinning die toebehoorde aan president Calvin Coolidge die herkozen werd.

La Follette keerde hierop, tot aan zijn overlijden het volgende jaar, terug naar de Senaat.