Rode klaver

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rode klaver
Rode klaver.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Fabiden
Orde: Fabales
Familie: Leguminosae (Vlinderbloemenfamilie)
Onderfamilie: Papilionoideae
Geslacht: Trifolium (Klaver)
Soort
Trifolium pratense
L. (1753)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De rode klaver (Trifolium pratense) is een overblijvende plant uit de vlinderbloemenfamilie (Leguminosae ofwel Fabaceae). De rode klaver komt in het wild voor in heel Europa en in noordelijk en Centraal-Azië; zuidelijk vanaf het Middellands Zeegebied tot aan de Noordpoolcirkel. De rode klaver heeft zich ook in Noord-Amerika, Australië en Nieuw-Zeeland gevestigd.

Beschrijving[bewerken]

Rode klaver is een vaste plant met een samengesteld, drietallig blad. De plant kan 15-50 cm hoog worden. De stengel is behaard. De onderste bladeren zijn rond en langgesteeld, de bovenste bladeren bijna zittend, langwerpig en aan onder- en bovenzijde bedekt met haartjes. In het midden van deze bladeren zit een lichte vlek. Naast de bovenste bladeren zitten eivormige blaadjes.

Bovenste blad van Rode klaver

De rode klaver bloeit van juni tot in de herfst met roze tot rode bloemen. De bloeiwijzen zijn bol tot eivormig en hebben aan de voet van de bovenste bladeren steunblaadjes.

De rode klaver werd vroeger veel gebruikt als voedergewas en komt nu weer meer in de belangstelling voor de ecologische landbouw. Wordt nu nog wel geteeld als stoppelgewas, dat wil zeggen dat de rode klaver wordt in maart en april onder graan gezaaid en groeit na de oogst van het graan verder. De rode klaver heeft een zeer laag blauwzuurgehalte. Er zijn zowel diploïde als tetraploïde rassen. De tetraploïde rassen zijn goed wintervast; de diploïde iets minder goed.

De rode klaver komt van nature niet voor in Australië en Nieuw-Zeeland maar de soort is er door de kolonisten ingevoerd. Voor de bestuiving werden er rond 1880 hommels uit Zuid-Engeland geïntroduceerd, omdat geen van de inheemse bijen door de diepe kroonbuizen de rode klaver konden bestuiven. Alleen een uitrolbare hommeltong kan de rode klaver bestuiven. Voor de zaadproductie worden in Denemarken en Frankrijk gekweekte hommels ingezet voor het bestuiven van de rode klaver.

Het klaverblauwtje (Cyaniris semiargus) leeft alleen van de rode klaver en staat op de Nederlandse Rode lijst dagvlinders.

Ziekten en plagen[bewerken]

De tetraploïde rassen zijn minder vatbaar voor klaverkanker (Sclerotinia trifoliorum) dan de diploïde rassen. Verder kan Rode klaver aangetast worden door het stengelaaltje (Ditylenchys dipsaci) en meeldauw (Erisyphe trifolii).

Waardplant[bewerken]

De rode klaver is een waardplant voor de vlinders klaverblauwtje, staartblauwtje, mi-vlinder, bruine daguil en gamma-uil en de microvlinders Phyllonorycter insignitella en Coleophora deauratella.

Bloemdiagram[bewerken]

Trivia[bewerken]

In Ierland is het blad van de rode klaver het nationale embleem.

Externe links[bewerken]