Ronse

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ronse
Stad in België Vlag van België
Vlag van Ronse Wapen van Ronse
Ronse
Ronse
Geografie
Gewest Vlag Vlaams Gewest Vlaanderen
Provincie Vlag Oost-Vlaanderen Oost-Vlaanderen
Arrondissement Oudenaarde
Oppervlakte
– Onbebouwd
– Woongebied
– Andere
34,48 km² (2011)
69,2%
15,64%
15,16%
Coördinaten 50° 45' NB, 3° 36' OL
Bevolking (Bron: ADSEI)
Inwoners
– Mannen
– Vrouwen
– Bevolkingsdichtheid
25.629 (01/01/2014)
49,13%
50,87%
743,26 inw./km²
Leeftijdsopbouw
0-17 jaar
18-64 jaar
65 jaar en ouder
(01/01/2008)
22,84%
59,18%
17,98%
Buitenlanders 6,07% (01/01/2010)
Politiek en bestuur
Burgemeester Luc Dupont (CD&V)
Bestuur CD&V/Groen!, N-VA, Liberale Unie
Zetels
CD&V/Groen!
sp.a
N-VA
Vlaams Belang
Liberale Unie
29
10
8
5
4
2
Economie
Gemiddeld inkomen 13.925 euro/inw. (2011)
Werkloosheidsgraad 12,91% (jan. 2009)
Overige informatie
Postcode
9600
Deelgemeente
Ronse
Zonenummer 055
NIS-code 45041
Politiezone Ronse
Website www.ronse.be
Detailkaart
RonseLocatie.png
ligging binnen het arrondissement Oudenaarde
in de provincie Oost-Vlaanderen
Portaal  Portaalicoon   België

Ronse (Frans: Renaix) is een stad en faciliteitengemeente in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen. De stad telt ruim 25.000 inwoners, die Ronsenaars[1] worden genoemd. Sint-Hermes is haar patroonheilige. Ronse is gelegen in het Zuid-Vlaamse Heuvelland of de zogenaamde Vlaamse Ardennen. De schrijver Omer Wattez noemde Ronse ook wel "de koningin der Vlaamse Ardennen", omwille van de ligging en groene omgeving.

Etymologie[bewerken]

De naam Ronse, voor het eerst vermeld als Rotnace (855-873), wijst op een Belgische of Keltische oorsprong. Deze naam is afgeleid van de nabijgelegen rivier de Ronne met het Keltische achtervoegsel -acum, wat ongeveer "vestiging aan de Ronne" betekent. Door de eeuwen heeft hij zowel een Germaanse ontwikkeling met klemtoon op de eerste lettergreep (Ronse) en Romaanse ontwikkeling die de klemtoon bewaard heeft (Renaix), doorgemaakt.

Ronsisch dialect[bewerken]

het Ronsisch dialect ontstond onder invloed van Brabantse dialecten, namelijk het zgn. Pajottenland en, verder nog, onder invloed van het Brussels. Ook enkele gemeenschappelijke klanken met de rollende accenten uit de Denderstreek vallen er in het Ronsisch dialect te horen, terwijl het nochtans nabije West-Vlaanderen, en de typische klanken van de Schelde- en Leie-dialecten van generlei invloed waren. Dat komt, omdat de stad het eindpunt was in een eerste germaniseringsgolf die bekendstaat als de lijn Ronse - Béthune[2] Pas later kwam het (deels door de zee vrijgegeven en herschapen) kustgebied onder Germaanse (lees: Vlaamse) invloed te staan[3]. Men zou er dus uit af kunnen leiden dat de streken ten oosten van de stad mede haar taal en haar uitwisselingen vorm hebben gegeven.

Geschiedenis[bewerken]

Vroege nederzettingen[bewerken]

Vanaf het Paleolithicum werden reeds verschillende heuvels in de Vlaamse Ardennen door de mens bewoond. Ook in en rond het Muziekbos zijn sporen van menselijke activiteit gevonden. Maar pas tijdens het Neolithicum is er in Ronse sprake van een permanente nederzetting, die vooral gebaseerd was op landbouw en veeteelt. In 1836 en 1875 werden van een 17-tal grafheuvels of tumuli uit de vroege en midden Bronstijd (ca. 2.100-1.200 v. Chr.) blootgelegd, waaronder twee met urnen met crematieresten in een grafkamer van lokale zandsteen.

Ook in de Romeinse tijd bevond zich op het grondgebied van Ronse een nederzetting. Dit wordt bevestigd door fragmenten van een Romeins bouwwerk die als recuperatiemateriaal herbruikt werden in de romaanse gewelven van de Sint-Hermescrypte. Ook zijn er Romeinse munten gevonden op de Muziekberg en in het Bois Joly daterend uit de 2de en 4de eeuw na Christus. Eind de 5de eeuw werden de Romeinen verjaagd door Childerik. Daar waar de Romeinse cultuur de Germaanse bezetting overleefde ontstond de taalgrens.

Amandus, stichter van Ronse

Middeleeuwen[bewerken]

Vroege Middeleeuwen[bewerken]

Nadat tijdens de ‘donkere’ middeleeuwen de Romeinse infrastructuur volledig in verval is geraakt, stichtte Sint-Amandus, met de steun van de Merovingische vorst Dagobert I voor de evangelisatie van onze contreien [4], in de 7de eeuw een klooster gewijd aan de heiligen Petrus en Paulus. Deze patrocinia als Sint-Pieter, Sint-Paulus en Sint-Martinus zoals in Ronse duiden op de vroegste kersteningsperiode van onze streken in de 7de eeuw [5] [6].

Karel de Grote, die als Karolingische vorst het beschikkingsrecht had over Ronse, schonk het klooster als financiële en materiële ondersteuning aan Heridag, de eerste bisschop van het bisdom Hamburg. Na zijn overlijden schonk zijn zoon en opvolger Lodewijk de Vrome, tussen 831 en 834 het kloosterdomein, als onderdeel van het "Tenement van Inde", aan de abdij van Inde te Kornelimünster bij Aken [7]. Deze eerste bloeiperiode kwam in 860 met de komst van de relieken van Sint-Hermes van Salzburg naar Ronse op vraag van keizer Lotharius. In 880 vluchtten de monniken echter met hun kostbaarheden uit vrees voor de oprukkende Noormannen, die de Schelde gebruikten als toegangspoort tot de Lage Landen. In 940 keerden de relieken van Sint-Hermes terug door bemiddeling van de bisschop van Kamerijk, Fulbert en werden ze in 1089 ondergebracht in de crypte onder de Sint-Hermeskerk. De relieken stimuleerden de plaatselijke economie door de komst van vele geesteszieken, die bij Sint-Hermes soelaas kwamen zoeken.

Hoge Middeleeuwen[bewerken]

Graafschap Vlaanderen (eind 14e eeuw) met de grens van het Heilige Roomse Rijk in het rood met ten westen Kroon-Vlaanderen en ten oosten Rijks-Vlaanderen

Met het verdrag van Verdun in 843 en het uiteenvallen van het Frankische Rijk van Karel de Grote, vormde de Schelde vanaf 925 de grens tussen het Franse en het Duitse Rijk: Het gebied ten oosten van de Schelde kwam onder het gezag van de Duitse keizer, Lotharius I, terwijl het andere viel onder de soevereiniteit van de Franse koning, Karel de Kale. Om de westgrenzen van zijn rijk te beschermen, richtte de Duitse keizer Otto II (973-983) drie belangrijke versterkingen op langs de rechteroever van de Schelde. Samen met Antwerpen en Valenciennes, werd Ename in 974 gesticht als hoofdplaats van de Mark Ename.

Uit de verbrokkeling van het West-Frankische rijk ontstond het graafschap Vlaanderen. Gesteund door een aantal aanzienlijke families uit de Scheldevallei, de huizen van Petegem, Oudenaarde en Eine, wist de Boudewijn IV van Vlaanderen in 1033 Ename aan de overzijde van de Schelde te veroveren, maar de Duitse keizer wilde hem de mark evenwel niet toekennen. Toen Boudewijn V van Vlaanderen zich aansloot bij de opstand van Godfried II van Lotharingen, werd hem de mark Valencijn ontnomen, waarop hij in 1047 Ename opnieuw bezette. Kort na 1056 werd Rijks-Vlaanderen, het noordwestelijke deel tussen Schelde en Dender, door de Duitse keizer toegewezen aan de graven van Vlaanderen. Rijks-Vlaanderen is evenwel niet te verwarren met Kroon-Vlaanderen, dat ten westen van de Schelde lag en in leen werd gehouden van de Franse koningen.

De heer van Oudenaarde-Pamele verwierf, vermoedelijk als beloning voor steun aan de graaf, verschillende heerlijkheden gelegen tussen de waterlopen Maarke en Ronne op de rechter Schelde-oever, het zogenaamde Land tussen Marke en Ronne. Later hielden zij het in leen van de heren van Heinsberg en Gullik[8]

Dezelfde heren van Pamele werden door de abt van de verafgelegen abdij van Inde aangesteld als voogd van het "Tenement van Inde", waaronder het klooster van Ronse, terwijl Gerard de Wattripont, leenman van de heer van Oudenaarde, in 1126 werd aangesteld als ondervoogd. Het was Gerard de Wattripont die de nederzetting in 1240 een stadskeure verleende, het gebied in 1264 afkocht van de abdij en zodoende de eerste heer van Ronse werd. In 1280 verkocht de abdij de overblijvende bezittingen van het Tenement, waaronder Ronse aan Gwijde van Dampierre, graaf van Vlaanderen. In 1293 verwierf hij ook de stad. Ronse, werd vanaf toen "stad en de heerlijkheid Ronse" genoemd. De vrije heerlijkheid en baronie van Ronse vormde een onafhankelijke enclave in het land van Aalst. Gwijde gaf het gebied in 1289 in leen aan zijn zoon Gwijde van Namen [9].

Late Middeleeuwen[bewerken]

Land Van Aalst door Jacques Horenbault in 1619

Het Tenement, dat aanvankelijk bestond uit een twintigtal dorpen, zowel ten noorden als ten zuiden van de huidige taalgrens, werd door het Sint-Hermeskapittel bestuurd vanuit "De Vrijheid" voor rekening van de abdij van Inde. [10].

Gaandeweg kalfde dit patrimonium echter af, tot abt van Kornelismünster omstreeks 1280 de overblijvende bezittingen van het Tenement, waaronder Ronse, verkocht aan de graaf van Vlaanderen,Gwijde van Dampierre. Daarnaast verkoopt Gilles de Wattripont in 1293 de ondervoogdij en al zijn rechten en verwierf Gwijde van Dampierre ook de stad. Ronse werd vanaf toen "stad en de heerlijkheid Ronse" genoemd. De vrije heerlijkheid - vanaf 1549 de baronie van Ronse - vormde een onafhankelijke enclave in het land van Aalst. Gwijde gaf het gebied in 1289 in leen aan zijn zoon Gwijde van Namen.

Ronse werd in het noorden militair en strategisch afgebakend door een gordel van moten langs de Molenbeek (waaronder de Hoge Mote>), terwijl de verdediging in het zuiden gevormd werd door vesten (waaronder de Oude Vesten)[11]. Voor de rest bleef de stad onversterkt en was aldus verschillende decennia betwist gebied tussen de graven van Vlaanderen en Henegouwen. Zo wordt Ronse in 1298 geplunderd en platgebrand bij de machtsstrijd tussen de Dampierres en de Avesnes omtrent het Debattenland. Pas na de Vrede van Parijs in 1323 behoorde Ronse definitief toe aan de graaf van Vlaanderen onder de kasselrij van Aalst en beschikte tot aan de Franse Revolutie over een volledige juridische en fiscale onafhankelijkheid en een eigen rechtssysteem. Op kerkelijk gebied ressorteerde Ronse tot 1559 onder het bisdom Kamerijk, nadien onder het bisdom Mechelen en sinds 1801 onder het bisdom Gent.

Een tweede heerlijkheid op het grondgebied van Ronse was de vrijheerlijkheid of "De Vrijheid". Dit was het ca. 5 ha omheind gebied met het St.-Pieters-en-Hermesklooster als centrum, met de kapittelproost als wereldlijke heer en een eigen rechtsmacht.

Een derde kleine heerlijkheid, de "heerlijkheid en vrijheid van Landenbourg", tot de 17de eeuw "Audenbroeck" genoemd, vormde als leen van de heerlijkheid van Frasnes, een Henegouwse enclave in Vlaanderen.

Renaissance en Ancien régime[bewerken]

Ronse rond 1641-1644
Ronse rond 1777 op de Ferrariskaart

In 1513 en 1553 werd Ronse getroffen door hevige stadsbranden maar de brand van 21 juli 1559 ruïneerde de stad volledig. Hierop krijgt Ronse gedurende twintig jaar een belastingsvrijstelling van van koning Filips II. Tijdens de Beeldenstorm vluchtten de geestelijken en werd de Sint-Hermeskerk gesloten. In de periode tussen 1550 en 1580 was Ronse een belangrijk centrum van calvinisme in de Spaanse Nederlanden. Maar na de nederlaag van de protestanten tegen de hertog van Alva in de Zuidelijke Nederlanden vertrokken veel protestantse wevers naar Holland. Ook vertrok een groot deel van de sociale bovenklasse naar gelijkgezinde buurlanden, zoals Duitsland, Engeland en de Noordelijke Nederlanden.

Aan het begin van de 17de eeuw haalde Ronse voordeel uit de relatieve vreedzame periode onder Ferdinand en Isabella. Tijdens deze periode werd één van de grootste kastelen van de Nederlanden gebouwd voor Jan VIII van Nassau-Siegen, die sinds 1629 baron van Ronse was. Van 1680 tot 1700 werd Ronse een tijdlang aan Frankrijk gehecht, ondanks de tegenstand van de Spaanse koning.

Na de Franse Revolutie[bewerken]

Na deze eerste Franse aanhechting keerde de de stad terug naar het graafschap Vlaanderen onder Oostenrijks bewind om na de slag bij Fleurus weer door Frankrijk bezet te worden. Met de annexatie bij Frankrijk in 1795 kwam een einde aan de bestuurlijke en gerechtelijke verscheidenheid in Ronse tussen Vrijheid, stad, baronie en heerlijkheid van Landenbourg en werd Ronse één gemeente in het Scheldedepartement. Ronse werd in deze periode geconfronteerd met belangrijke onteigeningen en de stad bevond zich snel in financiële moeilijkheden. In 1796, werd de oude stadsadministratie ontbonden om plaats te maken voor de Franse wetgeving tot de val van het Napoleontische rijk in 1815 waarbij Ronse deel ging uitmaken van de Nederlandse provincie Oost-Vlaanderen. Onder Frans bewind werd de baronie opgeheven en het kasteel van Ronse verkocht. Vanaf dan begon het kasteel zeer snel tot een ruïne te vervallen totdat het in 1823 werd afgebroken.

De maatschappelijke elite van de stad was sedert de 19e eeuw verfranst geraakt. De flamingante burgemeester Leo Vindevogel (1941-1944) heeft veel gedaan om de positie van het Nederlands te versterken, maar maakte hierdoor veel vijanden. Dit kan hebben bijgedragen tot een aanklacht, op grond waarvan hij in september 1945 ter dood veroordeeld en geëxecuteerd werd.[12]

Textielnijverheid[bewerken]

Vanaf 1250 kende Ronse een opgang van de industrie en was vanaf de 13e eeuw een centrum van lakenindustrie mede door een privilege verleend door Jan I van Brabant.

Op 26 maart 1478 plunderden de Franse troepen de stad en staken ze in brand. Maar de stad herstelde snel van de aanval dankzij deze lakenindustrie. Onder druk van de Engelse concurrentie schakelde Ronse over van wol- naar vlasnijverheid en werd een belangrijk centrum van saquin, het grof linnen, dat op de lijnwaadmarkt van Oudenaarde en Ath via Spanje ook zijn weg vond naar de Nieuwe Wereld.

In 1513 en 1553 werd Ronse getroffen door hevige stadsbranden maar de brand van 21 juli 1559 ruïneerde de stad volledig. Hierop krijgt Ronse gedurende twintig jaar een belastingsvrijstelling van van koning Filips II. Tijdens de Beeldenstorm vluchtten de geestelijken en werd de Sint-Hermeskerk gesloten. In de periode tussen 1550 en 1580 was Ronse een belangrijk centrum van calvinisme in de Spaanse Nederlanden. Maar na de nederlaag van de protestanten tegen de hertog van Alva in de Zuidelijke Nederlanden vertrokken veel protestantse wevers naar Holland. Ook vertrok een groot deel van de sociale bovenklasse naar gelijkgezinde buurlanden, zoals Duitsland, Engeland en de Noordelijke Nederlanden [13].

In 1840, binnen het nieuw opgerichte Koninkrijk België, was meer dan 55% van de bewoners afhankelijk van de textielindustrie. De bloei in textielnijverheid leidde tot een groeiende bevolking en welvaart. Maar een paar jaar later leidde deze afhankelijkheid door de toegenomen mechanisatie echter tot een diepe economische crisis. Veel inwoners verlieten daarop de stad om in Noord-Frankrijk (Rijsel-Roubaix-Tourcoing) in de textielnijverheid te werken of om in regio van de Somme of de Oise in de landbouw te gaan. Vanaf de jaren 1870, bloeide de textielindustrie ondanks een tijdelijke vertraging tijdens de Eerste Wereldoorlog. Tussen de twee wereldoorlogen in groeide Ronse uit tot het tweede textielcentrum in Vlaanderen, met de nadruk op katoen. De neergang van deze industrietak begon na de Tweede Wereldoorlog, maar raakte pas echt in grote moeilijkheden in de jaren 1960.

Vandaag de dag is Ronse een handelsstad met een provinciaal karakter en een belangrijk regionaal onderwijscentrum met verzorgende functie. Als "Parel van de Vlaamse Ardennen" profileert de taalgrensstad zich als een cultuur-toeristisch centrum van waaruit men de natuur van de Vlaamse Ardennen kan ontdekken. hierdoor kent Ronse een steeds toenemend dagtoerisme.

Om in te haken op het textielverleden van Ronse en een link te leggen met de toekomst van textiel, werd eind 2011 het Textile Open Innovation Centre (TIO³) geopend.

Kernen[bewerken]

Ronse heeft geen deelgemeenten. Net ten westen van de stadskern ligt wel het gehucht De Klijpe. In het noordoosten van Ronse, op de grens met Etikhove ligt het dorpje Louise-Marie.

# Naam Inwoners
I
 
(II)
Ronse
- Ronse
- De Klijpe
 

De gemeente Ronse grenst aan de volgende dorpen en gemeenten:

Ronse, kernen en buurgemeenten. De gele gebieden zijn bebouwde kernen.

Bezienswaardigheden[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook: Lijst van onroerend erfgoed in Ronse

Evenementen[bewerken]

  • Ronsense Bommelfeesten of Bommels vinden plaats in januari op de zaterdag vóór de eerste maandag na Driekoningen. Dit is het eerste carnaval van het jaar in België. De wortels kunnen worden getraceerd tot in de middeleeuwen.
  • De Fiertel, die ook uit de middeleeuwen stamt, vindt plaats op Drievuldigheidszondag. Bij die gelegenheid wordt het reliekschrijn van Sint-Hermes in processie rond de stad gedragen over een afstand van 32 km. Dit schrijn wordt gevolgd door honderden juichende wandelaars en fietsers.
  • De Ronde van Vlaanderen die volgens de allergrootsten onder de wielrenners een van de mooiste klassiekers aller tijden is.

Politiek[bewerken]

Zetelverdeling gemeenteraad 2013-2018
8
2
10
5
4
10 
De 29 zetels zijn verdeeld onder:

██ sp.a: 8

██ Liberale Unie: 2

██ CD&V Groen: 10

██ N-VA: 5

██ VB: 4

Bestuur 2013-2018[bewerken]

In 2012 kwam er op politiek vlak heel wat verandering in Ronse. De Open Vld en de GB-IC herenigden zich opnieuw en namen samen deel aan de gemeenteraadsverkiezingen onder de naam Liberale Unie. Verder kwam er een breuk in het kartel sp.a-Groen. De groenen kozen ervoor om samen met de CD&V naar de kiezer te stappen. Ook de N-VA kreeg nieuw leven in 2012. De partij nam met een volledige lijst deel aan de verkiezingen. Het Vlaams Belang kende in 2012 dezelfde trend als elders in Vlaanderen, een groot verlies. Een opvallend fenomeen in Ronse was de verjonging van de politiek. Nog nooit namen zoveel jongeren deel aan de gemeenteraadsverkiezingen.

Ondanks een mondeling akkoord tussen CD&V-Groen en sp.a op 14 oktober 2012, de dag van de verkiezingen, kwam toch een andere coalitie aan de macht. CD&V-Groen ging in zee met N-VA en de Liberale Unie.[14] Voor het eerst sinds 83 jaar is er een bestuur zonder socialisten in Ronse. Burgemeester blijft Luc Dupont (CD&V/Groen). Hij leidt een coalitie bestaande uit CD&V-Groen, N-VA en Liberale Unie. Samen vormen ze de meerderheid met 17 op 29 zetels.

Resultaten gemeenteraadsverkiezingen sinds 1976[bewerken]

In onderstaande tabel zijn de politieke verschuivingen vanaf 1976 in Ronse duidelijk te merken. In 1976 behaalde de lijst RN 13,7 %, maar de lijst verdween bij de volgende verkiezingen. De lijst LDR-EDB (Liberale Democraten Ronse-Eenheid der Belgen) kwam op in 2000 en ging daarna op in VLD. De partij GB-IC (Gemeentebelangen-Intérêts Communaux) is een lokale afscheuring van de VLD en kwam met een afzonderlijke lijst in 2006.

Partij 10-10-1976[15] 10-10-1982[15] 9-10-1988[15] 9-10-1994[15] 8-10-2000[15] 8-10-2006[16] 14-10-2012[17]
Stemmen / Zetels % 29 % 27 % 27 % 27 % 27 % 27 % 29
CVP1/CD&V2 29,631 9 25,711 8 22,091 6 26,531 8 23,631 7 26,742 8 -
CD&V Groen - - - - - - 31,87 10
Belang Ronse+N-VA - - - - - 2,28 0 -
N-VA - - - - - - 17,67 5
PVV1/VLD2 24,41 7 21,661 6 27,161 7 14,112 4 15,382 4 112 2 -
GB-IC - 3,48 0 - - - 9,36 2 -
Liberale Unie - - - - - - 10,31 2
SP1/sp.a2 32,221 10 36,841 11 43,781 13 30,821 10 23,131 7 - 25,982 8
sp.a Groen! - - - - - 26,73 8 -
AGALEV - - 6,97 1 4,69 0 4,86 0 - -
Vlaams Blok1/Vlaams Belang2 - - - 7,671 1 20,361 6 23,892 7 14,172 4
RN 13,75 3 6,21 1 - - - - -
RTWEED - 6,1 1 - - - - -
LDR-BEB - - - 16,17 4 - - -
LDR-EDB - - - - 12,63 3 - -
Totaal stemmen 17967 16341 17041 16344 16258 16644 16429
Opkomst % 93,34 91,31 91,87 92,99 90,06
Blanco en ongeldig % 4,1 7,04 5,98 8,08 7,07 6,37 7,55

De zetels van de gevormde meerderheid staan vetjes afgedrukt
De rode cijfers naast de gegevens duiden aan onder welke naam de partijen telkens bij een verkiezing opkwamen.

Burgemeesters [18][bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie lijst van burgemeesters van Ronse voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Geboren in Ronse[bewerken]

Partnersteden[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. VRT-Taalnet
  2. J.-M. Lambin, Quand le Nord devenait français, Fayard, Parijs, 2008 (heruitgave): "Sur la carte, il est facile de repérer une autre frontière, voisine dans sa nature, mais décalée de quelques kilomètres vers le sud: la frontière toponymique le long d'une ligne Béthune - Lille - Renaix, séparant les noms de lieux se terminant par -inghem, -kerque et -zeele au nord et par -y et -court au sud. Ces noms de lieux sont la trace d'une ancienne frontière linguistique. (...) Nous avons là une trace concrète de l'avancée de populations germaniques, venues par terre et par mer, dans les régions les plus septentrionales des Pays-Bas aux environs des VIIe - VIIIe siècles. (...) La Flandre est donc traversée par une très vieille frontière séparant des populations d'origines différentes et qui ne correspond absolument pas à la frontière politique actuelle (blz. 12-13).
  3. Ibid.
  4. Catholic Encyclopedia, St. Amandus
  5. Over heiligen en de kerstening van westelijk Vlaanderen, Jean Luc Meulemeester
  6. DEVOS, E.. Ronse in de Vlaamse Ardennen. Leuven: Davidsfonds, 2002, 112 p.
  7. hoogtepunten in de geschiedenis van het sint-pietersmonasterium van Ronse, Albert Cambier
  8. Geschiedenis van Maarkedal
  9. Inventaris van het archief van het leenhof van het Land tussen Marke en Ronne, Herman Van Isterdael
  10. Ronse en de taalfaciliteiten. Een historische analyse van de omgang met het faciliteitenstatuut, Hans Haustraete, Universiteit Gent, Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, Vakgroep Nieuwste Geschiedenis
  11. http://www.ontdekronse.be/ontdekken/monumenten/artikel/hoge-mote]
  12. Herinneringen en meningen
  13. Oswald Schneider, Ronse, koningin van de Vlaamse Ardennen. Haar geschiedenis en haar Textielnijverheid, p.5.
  14. Stadsbestuur Ronse legt opvallende accenten. Het Nieuwsblad (20 december 2012) Geraadpleegd op 7 januari 2013
  15. a b c d e Gegevens 1976-2000:Verkiezingsdatabase Binnenlandse Zaken
  16. Gegevens 2006: http://www.vlaanderenkiest.be/verkiezingen2006
  17. Gegevens 2012: www.vlaanderenkiest.be/verkiezingen2012
  18. Belgique: Ronse (Renaix) GeneaWiki
  19. Ronse: Ereburgemeester overleden