Ruimte (toegankelijk deel van een gebouw)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een ruimte is een plaats in een gebouw die geheel of gedeeltelijk door bouwkundige scheidingsconstructies wordt begrensd. Als er mensen kunnen verblijven en er activiteiten plaatsvinden spreekt men van verblijfsruimte.

Volgens NEN 2580[bewerken]

De ruimte moet deel uit maken van het gebouw. Als voorwaarde geldt dat er een vloer is die onderdeel uitmaakt van de constructie van het gebouw, daaronder valt bijvoorbeeld ook een balkon, of dat er een overdekkende constructie aanwezig is, zoals een carport (autoafdak).

Als er een overdekkend bouwdeel ontbreekt moet op vloerniveau een omsluiting ic afscheiding in vorm van bijvoorbeeld een borstwering, een balustrade of iets dergelijks aanwezig zijn, voordat er sprake is van een "ruimte". De hoogte van de afscheidingen moet minimaal overeenkomen met de overheidsvoorschriften die daaraan worden gesteld. Deze hoogte-eis heeft betrekking op het hoogste punt. Een vertrek, waarvan slechts een deel hoger is dan 1,5m wordt in zijn geheel als ruimte beschouwd. Vanwege deze eis worden kruipruimten, kelders, zolders en dergelijke lager dan 1.5m niet als ruimte beschouwd.

Overzicht[bewerken]

Binnenruimte[bewerken]

Een binnenruimte is in principe aan alle kanten omsloten door wanden over de volledige hoogte en voorzien van een dichte vloerconstructie aan zowel onder- als bovenzijde. Een kruipruimte met een hoogte van 1,5m of meer of zonder harde vloer, zoals zand, kan niet worden aangemerkt als (binnen)ruimte.

Voorbeeld van een binnenruimte: Onder kamer verstaat men over het algemeen een ruimte in een woning of een ander gebouw. Elke kamer zal een deur bezitten die toegang tot de kamer geeft. De meeste kamers hebben ook één of meerdere ramen. In een kamer treft men soms kamerplanten aan, in tegenstelling tot kasplantjes. Men onderscheidt:

Er zijn ook andere ruimtes in een woning die geen kamer genoemd worden, zoals de

Vroeger had men ook een voorraadkamer, een ijskamer enz.

Ook buiten woningen worden kamers aangetroffen, bijvoorbeeld een wachtkamer bij een arts of op het station. In een winkel treft men een kleedkamer of paskamer aan. Is in de laatste gevallen de kamer kleiner dan een zekere (niet vastgelegde) omvang, dan spreekt men ook wel van een "-hokje".

Een dode kamer is een ruimte voor het verrichten van akoestische metingen.

In een school wordt gebruikgemaakt van een klaslokaal om hier de leerlingen les te geven.

Gebouwgebonden buitenruimte[bewerken]

Een ruimte die door het ontbreken van uitwendige bouwkundige scheidingsconstructies permanent in open verbinding staat met de bodem en/of buitenlucht. Gebouwgebonden buitenruimten worden onderscheiden in:

  • Overdekte gebouwgebonden buitenruimten
  • Niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten

Overdekte gebouwgebonden ruimte[bewerken]

Een gebouwgebonden buitenruimte of een deel daarvan dat geheel overdekt is, waarbij de breedte van de verticale projectie van het overdekkende bouwdeel op het horizontale vlak groter is dan de helft van de netto-hoogte en ten minste gelijk is aan 0,75m.

Niet overdekte gebouwgebonden buitenruimte[bewerken]

Een gebouwgebonden buitenruimten of een deel daarvan dat niet overdekt is.

Bouwlaag[bewerken]

Een deel van een gebouw, dat bestaat een of meer ruimten, waarbij de bovenkanten van de afgewerkte vloeren van twee aan elkaar grenzende ruimten niet meer dan 1,5m in hoogte verschillen.

Gebouw (functie)[bewerken]

Gebouw of deel van een gebouw, welk gebouw of welk gedeelte daarvan blijkens zijn constructie en inrichting is bestemd voor specifieke doeleinden, zoals een bijeenkomstgebouw, cel- en cellenbouw, gezondheidszorggebouw, horecagebouw, industriegebouw, kantoorgebouw, logiesgebouw, onderwijsgebouw, sportgebouw, stationsgebouw, winkelgebouw of woning cq woongebouw.

Gemeenschappelijke ruimte[bewerken]

Tot een gebouw behorende ruimte waarop twee of meer woningen of logiesverblijven zijn aangewezen.

Algemene ruimte[bewerken]

Een, niet in een woon- of logiesgebouw gelegen, besloten ruimte waarop twee of meer gebouwfuncties zijn aangewezen.

Ruimte of voorziening voor verticaal verkeer[bewerken]

Een ruimte respectievelijk een voorziening binnen een ruimte die dient voor de verkeersafwikkeling tussen de bouwlagen van een gebouw.

Stallingruimte[bewerken]

Stallingruimte als bedoeld in het bouwbesluit

Ondergeschikt bouwdeel[bewerken]

Bouwdeel van beperkte afmetingen, dat buiten de hoofdmassa van het gebouw uitsteekt.

Gebruikseenheid[bewerken]

Geheel van ruimten voor een gebruiker of ene gebruikersgroep. Ook wel bekend onder het begrip "gebruikersfunctie".

Afstand[bewerken]

Lengtemaat, gemeten langs de kortste verbindingslijn tussen twee punten

Vrije doorgang[bewerken]

De afstand in horizontale richting tussen de tegenover elkaar gelegen bouwdelen van een opening of doorgang.

Zie ook[bewerken]