Indonesische roepia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Rupiah)
Ga naar: navigatie, zoeken
Rupiah
Land Indonesië
Verdeling 100 sen
ISO 4217-code IDR
Afkorting of valutateken Rp
Voorgaande munteenheid Nederlands-Indische gulden,
Nederlands-Nieuw-Guineese gulden
Wisselkoers 1 EUR = 12.346,57 IDR
(20 oktober 2010)
Actuele wisselkoers (en) XE.com
(en) Yahoo Finance
Portaal  Portaalicoon   Economie

De roepia (Indonesisch: rupiah) is de munteenheid van Indonesië (valutacode IDR).

De volgende munten worden gebruikt: 50, 100, 200, 500 en 1000 roepia.

Inhoud

Munten [bewerken]

Er zijn twee series munten in omloop: aluminiumbronzen en bimetalen munten uit 1991–1998 en lichtgewicht aluminium munten vanaf 1999.[1]

Munten [2]
Afbeelding Waarde Serie Diameter Dikte Gewicht Materiaal Voorkant Achterkant Beschikbaarheid
Voorkant Achterkant
Rp 50 1999 20 mm 2 mm 1.36 g Aluminium Wapen van Indonesië Kepodang en muntwaarde Gemiddeld
Rp 100 1999 23 mm 2 mm 1.79 g Palmkaketoe en muntwaarde Hoog
Rp 200 2003 25 mm 2.3 mm 2.38 g Balispreeuw en muntwaarde
Rp 500 1991 24 mm 1.8 mm 5.29 g Aluminiumbrons Jasminum en muntwaarde Laag
1997 1.83 mm 5.34 g Gemiddeld
2003 27 mm 2.5 mm 3.1 g Aluminium Hoog
Rp 1,000 1993 26 mm 2 mm 8.6 g Bimetaal, nikkel en aluminiumbrons Palmboom en muntwaarde Laag
2010 24.15 mm 1.6 mm 4.5 g Nikkelstaal Wapen van Indonesië en muntwaarde Angklung and Gedung Sate Hoog

Bankbiljetten [bewerken]

Waarde (S/.) Portret Voorzijde Achterzijde
1000 Kapitein Pattimura
2000 Pangeran Antasari
5000 Imam Bonjol
10.000 Mahmud Badaruddin II
20.000 Otto Iskandar Di Nata
50.000 I Gusti Ngurah Rai
100.000 Soekarno en Hatta

Geschiedenis [bewerken]

Stapel biljetten van 50000 roepia

Indonesië gebruikte de Nederlandse gulden van 1610 tot 1817, toen de Nederlands-Indische gulden werd geïntroduceerd. De naam "roepia" (een variant van de naam roepie in India) werd voor het eerst geïntroduceerd tijdens de Japanse bezetting in de Tweede Wereldoorlog in plaats van "gulden", en na het eind van de oorlog gaf de Javasche Bank kort zijn eigen roepia uit als vervanging. De gulden van Nederland en de diverse guerrilla-verbonden munten waren ook in gebruik op de archipel.

Op 2 november 1949, vier jaar nadat onder leiding van Soekarno de onafhankelijkheid was uitgeroepen, werd de Indonesische roepia geïntroduceerd als nieuwe nationale valuta.

De roepia was aanvankelijk een gulden waard, maar onder de heerschappij van Soekarno was de inflatie bijzonder hoog. In december 1965, kort na de Kudeta, werd er een nieuwe roepia van 1000 oude roepia's ingevoerd, die desalniettemin slechts ongeveer 30 (gulden-) cent (8½ dollarcent) waard was.

Ook daarna bleef de geldontwaarding aanhouden, zij het in een wat langzamer tempo. Na een devaluatie in september 1986 was de dollar ongeveer 1600 (nieuwe) rupiah waard. Daarna brak er een decennium van relatieve stabilisatie aan. In 1997/1998 werd de Amerikaanse dollar voor 2000 tot 3000 roepia verhandeld. Door de monetaire crisis (Krismon) van dat jaar kelderde de rupiah geweldig, tot ongeveer 17.500 voor een dollar, op het dieptepunt in juni 1998. In de maanden daarna zou de rupiah zich evenwel weer gedeeltelijk herstellen, tot ongeveer 7700 op een dollar. Waarna er weer een periode van relatieve stabilisatie kwam.

Een roepia was oorspronkelijk verdeeld in 100 sen. In het begin van 60 jaren van vorige eeuw is de sen verdwenen, toen de prijzen enorm stegen. De munten werden aangepast. Bijvoorbeeld honderd RP-biljet werd een munt van RP100.

Etymologie [bewerken]

De woorden roepia en roepie zijn afgeleid van het Sanskriet rupya dat zilver betekent. De afleiding van een munteenheid van een edelmetaal komt vaker voor, vergelijk de woorden gulden en goud. Het Indonesische woord voor zilver, perak, werd vroeger ook gebruikt als aanduiding voor geld. In een kinderliedje is er bijvoorbeeld sprake van dua ribu perak wat feitelijk staat voor tweeduizend roepia.


Bronnen