SNV Netherlands Development Organisation

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

SNV Netherlands Development Organisation (voorheen Stichting Nederlandse Vrijwilligers) is een voor 75% van overheidssubsidie afhankelijke organisatie die zich bezighoudt met ontwikkelingshulp.

Geschiedenis[bewerken]

De SNV komt voort uit het in 1963 opgezette Jongeren Vrijwilligers Programma, hetgeen een joint venture was tussen de Nederlandse overheid en enkele particuliere zich met ontwikkelingshulp bezighoudende organisaties. In 1965 ging deze over in de Stichting Nederlandse Vrijwilligers. Het doel van de organisatie was om Nederlandse vrijwilligers in derdewereldlanden te posten die daar kennis en knowhow met de plaatselijke bevolking in zuidelijke landen te delen, en om daar mensen bekend te maken met managementtechnieken. Gedurende de jaren 70 werd het duidelijk dat alleen het ontwikkelen van arme mensen in arme landen niet genoeg was; de Nederlander moest ook bekend worden gemaakt met het leed in de derde wereld. Derhalve kende de SNV aan het begin van de jaren 80 twee kerntaken: het sturen van personeel naar ontwikkelingslanden, en het voeren van een bewustwordingscampagne in Nederland.

In de loop van de jaren 90 verschoof het accent van technische ondersteuning naar advieswerkzaamheden, met name op het vlak van armoedebestrijding. SNV werd in 2002 verzelfstandigd, maar er bestaan nog steeds nauwe banden, de organisatie drijft op subsidie van het departement-generaal Internationale Samenwerking van het Ministerie van Buitenlandse zaken. Toch betreft het hier de jure nu een NGO. Volgens afspraak voert SNV tot minstens 2015 taken uit in opdracht van het ministerie.[1] De organisatie kent in 2010 zo'n 1400 medewerkers, en heeft jaarlijks zo'n 90 miljoen euro aan subsidie te verdelen.[2] In november 2011 werd bekend dat de overheidssubsidie geleidelijk zal worden afgebouwd. In 2012 kan de organisatie nog op 70 miljoen rekenen, maar in 2015 zal dit bedrag zijn teruggebracht tot 55 miljoen. De subsidieverlaging is onderdeel van de bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking zoals die in het regeerakkoord van het kabinet Rutte I werden vastgelegd.[3]

Controverses[bewerken]

  • Na de verzelfstandiging in 2002 zijn de directiesalarissen marktconform geworden, en zou de directie daarbij de DG-norm[4] overschreden hebben. Onder druk van minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen besloot SNV in juni 2010 om de salarissen van de directie te bevriezen.[5][6]
  • Op 24 december 2010 berichtte De Telegraaf over vermeende onregelmatigheden bij SNV.[7] Staatssecretaris Ben Knapen besloot daarop een onafhankelijk onderzoek in te stellen. Accountantsbureau Ernst & Young die het onderzoek uitvoerde concludeerde dat zes van de negen beweringen onjuist zijn en de overige drie juist, maar wel vallend binnen de gestelde normen en regels.[8] Het onderzoek werd echter door de kamer niet diepgaand genoeg geacht. Op 26 maart 2011 kwam de Volkskrant met een bericht naar aanleiding van een interne audit uit 2007 door SNV. Hieruit zou blijken dat er in de organisatie sprake was van nepotisme, Europese aanbestedingsregels waren overtreden door SNV en dat SNV een drietal opdrachten in de regio Latijns-Amerika had gegund aan vrienden en familie. Er volgden opnieuw kamervragen.[9][10] Naar aanleiding van de controverse stapten de directeur van de SNV, Dirk Elsen, en de voorzitter van de Raad van Toezicht, Lodewijk de Waal, op.[11] Mede naar aanleiding van het onderzoek zegt SNV in nauw overleg met de Raad van Toezicht een aantal maatregelen te hebben getroffen, zoals een klokkenluidersregeling, een strengere controle op declaraties, en meer controle op aanbestedingen.[8]
Noten