SWATH

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De waterlijn is het grootste verschil tussen een SWATH en een catamaran
Het onderzoeksschip Planet. De smalle struts aan de waterlijn zijn duidelijk zichtbaar.
SWATH Perseus van het Loodswezen in Hoek van Holland

SWATH ("Small Waterplane Area Twin Hull") is een rompontwerp dat net zoals de catamaran twee rompen heeft. Het verschil is dat een SWATH de oppervlakte van de waterlijn zo klein mogelijk is. Door het volume van het schip dichtbij het wateroppervlak te beperken ondervindt het schip weinig invloed van golven, zelfs in hoge zee en bij hoge snelheden. Het grootste deel van het deplacement nodig om het schip drijvende te houden bevindt zich dieper onder water, waar de golven minder effect hebben. Op de torpedovormige drijvers staan smalle struts, die het bovenwaterschip ondersteunen.

In de jaren 1960 werd door het Maritiem Research Instituut Nederland verder onderzoek gedaan naar deze rompvorm. 's Werelds eerste commerciële SWATH-schip was de Duplus, een ondersteunend schip voor de olie-industrie gebouwd door Boele's Scheepswerf & Machinefabriek in Bolnes in 1969.

Voortstuwing[bewerken]

Op kleinere SWATHs zijn de drijvers niet altijd groot genoeg voor een dieselmotor. Daarom wordt soms gekozen voor dieselelektrische aandrijving, waarbij de dieselmotor boven de waterlijn staat. In de drijvers zitten dan elektromotoren die de schroeven aandrijven. Op grotere SWATHs, vanaf een lengte van ongeveer 40 meter, zitten de dieselmotoren vaak wel in de drijvers.

Voordelen en nadelen[bewerken]

Het grote voordeel van SWATH-schepen is dat ze ook bij zware zeegang heel rustig in het water liggen, wat bijvoorbeeld zeeziekte bij de opvarenden helpt voorkomen. SWATH is daarom een vorm die vaak wordt gekozen voor schepen die ook bij hoge golven moeten kunnen doorwerken, of die mensen moeten laten overstappen van en naar andere schepen (zoals bijvoorbeeld loodsen). Door hun stabiliteit zijn ze ook bijzonder goed geschikt als onderzoeksschepen, die vaak bewegingsgevoelige apparatuur aan boord hebben. Bij ruwe zee kunnen SWATH-schepen sneller varen dan enkelrompsschepen, omdat ze niet stampen of met andere woorden niet in de golven duiken.

Een verandering van de lading brengt een grote verandering in diepgang met zich mee. Een verschuiving van het zwaartepunt, door het verplaatsen van een gewicht aan boord, geeft een grote verandering in slagzij of trim. Hierbij bestaat het gevaar dat de drijvers boven water komen, of dat het schip te diep in het water zakt. SWATH schepen hebben voor hun tonnenmaat een grote diepgang. Een enkelrompsschip met vergelijkbare lengte, breedte en diepgang heeft een veel groter laadvermogen.

Zie ook[bewerken]

Wandelaar (schip uit 2012)