Salman Rushdie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Salman Rushdie, 2011

Ahmed Salman Rushdie (Bombay (India), 19 juni 1947) is een essayist en schrijver van fictie en voorvechter van de vrijheid van meningsuiting. Het toneel van zijn werk is veelal het Indiase subcontinent. Hij werd beroemd door zijn romans Midnight's Children en De duivelsverzen. Om het laatste boek werd hij in 1989 getroffen door een fatwa van de Iraanse moslimgeestelijke Khomeini waardoor hij vogelvrij werd verklaard en kon worden vervolgd door islamieten. De Britse staat bood hem bescherming, maar Rushdie moest tien jaar onderduiken. Ten minste één bomaanslag tegen zijn leven mislukte voortijdig.

In zijn vertelstijl vermengt hij mythe en fantasie met het werkelijke leven. Hij wordt dan ook wel gerekend tot het magisch realisme. Een bron van inspiratie voor Rushdie is het werk van Günter Grass.

Leven[bewerken]

Rushdie groeide op in Bombay als zoon van een zakenman-jurist en een lerares. Later studeerde hij geschiedenis in Engeland en slaagde met lof aan het King's College in Cambridge. Hij werkte bij reclamebureaus (Ogilvy & Mather en Ayer Barker) voordat hij zich volledig aan literatuur wijdde. Rushdie was viermaal getrouwd, onder andere met de Amerikaanse schrijfster Marianne Wiggins en de Indiase actrice en fotomodel Padma Lakshmi.

Werk[bewerken]

Salman Rushdie presenteert zijn boek Shalimar the Clown en verdedigt pornografie met recht op vrije meningsuiting in Mountain View, Californië, 3 oktober 2005

Ondanks zijn Indiase afkomst is Rushdie een van de toonaangevende schrijvers van de moderne Engelstalige literatuur. Hij begon zijn schrijversloopbaan met Grimus (1975), deels een fantasievertelling, deels sciencefiction. Dit werk werd over het algemeen genegeerd door het publiek en de kritiek.

Zijn volgende boek, Midnight's Children (Middernachtskinderen) bracht hem literaire roem en wordt door velen als zijn beste werk tot nu toe beschouwd. Het beschrijft de wederwaardigheden van kinderen die geboren werden in de nacht dat India onafhankelijk werd (15 augustus 1947). Het had een grote invloed op de Indiase en Britse literatuur in het daaropvolgende decennium. Rushdie werd ervoor beloond met de Booker Prize 1981 en in 1993 met de “Booker of Bookers Prize”. Dit is de prijs voor de beste roman in 25 jaar die een Booker Prize won. Middernachtskinderen ontleent thema’s aan de roman Die Blechtrommel van Günter Grass, het boek dat hem naar eigen zeggen geïnspireerd heeft om schrijver te worden.

Na het succes van Midnight’s Children publiceerde Rushdie in 1983 een kortere roman, Shame (Schaamte). Hierin geeft hij een beeld van de politieke beroering in het onafhankelijke Pakistan — hij noemt het zelf Peccavistan — door zijn personages te baseren op Zulfikar Ali Bhutto en generaal Zia-ul-Haq. Het ontving de Franse Prix du Meilleur Livre Etranger. Beide werken kenmerken zich door hun magisch-realistische stijl en benaderen het Indisch subcontinent vanuit het perspectief van de immigrant.

In 1988 volgt The Satanic Verses (De Duivelsverzen). In het boek is duidelijk de invloed te herkennen van Michail Boelgakovs klassieke Russische roman De Meester en Margarita. Het vermengt de Koran met Bollywood. Dit leidde tot een controverse op wereldschaal. Rushdie werd het slachtoffer van een fatwa van de Iraanse leider Khomeini met doodsbedreiging en kreeg bescherming van de Britse staat. Op 3 augustus 1989 ontplofte in Paddington, Londen een bom voortijdig die voor Rushdie bedoeld was, waarbij de terrorist omkwam. De Britse regering verbood in 1990 in het Verenigd Koninkrijk een Pakistaanse film, waarin Rushdie wordt afgeschilderd als een casino-houder die de Pakistaanse regering omver wil werpen. Rushdie was tegen dit verbod en prees de komische scène, waarin zijn personage een Pakistaanse guerrillero martelt door hem voor te lezen uit The Satanic Verses.

Daarna verbreedt Rushdies horizon zich: naast India en Pakistan komt de westerse wereld in beeld. The Moor's Last Sigh (1995, De laatste zucht van de Moor) behandelt de culturele en handelsbetrekkingen tussen India en het Iberisch Schiereiland. Vier jaar later in The Ground Beneath her Feet (De grond onder haar voeten) vormt de Amerikaanse rock-'n-roll scene de achtergrond van het verhaal over het sterrendom en de invloed daarvan in India.

Fury (Woede, geschreven als Boekenweekgeschenk voor de Nederlandse Boekenweek 2001 en daarmee het eerste Boekenweekgeschenk door een niet-Nederlandstalige auteur) speelt zich voor het grootste deel af in de Verenigde Staten en gaat over New York tijdens het toppunt van Amerika's welvaart en macht.

In de roman Shalimar the Clown (2005) behandelt Rushdie de problematiek van de deelstaat Kasjmir, die door India en Pakistan betwist wordt. Hierin wakkerden beide landen de godsdiensttegenstellingen tussen hindoeïsme en islam aan om hun invloed te vergroten en vernietigden daardoor de vreedzame co-existentie, met de impliciete steun van de (grillige) diplomatie van de VS. Shalimar, een jonge moslim, groeit onder leiding van een radicale zelfverklaarde mullah uit tot terrorist, ten onrechte in naam van de islam.

In zijn autobiografische roman Joseph Anton beschrijft hij de gebeurtenissen die volgden op het uitspreken van de fatwa. Deze roman werd gepresenteerd in het najaar van 2012 in diverse landen, waarbij hij op 13 november 2012 ook een openbaar interview gaf in de Brusselse BOZAR. In dat interview benadrukte hij onder andere dat de gebeurtenissen hem als schrijver niet veranderd hadden, en dat alle in de roman genoemde werkelijk bestaande personages van tevoren geconsulteerd waren over wat er door hem over hen geschreven was; dit laatste leidde in een aantal gevallen tot wijziging of verwijdering van passages.

Prijzen[bewerken]

Voor zijn oeuvre heeft Rushdie vele literaire prijzen ontvangen, waaronder de Aristeionprijs voor Literatuur van de Europese Unie. Hij is ook lid van de Royal Society of Literature en Commandeur des Arts et des Lettres. In juni 2007 werd hij in de adelstand verheven ("Knight Bachelor") vanwege zijn bijdrage aan de literatuur.[1]

Bibliografie[bewerken]

  • 1975 - Grimus
  • 1981 - Midnight's Children (1985: Middernachtskinderen, Veen)
  • 1983 - Shame (1984: Schaamte, Veen)
  • 1987 - A Jaguar Smile. A Nicaraguan Journey (1987: De glimlach van een jaguar. Een reis naar Nicaragua)
  • 1988 - The Satanic Verses (1989: De duivelsverzen, Contact)
  • 1990 - Haroun and the Sea of Stories (1990: Haroen en de zee van verhalen, Contact) (won de Mythopoeic Award in 1992)
  • 1990 - In good faith. A response to a year of controversy. Is nothing sacred? (1990: Is er dan niets meer heilig? Over religie en literatuur, Contact)
  • 1991 - Imaginary Homelands. Essays and criticism 1981-1991 (1991: Vaderland in de verbeelding, Contact)
  • 1994 - East, West (1994: Oost, West - verhalen, Contact)
  • 1995 - The Moor's Last Sigh (1995: De laatste zucht van de Moor, Contact)
  • 1999 - The Ground Beneath her Feet (1999: De grond onder haar voeten, Contact)
  • 2001 - Fury (2001: Woede (Boekenweekgeschenk, voor de eerste keer geschreven door een niet-Nederlandse schrijver)
  • 2002 - Step Across This Line, Collected non-fiction 1992-2002 (2003: De grens over, Contact)
  • 2005 - Shalimar the Clown (2005: Shalimar de clown, Contact - een maand eerder verschenen dan de Engelstalige uitgave)
  • 2008 - The Enchantress Of Florence (2008: De verleidster van Florence, Contact)
  • 2010 - Luka and the Fire of Life (2010: Luka en het levensvuur, Contact)
  • 2012 - Joseph Anton (2012, Contact)

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties