Samland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Samland in Pruisen in 1648

Samland (Russisch: Земландский полуостров; Semljandski poluostrov) is een schiereiland aan de Oostzee in Rusland. Het ligt behalve aan de Oostzee (westelijk) aan het Wislahaf (zuidwestelijk) en het Koerse Haf (noordelijk) en wordt verder begrensd door de rivier de Pregolja, voorheen Pregel in het zuiden en een aftakking ervan, de Dejma, in het oosten. Het gebied maakt deel uit van de exclave Kaliningrad.

Samland heeft in het westen een hoog oprijzende kust, de Barnsteenkust, die is genoemd naar het belangrijkste product dat het schiereiland voortbrengt: barnsteen. Bij Jantarni (voorheen Palmnicken) wordt in dagbouw circa 90% van de wereldproductie van dit gesteente gewonnen. Het is dan ook de belangrijkste delfstof die de exclave voortbrengt.

De bewoners van dit gebied handelden al vroeg in barnsteen: Tacitus noemt de Aestii in zijn Germania als barnsteenleveranciers. Deze Aestii, wier naam later op de Esten is overgegaan, zijn waarschijnlijk de voorlopers van de Pruzzi of Baltische Pruisen, wier taal, het Oudpruisisch, zich in Samland het langst heeft weten te handhaven: aan het einde van de zeventiende eeuw stierf het uit.

In de dertiende eeuw was Samland in handen gekomen van de ridders van de Duitse Orde en had het gebied zijn huidige naam gekregen, waarvan de Latijnse vertaling Sambia luidt. Het gebied werd geheel verduitst. Fischhausen en Koningsbergen waren vroeger de residenties van de bisschoppen van Samland, maar de laatste van deze, Georg von Polenz, ging tot de hervorming over (1523). Samland maakte deel uit van Oost-Pruisen, toen het na de Tweede Wereldoorlog aan de Sovjet-Unie kwam. Met de komst van een overwegend Russische bevolking en de verjaging van de Duitsers werd het verleden van Samland opnieuw rigoureus uitgewist.