Santa Croce (Florence)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Santa Croce
Voorgevel van de Santa Croce
Voorgevel van de Santa Croce
Plaats Florence
Gebouwd in 1294 - 1385
Gewijd aan Heilig Kruis
Architectuur
Stijlperiode Gotiek
Toren 78,45 m
Portaal  Portaalicoon   Christendom
Altaar
Michelangelo's graftombe

De Basilica di Santa Croce (Nederlands: Kerk van het Heilig Kruis), gelegen aan het Piazza Santa Croce, is een van de belangrijkste kerken van Florence en wordt beschouwd als een van de mooiste gotische basilieken van Italië. Het is de grootste franciscaner kerk ter wereld. Door de vele grafmonumenten in het interieur fungeert de kerk als pantheon van Florence, en in zekere zin ook van Italië.

Gebouw[bewerken]

De bouw van de kerk werd begonnen in 1294 op de plaats van een oudere franciscaner kerk, door de Florentijnse architect Arnolfo di Cambio. Volgens de legende is de voorloper van deze kerk in 1222 gesticht door Franciscus van Assisi zelf. Bij de bouw was een van de uitgangspunten de afmetingen van de Santa Maria Novella van de concurrerende Dominicanenorde, waar men 50 jaar eerder mee begonnen was, te overtreffen. Het kerkgebouw is gebouwd in gotische stijl en is vooral opvallend vanwege de zestien kapellen, waarvan de meeste door de school van Giotto zijn gedecoreerd. Het grondplan van de kerk is een Egyptisch kruis (een hoofdletter T) en het interieur is verdeeld in drie beuken. De kerk is 114,45 meter lang.
Een belangrijke toevoeging aan het complex is de beroemde Pazzi-kapel (1441-1460) van architect Filippo Brunelleschi.

In 1560 werd de kerk, op last van Cosimo de' Medici, ingrijpend gerestaureerd door Giorgio Vasari waarbij veel kunstwerken in het interieur verloren gingen. De huidige campanile van de kerk is gebouwd in 1842, nadat een eerder exemplaar door de bliksem was getroffen. De façade is lange tijd ongedecoreerd geweest. Tussen 1857 en 1863 is deze alsnog door architect Niccolò Matas bekleed in de, zich door meerkleurig marmer kenmerkende, laat-middeleeuwse gotische bouwstijl van Florence.

Het interieur van de kerk karakteriseert zich door een grote breedte en helderheid. De dakconstructie is, zoals bij veel Franciscaanse kerken open. Bij binnenkomst wordt, door deze architectuur, de aandacht meteen gevestigd op het rijk gedecoreerde koor.

In 1966 raakt de kerk ernstig beschadigd door de overstroming van de Arno. Hierbij stroomde veel water, modder en olie de kerk binnen In een gang in de kerk is een overzicht van de restauratie te zien, die enkele tientallen jaren heeft geduurd.

In het museum Museo dell'Opera di Santa Croce bij de kerk zijn diverse kunstschatten te zien waaronder Crucifix (van Cimabue en van Taddeo Gaddi. Ook is er een groot fresco Boom des Levens van Taddeo Gaddi. Verder nog enkele maesta's.

Kunst[bewerken]

Het interieur van de kerk is zeer rijk aan kunstschatten. Beroemd zijn:

  • Een crucifix van Donatello dat werd bekritiseerd door Brunelleschi. Volgens de biograaf Vasari vertelde Brunelleschi aan zijn vriend Donatello dat hij "een beeld had gemaakt van een boer aan het kruis." Op de vraag van Donatello of Brunelleschi het dan beter kon, maakte deze een crucifix die nu in de Santa Maria Novella hangt.
  • Een annunciatie van Donatello uit 1435, gemaakt voor de familie Cavalcanti uit zandsteen met verguldsel.
  • Een crucifix van Cimabue uit 1290, welke echter ernstig beschadigd is door de overstroming van 1966.

Belangrijk is het grote aantal schilderingen van de school van Giotto in het interieur. Dit maakt de kerk een van de belangrijkste verzamelplaatsen voor laat-gotische kunst in Italië.

Verder zijn er ook werken te zien van onder andere Vasari, Lorenzo Ghiberti en Sangallo.

Graftomben[bewerken]

Doordat de basiliek door de bedelorde Franciscanen gebouwd en beheerd werd, was men bij de bouw en inrichting aangewezen op de vrijgevigheid van rijke Florentijnen. De Franciscanen hadden immers de plicht van een ascetisch leven zonder persoonlijke bezittingen. Families die bijdroegen aan de bouw en inrichtingen kregen daarom vaak het recht om familieleden in de kerk te begraven. Hiermee groeide de Santa Croce snel uit tot een Pantheon voor prominente inwoners van de stad. In de kerk zijn een groot aantal beroemde Florentijnen (her)begraven in (praal)graven. Er zijn onder meer graven te vinden van:

Voor dichter Dante, grondlegger van de moderne Italiaanse taal, is een cenotaaf opgericht, met de gedachte dat zijn stoffelijk overschot nog terug zou kunnen keren naar zijn geboortestad. Hij is begraven te Ravenna.