Schimmeldraad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schimmeldraad
Schimmeldraad
Cellen 1- celwand 2- septum 3- mitochondrion 4- vacuole 5- ergosterol kristal 6- ribosoom 7- celkern 8- endoplasmisch reticulum 9- vetlichaampje 10- plasmamembraan 11- groeitop en vesikels 12- Golgi-apparaat

Schimmeldraad, zwamdraad of hyfe is de benaming voor de lange, zich vertakkende draden van een schimmel. De term hyfe kan ook op een filament van een actinobacterie (straalzwam) slaan. Een netwerk van schimmeldraden vormt de zwamvlok (mycelium), het vegetatieve orgaan van de schimmel. Schimmeldraden zijn ook de basis van ingewikkelder structuren als paddenstoelen en andere soorten sporendragers.

Een schimmeldraad bestaat uit een buisvormige wand, meestal van chitine, die de daarbinnen liggende cellen beschermt en ondersteunt. Bij de meeste schimmels worden de cellen in de schimmeldraad van elkaar gescheiden door interne wanden die septa worden genoemd.

Bij sommige parasiterende schimmels is een gedeelte van de schimmeldraden gemodificeerd om zuigorganen, haustoriën genaamd, te vormen. Deze organen worden gebruikt om de gastheer binnen te dringen en voedsel aan hem te onttrekken. Soortgelijke modificaties worden gevonden bij symbiotische schimmels. In dat geval dringen de gewijzigde schimmeldraden binnen in het wortelstelsel van planten en vormen een schimmelwortel, ofwel (ecto)mycorrhiza. Dit stelsel assisteert de plant in het opnemen van voedsel en water, zoals bij de blauwe bosbes (Vaccinium myrtillus). Bovendien wordt de plant minder vatbaar voor plantenziektes.