Schipperke

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schipperke
Hondenras
Schipperke1.jpg
Basisinformatie
Andere namen Schipperke
Oorsprong België
Classificatie FCI: Groep 1 Sectie 1 #83
Zie ook de lijst van FCI-nummers
Lijst van hondenrassen
Schipperke, kortharig, teef, 12 jaar

Het Schipperke is een van oorsprong Belgisch hondenras. Het behoort tot de famillie van herdershonden en is het kleinste herdershondje ter wereld.

Uiterlijk[bewerken]

Gewicht en bouw

Het gewicht van een schipperke ligt gemiddeld tussen de 4 en 7 kilo en de maximale toegelaten grenzen gesteld in de rasstandaard zijn 3 en 9 kilo. De reutjes zijn gemiddeld gezien zwaarder dan de teefjes (6,46 tegen 5,10 kilo) en ook wat steviger gebouwd, maar dankzij de ruime standaarden is het zeer wel mogelijk en niet ongewoon een vrouwtje te vinden dat een stuk zwaarder en groter is dan een mannetje.[1] Vroeger werden de schipperke's dan ook ingedeeld in gewichtsklassen van 3 tot 5 en 5 tot 9 kilo, maar dat is met de nieuwe standaard afgechaft.

De schofthoogte is gemiddeld 33,65 cm bij mannetjes en 31,22 cm bij vrouwtjes. De lengte van de romp is daar meestal aan gelijk wat betekent dat het ras zeer compact en vierkantig gebouwd is. Het schipperke is daarom niet zomaar een Groenendaeler in miniatuurformaat, wat mensen vanweg de gelijkenis soms wel eens denken, maar heeft een geheel eigen bouw die volledig is afgestemd op zijn kleine gestalte.

De kop

De kop is wolfachtig van vorm met hoog ingeplante, driehoekige, staande oren en een uitgesproken snuit De ogen zijn donkerbruin.

De staart

Vroeger werd de staart van het schipperke gecoupeerd. Dit gaf het dier een uniek uiterlijk. Waarchijnlijk heeft deze rasstandaard er mee te maken dat sommige schipperke's zonder staart geboren worden, wat de mensen zeer beviel qua uiterlijk. Daardoor werd er dan waarschijnlijk besloten dan maar alle schipperkes zonder staart zouden moeten zijn . Sinds het couperen van gezelschapsdieren in Belgie in 2006 verboden werd is deze standaard uiteraard aangepast. Nu heeft het schipperke een staart zoals een herdershond. Hij laat die naar naar beneden laat hangen, of omhoog naar voren teruggekruld en rustend op de rug, naargelang hij in rust is, loopt of blij is.

De vacht

Het schipperke heeft een dekvacht en een ondervacht. Hierdoor is hij zeer bestendig tegen alle weeromstandigheden. De dekvacht is geheel zwart. In sommige landen, zoals de Verenigde Staten en Engeland worden in de rasstandaards ook andere kleuren toegestaan. De ondervacht mag wat rossig, grijs of bruin zijn, ook in functie van de ruiperiode, zolang het maar niet sterk door het zwart van de bovenvacht heenschijnt. Rond de hals heeft hij kenmerkende langere haren die een soort manen vormen. Bij de mannetjes is dit meer uitgesproken dan bij de vrouwtjes. Ook bij de achterpoten is de vacht langer.

Karakter en gebruiksdoel[bewerken]

Het schipperke is zeer speels, vriendelijk (ook naar kinderen en andere kleinere (huis)dieren) intelligent en sociaal. Dankzij zijn herdershond-karakter is hij gemakkelijk dingen aan te leren en zal hij goed luisteren naar zijn baasje. Hij is vaak zeer gehecht aan een enkele persoon (het baasje) en kan wantrouwend tegenover vreemden zijn. Men moet echter wel consequent leiding en duidelijke commando's geven en ook af en toe streng, doch rechtvaardig moeten optreden daar hij wel eens wil overheersen.

Het schipperke weet zelf niet dat het zo'n klein hondje is maar denkt dat het ook een grote zware herder is wat aanleiding kan geven tot grappige situaties. Zo is hij bijvoorbeeld vaak totaal niet onder de indruk van andere, veel grotere honden die hij enthousiast zal begroeten, ermee zal willen spelen of zelfs zal proberen te domineren. Vaak is de grote hond zulks een zelfverzekerdheid en jovialiteit van kleine hondjes niet gewend en staat er dan wat besluiteloos bij onderwijl zich maar alles te laten welgevallen door de kleine enthousiasteling.

Het schipperke kan echter ook rustig en kalm zijn. Het is een vinnig hondje, echter niet nerveus of kefferig. Het huis en erf zal hij enthouiast bewaken. Niets ontgaat hem en het kan dan ook een uitstekende waakhond zijn in de zin van het waarschuwen als er iemand aankomt. Voor verdedigingtaken is hij natuurlijk door zijn klein postuur ongeschikt. Wel kan men met hem behendigheidsoefenen doen, want het schipperke is zeer bewegelijk. Ook kan hij als speurhond dienen. Zelf het bewaken (hoeden) van klein vee behoort tot de mogelijkheden.

Verder heeft het schipperke een natuurlijke aanleg op alles te jagen dat beweegt: vliegen, muggen, muizen, ratten, konijnen, vogels, kippen, fazanten, bladeren die in de wind dwarrelen... Enige zelfoverschatting (probeer eens een paard weg te blaffen) is nooit ver weg.

In huis is hij zeer opmerkzaam, attent en aanwezig. Een mooie beschrijving hiervan werd al in 1888 gegeven in een Franse krant: “hij kent de gewoonten van het huis, bemoeit zich met alles en uiteindelijk overtuigt hij zichzelf ervan dat hij er de touwtjes in handen heeft” [2].

Schipperke pup spelend, zoekend naar muizen

Geschiedenis[bewerken]

Het Schipperke is als herdershond type al bekend sinds de late middeleeuwen (1690). In de regio Brussel-Leuven-Antwerpen werden kleine zwarte herdershondjes gehouden die soms wel eens kleine zwarte duiveltjes genoemd werden. Ook het staartafsnijden werd toen al toegepast. Bij sommige ambachts-gildes van die tijd (zoals de Crispijn-schoenmakersgilde te Brussel) was er sprake van een traditie om hun hondjes te laten paraderen met de mooiste zelfgemaakte metalen halsbanden, ambachtelijk beslagen met de mooiste graveringen.

De voorouders van het Schipperke bevinden zich hoogstwaarchijnlijk onder hetzelfde oerras als waar de andere Belgische herdershonden van af stammen: 'De Leuvenaar' een oud ras uit de provincie Brabant

Rond 1800 was het schipperke zelfs een halve eeuw het enige ras wat men hield in deze regio. Toen later de gemalin van de Koning van Belgie interesse toonde in het ras en er Schipperkes aan het Koninklijk hof kwamen ,werd het hondje ook onder de aristocratie populair wat het fokken met stambomen en selectie van de mooiste exemplaren aanwakkerde. Omdat er toch nog wel wat regionale verschillen waren tussen de Schipperkes kwam er de wens naar een soort standaard. In 1882 werd de Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus, met als bedoeling het instandhouden en verbeteren van Belgische hondenrassen, opgericht. Het Schipperke werd hier als eerste hondenras beschreven en gekenmerkt en ook op de allereerste hondententoonstelling te Spa, uitgaande van de vereniging, was hij van de partij. De rasvereniging van de Schipperkes werd niet veel later, in 1888 , opgericht. In de loop van de tijd zijn door die vereniging enkele aanpassingen gedaan in de rasstandaard, maar veel is er uiteraard niet veranderd.

Het Schipperke heeft tijden van sterk aanzien (rond 1900 en tijdens het interbellum) en periodes van onzekerheid (zoals tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog) gekend, maar is nu stabiel in haar bestaan en welbemind door haar liefhebbers. Er zijn nu gemiddeld jaarlijks in Belgie zo'n 12 tal nestjes waaruit rond de 100 puppies worden geboren.

Oorsprong van de naam

De naam "Schipperke" is enigszins eigenaardig (Vlaams). Hij wordt in geen enkele taal vertaald en er zijn verschillende verklaringen mogelijk voor zijn oorsprong.

Een hiervan gaat er vanuit dat de naam zo gekomen is dankzij het feit dat het hondje vaak op boten werd aangetroffen. Door zijn kleine gestalte en wendbaarheid was hij uitermate geschikt om de daar aanwezige muizen en ratten weg te jagen. Het schipperke komt dan van Schipper.

De andere uitleg, meer aanvaardt en tegenwoordig als officieel aangenomen wijst simpelweg op het Vlaamse woord voor herdershond 'Scheper'. De naam Schipperke volgt logisch gezien daaruit door het (Vlaamse) verkleinwoord 'ke' daaraan toe te voegen en de klinker te veranderen, en dit omdat het Schipperke simpelweg een 'kleine' herdershond is.

Gezondheid en Beweging[bewerken]

Het schipperke is een brok puur dynamiek. Dankzij zijn vierkantige bouw heeft hij een sterk hart en relatief grote longen resulterend in een groot uithoudingsvermogen Voor de gemiddelde jogger is het een uitdaging dit hondje bij te houden. De hond heeft, om zich gelukkig te voelen, veel beweging en spel nodig om zijn energie kwijt te kunnen. Op latere leeftijd worden schipperkes opvallend rustiger.

Een schipperke kan gemakkelijk 13 tot 14 jaar worden. Last van de kenmerkende ziektes die grote (herders)honden treffen, heeft het ook niet. Het is een zeer sterk en gezond ras. Een erge ziekte die wel voor kan komen en opmerkelijk is, daar zij de enige auto-immuunziekte bij huisdieren is en dan ook nog alleen bij het Schipperke, is de Ziekte van Sanfilippo. Teneinde deze ziekte te voorkomen, is het zaak om bij het selecteren van de stamboom te letten op ouderdieren in de familie die de ziekte hadden.

Externe links[bewerken]

Koninklijke Schipperkesclub Belgie

  1. Pollet (2013), D. (dr.) Het Schipperke jubileumboek: Uitgegeven ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van de koninklijke schipperkesclub (KSC) van Belgie
  2. [i] Chasse et peche [/i] , 24 mei 1888 aangehaald in Pollet (2013) blz. 10