Second Suite in F (Holst)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Second Suite in F
Componist Gustav Holst
Soort compositie suite voor blaasorkest
Gecomponeerd voor harmonieorkest
Opusnummer 28 nr. 2
Andere aanduiding for Military Band
Compositiedatum 1911
Opgedragen aan James Causley Windram
Duur ± 11 minuten
Portaal  Portaalicoon   Klassieke muziek

Second Suite in F for Military Band, op. 28, nr. 2 [1] is een compositie voor harmonieorkest (symfonisch blaasorkest) van de Engelse componist Gustav Holst. Alhoewel deze suite iets minder uitgevoerd wordt dan de First Suite in E♭ for Military Band is zij in de Engelstalige wereld eveneens een mijlpaal in de literatuur voor harmonieorkesten. Zoals ook bij de First Suite in E♭ for Military Band (1909) bestaan er ook bij deze suite diverse uitgaven; de meest recente is de revisie van 1984 bij de muziekuitgeverij Boosey and Hawkes door Colin Matthews. Aan de verandering van de orkestratie is herkenbaar, welke ontwikkeling het harmonieorkest qua instrumentatie genomen heeft.

Geschiedenis[bewerken]

De tweede suite, geschreven in 1911, werd opgedragen aan James Causley Windram en wordt als iets moeilijker beschouwd dan de eerste suite. Gedurende zijn eerste jaren als componist, ontwikkelde hij interesse (even als diverse andere Engelse componisten in die tijd) stukken te schrijven, die op volksmuziek baseerden. Bijvoorbeeld zijn tijdgenoot Ralph Vaughan Williams heeft zijn English Folk Song Suite op Engelse volksmuziek gebaseerd. Holst volgde hem op de voet met zijn tweede suite. Zeven volksliederen zijn verwerkt in de vier delen van de Second Suite in F

Muziek[bewerken]

De Second Suite in F bestaat uit vier delen, die all gebaseerd zijn op specifieke Engelse volksliederen.

Deel 1: "March: Morris dance, Swansea Town, Claudy Banks"[bewerken]

De "March" (mars) van de tweede suite begint met een eenvoudig vijf noten motief tussen de lage en hoge instrumenten van het harmonieorkest. Deze mars is gebaseerd op het folk song "Morris Dance". Naar een korte climax werd door een eufonium solo het tweede thema, dat gebaseerd is op "Swansea Town" uitgebreid voorgesteld. Dit thema werd door het volledige harmonieorkest herhaald voordat het trio begint. Voor het trio moduleert Holst tot de onconventionele sub-dominant mineur van bes klein en wisselt het tot 6/8 maat. (Gewon werd in de traditionele mars vorm moduleert na sub-dominant majeur. Voordat John Philip Sousa, de zogenoemde "marskoning", soms ook de maatsoort voor het trio wisselde (bijvoorbeeld in El Capitan) was het niet gewoonlijk). Het derde thema, "Claudy Banks", werd voorgedragen als solo in de lage houtblazers. Daarna wordt het eerste thema herhaald in da capo.

Deel 2: "Song Without Words, 'I'll Love My Love'"[bewerken]

Holst plaatst het vierde volksliedje, "I Love My Love" in schril contrast met de eerste beweging. Het is een droevig stuk, een klarinet en hobo solo speelt het thema over een vloeiende begeleiding in f mineur. Het deel bouwt zich langzaam met een toegevoegde trompetsolo op die een boog van intensiteit vormt.

Deel 3: "Song of the Blacksmith"[bewerken]

Opnieuw stelt Holst de langzame tweede beweging aan de eerder vrolijke derde beweging elkaar tegenover. De derde beweging is gebaseerd op het volkslied "Song of the Blacksmith". De kopersectie speelt een gepuncteerde stijl, die een recentere componeerstijl van Holst afbeeld. Er zijn veel veranderingen van de maatsoort (4/4 tot 3/4), die dit deel meer en meer moeilijker maken, omdat de kopersectie al hun begeleidingsaccenten op de zogenoemde opmaat van ieder maat te spelen heeft. De hoge houtblazers en hoorns komen in het hoofdstuk van deze beweging erbij en worden begeleid met het geluid van een smid, die gloeiend metal ḿet een hamer op een aambeeld vormt. In de partituur is een aambeeld met hamer geïnstrumenteerd. De afsluitende akkoord in D majeur heeft een glorierijk, hemels geluid, dat de weg naar de laatste beweging van de suite opent. Dit akkoord is zo effectief omdat het misschien onverwacht is: het hele deel wordt in F majeur gespeeld en in dit akkoord wisselt het klank plotseling tot de majeur van het gerelateerde mineur akkoord.

Deel 4: "Fantasia on the Dargason"[bewerken]

Het laatste deel van de suite werd geopend met een altsaxofoon solo gebaseerd op het volkslied "Dargason", een Engelse dans vanuit de 17e eeuw uit de eerste publicatie van "The Dancing Master". Dit volkslied heeft Holst ook in zijn St. Paul's suite voor strijkers georkestreerd. Dit thema werd in verschillende variaties herhaald door meestal alle instrumentengroepen van het harmonieorkest. Het afsluitende volkslied "Greensleeves" is geschikt verwerkt in het onstinate dansritme Dargason-thema middels verschillende maatsoorten (Dargason = 6/8 en Greensleeves = 3/4). Vanaf de climax van dit deel worden de concurrerende thema's in afzonderlijke secties geplaatst. Ter conclusie van deze beweging concerteren de tuba en de piccolo meteen en herhalen thema's van het begin van de suite in een concours van het lage en de hoge orkestregisters.

Discografie[bewerken]

Zoals bij de First Suite in E♭ for Military Band (1909) bestaan er ook bij deze suster-suite talloze opnames van dit werk, zowel op langspeelplaat, alsook op cd en dvd. De volgende lijst is uitsluitend een klein uittreksel:

  • Dallas Wind Symphony onder leiding van Howard Dunn op het label "Reference Records" RR 39 - Holst: Hammersmith / Moorside Suite / Suite No. 1 in E flat / Suite No. 2 in F
  • London Wind Orchestra onder leiding van Denis Wick op het label "Asv Living Era" QS 6021 - English Wind Music
  • Royal Northern College of Music Wind Orchestra onder leiding van Timothy Reynish op het label "Chandos" CHAN 9697 - British Wind Band Classics
  • Tokyo Kosei Wind Orchestra onder leiding van Fredrick Fennell op het label "Kosei Music Publishing Company" KOCD-0202 - English Folk Songs
  • North Texas Wind Symphony onder leiding van Eugene Migliaro Corporan op het label "Klavier" K 11154 - Passions

Orkestratie[bewerken]

koperblazers
2 cornetten in bes
2 trompetten in bes
4 hoorns in es
2 tenortrombones
bastrombone
eufonium in bes
tuba
strijkers
contrabas
slagwerk
kleine trom
grote trom
bekkens
Triangel
Tamboerijn
aambeeld met hamer


Bibliografie[bewerken]

  • Keith Kinder: Gustav Holst's Second Suite in F: Meaning and Interpretation from the Original Folk Songs, in: Journal of the World Association for Symphonic Bands and Ensembles, Vol. 15, 2008.
  • L. Blocker, R. Cramer, Eugene Migliaro Corporan, T. Lautzenheiser, E. Lisk, E. & R. Miles: Teaching music through performance in band, (Volume One). Chicago, IL: Gia Publications. 1996.
  • Imogen Holst: Gustav Holst: A Biography, Oxford University Press, USA; 2nd edition, September 8, 1988. 240 p., ISBN 978-0-192-82193-5

Media[bewerken]

  1. Second Suite in F for Military Band, op. 28, nr. 2 door de "Banda Municipal de Sangüesa"
Bronnen, noten en/of referenties
  • partituur van Second Suite in F for Military Band, op. 28 nr. 2 - Boosey and Hawkes Music Publishers Limited
  • Jon C. Mitchell: From Kneller Hall to Hammersmith: The Band Works of Gustav Holst, ALTA MUSICA - Eine Publication der Internationalen Gesellschaft zur Erforschung und Förderung der Blasmusik, Herausgegeben von Wolfgang Suppan und Eugen Brixel, Band 11, Tutzing: Hans Schneider Verlag, 1990. 193 p., ISBN 3-7952-0620-0