Sepot
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Een sepot is een beslissing van het Openbaar Ministerie om een strafbaar feit niet te vervolgen. (In België spreekt men van seponering.)
Dit kan verschillende reden hebben. Het OM kan het te druk hebben met serieuzere misdrijven en daarom als beleid hebben dat bepaalde kleinere misdrijven niet worden vervolgd. Men spreekt dan van een beleidssepot. Het is ook mogelijk dat het OM het bewijs niet rond krijgt. In dit geval kan het OM besluiten de (bij voorbaat kansloze) vervolging te staken. Men spreekt dan van een technisch sepot. Ook kan een sepot onder bepaalde voorwaarden worden verleend. Men hoopt de dader voor de toekomst van soortgelijk gedrag af te houden. Men spreekt dan van een voorwaardelijk sepot.
Een sepot behoeft niet het einde van een strafvervolging te betekenen, want het is geen einduitspraak van een rechter in de zin van art. 350 Sv. Het OM wordt daarom niet door het ne bis in idem beginsel belet om later alsnog tot vervolging over te gaan. Wel is het bestuursrechtelijk vertrouwensbeginsel van toepassing: het OM mag niet meer tot vervolging overgaan als het een verdrachte heeft medegedeeld de vervolging te beëindigen.
Slachtoffers van (gewelds)misdrijven ervaren een sepot van de zaak tegen de dader vaak als een klap in het gezicht. De dader gaat ongestraft vrijuit en loopt weer in de samenleving rond.
Wie het er niet mee eens is dat een zaak wordt geseponeerd, kan daartegen in het geweer komen. In Nederland is dit geregeld in artikel 12 van het Wetboek van Strafvordering. Rechtstreeks belanghebbenden kunnen een klaagschrift indienen bij het gerechtshof. Als het hof de klacht gegrond verklaart, moet het Openbaar Ministerie alsnog tot vervolging overgaan.

