Shaivisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Shaivisme is een stroming in het hindoeïsme waarin Shiva wordt vereerd als de hoogste vorm van God.

Het shaivisme is monotheïstisch en shaivisten geloven dat er maar één God is die gelijktijdig de gehele schepping doordringt (immanentie) en er bovenuit stijgt (transcendentie). Dit concept staat in contrast met veel van de abrahamitische religieuze tradities, waar God alleen als transcendent gezien wordt. Net zoals bij de andere hindoe stromingen erkent het shaivisme nog andere, lagere goden die aan de Hoogste God ondergeschikt zijn. Die andere goden worden gezien als manifestaties van het Hoogste Wezen (Kosmisch Bewustzijn) of als machtige wezens die net als de rest van de schepping door Hem worden doordrongen. Dit type monotheïsme wordt panentheïsme of monistisch theïsme genoemd.

Shaivisme is een zeer diepe, devotievolle en mystieke denominatie in het hindoeïsme. Ze wordt als de oudste van de hindoe denominaties beschouwd met een lange opeenvolging van wijzen en heiligen die praktijken en wegen gaven naar zelfverwerkelijking met als uiteindelijke doel moksha of zelfverwerkelijking (bevrijding). Als brede religie omvat het shaivisme filosofische systemen, devotionele rituelen, legendes, mystiek en allerlei yogapraktijken. Ze kent zowel monistische als dualistische tradities.

Shaivisten geloven dat God de vorm transcendeert. Toegewijden kunnen Hem vereren in de vorm van een lingam, die symbool staat voor de schepping of het universum. De God Shiva wordt in het shaivisme ook vereerd als de menselijke manifestatie Shiva Nataraja, die meestal wordt afgebeeld als een mediterende of als een tandava dansende yogi.

Scholen[bewerken]

Shaivisme is over heel India te vinden, maar is vooral sterk vertegenwoordigd in Zuid-India (vooral in Tamil Nadu en op het eiland Sri Lanka). Sommige tradities zien de grote wijsgeer Agastya als de verspreider van het shaivisme in Zuid-India en als de brenger van zowel de Vedische traditie als het Tamil.

Er zijn ontelbaar veel shaiva-tempels en altaren waaronder vele die een murti (beeld) van Ganesh bevatten, de Heer van de ganas of de volgelingen van Shiva. Ganesh is de zoon van Shiva en Shakti. De twaalf Jyotirling of "gouden lingam" altaren zijn de meest vereerde in het shaivisme.

Benares wordt beschouwd als de heiligste stad van alle hindoes en shaivieten. Een van de beroemdste hymnes aan Shiva uit de Veda's is de Shri Rudram. De belangrijkste shaivitische mantra uit de Veda's is Aum Namah Shivaya. De grote theologische scholen zijn onder andere het Kasjmir shaivisme, de Shaiva siddhanta en het Vira shaivisme. De grootste auteur van het shaivisme is waarschijnlijk Abhinavagupta uit Srinagar in Kasjmir, die rond het jaar 1000 in het Sanskriet schreef.

De Nayanars (of Nayanmars), heiligen uit Zuid-India, waren vooral in de middeleeuwen verantwoordelijk voor de ontwikkeling van het shaivisme.

Dat er verschillende scholen bestaan in het hindoeïsme moet niet gezien worden als het bestaan van schisma's. Integendeel, er bestaat geen enkele vijandigheid tussen de scholen, maar er is juist sprake van gezonde kruisbestuivingen van ideeën en logische debatten, die bijdragen aan de verfijning van de leringen van iedere school. Het is niet ongebruikelijk of verboden dat iemand de ene school volgt, maar over een bepaald onderwerp toch de opvattingen van een andere school steunt.