Sibbe (Germanen)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Sibbe (Fries Sibbe, Duits Sippe, Oudhoogduits sippia, Oudnoords sifjar, afgeleid van de godin Sif - of omgekeerd), is een van oorsprong oud-Germaanse term voor 'gezamenlijke verwanten', in nationaalsocialistische zin gebruikt als 'familie', de door bloedverwantschap gevormde familie.

Oud-Germaans[bewerken]

In de oud-Germaanse vorm was het een benaming voor een grootfamilie (zie ook: clan) met gemeenschappelijke, zo nodig gefingeerde, afkomst en een belangrijke religieuze, economische en politieke functie.

De sibbe is daarmee een vaag begrip voor het geheel van bloedverwantschap van een persoon in opgaande- en aflopende lijn, inclusief de derde- en vierdegraadsfamilie, hun echtgenotes en nageslacht.

De sibbe speelde een belangrijke rol in de Germaanse gemeenschap. Hierop werd de verdeling van akkerbouwland gebaseerd, het gemeenschappelijk gebruik van de meent en de kolonisatie van nieuwe gebieden.

Nationaalsocialisme[bewerken]

In de Völkische Bewegung en in nazi-Duitsland had het gebruik van Sippe voor familie een belangrijke politieke functie. Zo werd de Familiengeschichtsforschung, genealogie of sibbekunde, gebruikt door het Reichssippenamt om aan de hand van familieboeken van dorpsgemeentes, Dorfsippenbuchen, bevolkingsregisters, twijfelachtige afstammingen te onderzoekende door middel van Sippenforschung, de voorouderproef.