Silicaat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Silicaten zijn zouten of esters van kiezelzuur (Si(OH)4). Silicaatzouten bevatten allemaal het tetraëdrische SiO44--ion (of een afgeleide daarvan, met één of meerdere waterstofatomen) Silicaten worden als grondstof gebruikt bij de bereiding van glas. De silicaten van natrium en calcium vinden toepassingen in de techniek, en worden waterglas genoemd.

Silicaatesters zijn verbindingen met als algemene formule Si(OR)4.

Silicaten in de mineralogie[bewerken]

Silicaten vormen een belangrijke groep mineralen, die alle opgebouwd zijn uit SiO4-tetraëders. Ze vormen bijna 95% van de aardkorst en bestaan in tal van variëteiten:

Indeling van de silicaten[bewerken]

De silicaten worden verder ingedeeld op basis van de polymerisatie­graad van het silicaat-ion in de volgende groepen:

  • nesosilicaten (enkelvoudige tetraëders) - [SiO4]4−, bijvoorbeeld olivijn;
  • sorosilicaten (dubbele tetraëders) - [Si2O7]6−, bijvoorbeeld epidoot;
  • cyclosilicaten (ringen) - [SinO3n]2n−, bijvoorbeeld de toermalijngroep;
  • inosilicaten met enkele ketens - [SinO3n]2n−, bijvoorbeeld de pyroxeengroep;
  • inosilicaten met dubbele keten - [Si4nO11n]6n−, bijvoorbeeld de amfiboolgroep;
  • fylosilicaten (bladen) - [Si2nO5n]2n−, bijvoorbeeld de mica's en de kleimineralen;
  • tectosilicaten (driedimensionaal raamwerk) - [AlxSiyO2(x+y)]x−, bijvoorbeeld kwarts, veldspaten en zeolieten.