Simultaanspel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Anish Giri geeft een simultaan (Rotterdam, 2014)
Grootmeester Hort geeft een schaaksimultaan

Bij het simultaanspel speelt een (meestal sterke) speler tegen meer dan één speler tegelijk, wat kan variëren van twee tot wel dertig of meer borden.

Simultaanspel komt niet alleen voor bij schaken en dammen, ook bij andere bordspelen kan simultaan gespeeld worden.

Sommige verenigingen nodigen eenmaal per jaar een simultaanspeler uit om de krachten te meten. Vaak is dat een meester of grootmeester.

De simultaanspeler mag kiezen met welke kleur hij speelt.

De borden worden meestal in een kring opgesteld. De simultaanspeler wandelt langs de borden en doet aan ieder bord een zet. De tegenstanders krijgen per zet precies zo veel bedenktijd als de simultaanspeler nodig heeft om de kring rond te lopen. Als de simultaanspeler bij een bord aankomt, moet de tegenstander direct zijn zet uitvoeren, waarna de simultaanspeler een tegenzet doet en doorloopt naar het volgende bord.

Een goede simultaanspeler kent de stellingen van alle borden uit het hoofd. Er zijn dan ook schakers die simultaan blindpartijen spelen. Ook bij dammen komen blindsimultaans voor; een bekende dammer die hierin uitblinkt is Ton Sijbrands.

Meestal wordt een simultaan zonder klok gespeeld, maar het kan ook met klok. Er wordt dan meestal tegen minder tegenstanders gespeeld. Bij een kloksimultaan mag een speler direct een zet doen wanneer hij dat wil, waarna hij de klok indrukt. De tijd van de meester start dan, hoewel de meester wellicht bij een ander bord is. De meester mag zelf kiezen aan welk bord hij een zet doet; hij kan bij een bord een aantal zetten achter elkaar doen, of een bord overslaan als de tegenstander nog geen zet heeft gedaan.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]