Sint-Luciavloed

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sint-Luciavloed
Jaar 1287
Datum 13 en 14 december
Regio Nederland en Engeland
Doden 50.000 tot 80.000 (schatting)

De Sint-Luciavloed (ook wel stormvloed van 1287) was een rampzalige stormvloed die plaatsvond van 13 op 14 december 1287, de naamdag van de Heilige Lucia.

Zuiderzee[bewerken]

De Sint-Luciavloed trof vooral Friesland. Door deze overstroming van enorme omvang werd de Waddenzee gevormd, en verdween het eiland Griend bijna in de golven. Verder gaf deze watersnood de doorslag voor het ontstaan van de Zuiderzee, waardoor West-Friesland definitief werd gescheiden van het huidige Friesland. Veel dorpen die op de plaats van het huidige IJsselmeer en de Waddenzee lagen, zijn door deze vloed weggespoeld.

Oost-Friesland[bewerken]

In het huidige Duitsland werd met name Oost-Friesland zwaar getroffen. Meer dan 30 buurtschappen en dorpen zouden in de golven zijn verdwenen. Ook zou er door de gevolgen van deze storm een eerste aanzet tot het ontstaan van de Dollard zijn gegeven.[1] Als gevolg van het grote verlies aan land en de relatief gevaarlijke gebleken ligging van de veengebieden verlieten vele mensen na de storm de lage gebieden en vestigden zich op hogere gronden.

Engeland[bewerken]

De stormvloed had dezelfde verwoestende effecten in Engeland. De oostkust werd van Lincolnshire, Norfolk, Suffolk tot aan Kent zwaar getroffen.

Delen van Norfolk werden overstroomd, zoals het dorp Hickling, waar 180 mensen verdronken en het water tot bijna een halve meter boven het hoogaltaar in de plaatselijke kerk steeg. De haven van Dunwich in Suffolk zou door de gevolgen van de storm verlopen. Ook van Whitstable in Kent wordt gezegd dat deze plaats door de overstroming is getroffen.

Storm van februari 1287[bewerken]

Bij een zware storm die tien maanden eerder in Zuidoost-Engeland plaats vond werd de stad Winchelsea op Romney Marsh verwoest, maar later op hoger gelegen gronden opnieuw opgebouwd. In de directe omgeving werd ook Broomhill verwoest. De 'Great Storm' had een krachtig effect op de zogenaamde Cinque Ports. De loop van de rivier de Rother verlegde zich van New Romney naar Rye, waardoor dat een belangrijke havenstad werd. In Hastings stortte een klif in. Daardoor viel een deel van Hastings Castle op de stad en blokkeerde de haven, waarna de rol van Hastings als handelscentrum sterk in betekenis afnam. Het bleef wel een centrum voor de visserij.

Slachtoffers[bewerken]

Het precieze aantal slachtoffers van deze watersnoodramp is onduidelijk, maar een schatting van de priesters en dekens (in de kroniek van Bloemhof) stelde hun aantal op 30.000 doden van "Stavoren tot de Lauwers" en van "de Lauwers tot de Eems" 20.000 doden. Op basis van deze vermelding liggen de schattingen voor het gehele getroffen gebied ongeveer tussen de 50.000 en de 80.000 doden. De Sint-Luciavloed is hierdoor, in verhouding tot een totale bevolking rond die tijd van ongeveer een half miljoen, de grootste stormvloed ooit in dit deel van de Noordzeekust.

Gevolgen voor de taal[bewerken]

  • De invloed van het Fries en de Friezen was in West-Friesland definitief uitgespeeld.
  • De taal Fries werd beperkt tot de provincie Friesland zelf. In Noord-Holland, Denemarken en het noorden van Duitsland verdween het vrijwel helemaal. Sommige streekdialecten hebben echter nog wel overeenkomsten met het Fries.

Foute datering[bewerken]

In de populaire literatuur wordt deze stormvloed wel op 25 december (soms 23 december) 1277 gezet. Dat is het gevolg van een foutieve vermelding in de 16e eeuw, die door auteurs als Ubbo Emmius werd overgenomen. Kronieken uit de 13e en 14e eeuw kennen alleen een overstroming in 1287. De kroniek van het klooster Bloemhof te Wittewierum geeft als datum 14 december, enkele Hollandse kronieken 17 december.[2]

Classificatie in ranglijsten[bewerken]

In totaal is het mogelijk de op 5 na grootste vloed aller tijden in de wereld na de overstroming van Centraal-China (1931, 2,5-3,7 miljoen doden), overstroming van de Gele Rivier (1887, 900.000-2 miljoen doden), overstroming van de Gele Rivier (1938, 500.000-700.000 doden), doorbraak van de Banqiao-dam (1975, 231.000 doden) en de overstroming van de Jangtsekiang (1935, 145.000 doden). De overstroming is naar aantallen slachtoffers vergelijkbaar met de overstroming van Vietnam (1971, Dong Bang Song Hong en Hanoi, ongeveer 100.000 doden), Sint-Felixvloed (1530, mogelijk - aantal slachtoffers onbekend) en de overstroming van de Jangtsekiang (1911, ongeveer 100.000 doden).

Bronnen, noten en/of referenties
  1. 16e-eeuwse kronieken schreven het ontstaan van de Dollard aan deze stormvloed toe. Verschillende onderzoekers hebben echter aangetoond dat dat niet kan kloppen. Hoogstens heeft er een eerste doorbraak plaatsgevonden. De meeste auteurs houden het op de laatste decennia van de 14e eeuw, hoewel berichten van tijdgenoten ontbreken.
  2. De natuurramp van 1287 werd ook wel de St. Hubertusvloed genoemd. Bron: Stichting VVV Terschelling, (1975) Monumenten, Terschelling; Uitgegeven ter gelegenheid van het Monumentenjaar 1975. p. 55 "St. Janskerk". (Bibliotheek Terschelling)