Sint-Sixtusabdij van Westvleteren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Trappisten uit Westvleteren (tweede links de abt) gevolgd door de prior van Steenbrugge tijdens de Heilig-Bloedprocessie in Brugge
Foto van de straatkant van de abdij.

De Sint-Sixtusabdij is een abdij van de trappisten in het Belgische Westvleteren. De abdij is onder meer bekend om zijn trappistenbier Westvleteren. De huidige abt is Manu Van Hecke.

Geschiedenis[bewerken]

  • 1814 Jan-Baptist Victoor uit Poperinge, kwam zich als kluizenaar vestigen in de bossen van Sint-Sixtus, op een plek waar eeuwenlang kloostergemeenschappen hadden gewoond.
  • 1826 werd de Abdij op de Katsberg in Godewaersvelde, aanvankelijk als priorij, opnieuw gesticht, onder de hoede van de moederabdij van Notre-Dame-du-Gard. In de eerste tien jaar waren er heel wat conflicten en problemen. De twee eerste priors bleven maar enkele maanden in functie. In 1827 werd Franciscus-Maria Van Langendonck (1760-1836), die prior en novicemeester was in de abdij van Notre-Dame-du-Gard, tot prior benoemd op de Katsberg, waar hij de noodzakelijke bouwwerken leidde. In 1831 kwam hij in conflict met zijn medebroeder, de procurator Nil Van Hoecke die naar aanleiding van een financieel dispuut met de moederabdij, de steun was gaan zoeken van de bisschop van Cambrai, Louis Belmas (1757-1841). Langendonck wilde het gezag niet aanvaarden van iemand die destijds de constitutionele (revolutionaire) eed had afgelegd. Hij nam ontslag en vertrok uit het klooster, vergezeld door enkele medebroeders. De bisschop benoemde Van Hoecke tot prior van de niet meer door de trappistenorde erkende en erg uitgedunde communauteit (er was ook een aantal monniken naar de Gard teruggekeerd). Pas na de dood van de bisschop zou de priorij opnieuw in de schoot van de trappistenorde worden opgenomen.
  • 1831 (zomer) Prior Van Langendonck en zijn medebroeders kwamen aan in Vleteren en sloten zich aan bij de kluizenaar Victoor. Ze stichtten een nieuwe priorij, Sint-Sixtus, opnieuw onder de bescherming van de moederabdij Notre-Dame-du-Gard.
  • 1831-1836 De gestadige groei bracht het aantal monniken in 1835 op 23. Prior Van Langendonck stierf in geur van heiligheid.
  • 1836 Het klooster kwam onder de jurisdictie te staan van de abdij van Westmalle.
  • 1839 Oprichting van de eerste brouwerij.
  • 1840 De oude kerk werd gebouwd en een lagere school werd opgericht.
  • 1843 Het kerkhof werd verplaatst. Bij die gelegenheid werd het graf geopend van prior Van Langendonck. Het stoffelijk overschot werd intact aangetroffen, hetgeen als een wonder werd aangezien.
  • 1850 Zestien paters en broeders vertrokken naar Scourmont om er een nieuw klooster te stichten, dat in 1871 abdij werd.
  • 1858 Twintig paters en broeders vertrokken naar Tracadië (Nova Scotia) om nieuw leven in te blazen in een trappistenklooster aldaar. Het klooster werd abdij in 1876 en koos de Belg Dominiek Schietecatte (1834-1915) voor abt. Na twee grote branden vertrok hij, ziek en ontmoedigd, in 1898 weer naar Europa en overleed in de abdij Saint-Fons bij Clermont-Ferrand. De St Joseph's Abbey verhuisde begin twintigste eeuw naar Spencer (Massachusetts).
  • 1860 Schenking van grond in West-Vleteren door Dominicus Lebbe.
  • 1871 De priorij werd tot Abdij verheven en telde 52 leden. Benedictus Wuyts werd tot eerste abt verkozen.
  • 1872 Albericus Verhelle werd tot tweede abt verkozen.
  • 1875-1878 De boerderij werd uitgebouwd met als doel model te staan voor de landbouwgemeenschap in de streek.
  • 1878 Bouw van de toegangspoort tot de abdij.
  • 1910 Verkiezing van Bonaventura De Groote tot derde abt.
  • 1912 Aan de vooravond van de Eerste wereldoorlog telde de abdij 42 paters en broeders.
  • 1914-1918 Tijdens de Eerste Wereldoorlog huisden in en rond de abdij vele vluchtelingen. Tegen het einde van de oorlog kampeerden ongeveer 400.000 geallieerde soldaten in de nabijheid.
  • 1940-1945 Tijdens de Tweede Wereldoorlog kende de abdij moeilijkheden van econoomische en politieke aard. Ook op het vlak van de trappistenorde was er onrust.
  • 1941 Gerardus Deleye werd tot vierde abt verkozen.
  • 1945 Abt Gerardus Deleye nam de beslissing de productie van de brouwerij kleinschalig te houden en te beperken tot wat nodig was om in het onderhoud van de abdij te voorzien. Wat later besliste hij het brouwen en commercialiseren voortaan onder licentie toe te vertrouwen aan de Brouwerij Sint-Bernardus in Watou.
  • 1962 De licentie met de brouwerij Sint-Bernardus werd voor 30 jaar verlengd.
  • 1964 Bouw van het gastenhuis.
  • 1968 Bouw van de nieuwe kerk, enkel door de monniken gebruikt, terwijl de oude kerk door de parochie gebruikt werd.
  • 1968 Dom Herman Jozef Seynaeve (Izegem 4 april 1921 - Zelzate, Tehuis Sint-Jan, 26 januari 2009) werd verkozen tot vijfde abt. Hij was op 21 november 1940 ingetreden, deed zijn plechtige professie op 27 december 1945 en werd op 22 mei 1948 tot priester gewijd. Hij vervulde in de abdij opeenvolgende taken: kaasmaker, bakker, ondernovicenmeester van de lekebroeders, verantwoordelijke voor de brouwerij en gastenpater. Op 27 september 1953 werd hij subprior en op 8 februari 1954 prior. Op 3 april 1978 nam hij om gezondheidsredenen ontslag.
  • 1978 Remi Heyse werd tot zesde abt verkozen.
  • 1992 Het contract met de Brouwerij Sint-Bernardus liep ten einde en de abdij hervatte zelf het brouwen. Dit om te beantwoorden aan de beslissing dat de benaming "Trappistenbier" enkel nog werd toegekend aan bieren gebrouwen binnen de muren van een trappisten-abdij. De jaarproductie is beperkt tot 4.800 hectoliter.
  • 1996 Manu Van Hecke werd tot zevende abt verkozen.
  • 2005 Tijdens de tweejaarlijkse competitie op www.rateBeer.com werd de West-Vleteren uitgeroepen tot "Best Beer in the World". Zie: Westvleteren (bier)
  • 2008-2010 Een onstabiele toestand van de gebouwen verplichtte tot nieuwbouw. Het gastenhuis werd verbouwd, een deel van de abdij werd afgebroken en een ruimere nieuwbouw opgetrokken, naar een ontwerp van Bob Van Reeth. De oude kerk werd verbouwd tot bibliotheek en refter. Samen met de nieuwe abdijkerk die behouden bleef, maakt ze deel uit van het kloostervierkant, waar ook kapittelzaal, scriptorium, noviciaat, gemeenschapsruimte en ziekenboeg hun plaats vinden, met op de verdieping kamers voor de broeders en in de kelders werkplaatsen. De brouwerij bleef ongewijzigd. Tijdens de bouwwerken verbleven de monniken in het gastenhuis waardoor de abdij tijdelijk geen gasten kon opnemen.
  • 2009 Op 9 oktober 2009 greep de ceremonie van de eerste steenlegging van de nieuwe gebouwen plaats.
  • 2010 De communauteit bestond in dat jaar uit 26 broeders en de gemiddelde leeftijd situeerde zich op 54 jaar.
  • 2010 Zes broeders produceerden de CD 'Triduum Paschale', uitgegeven door het Davidsfonds, bedoeld als fondsenwerving voor de bouwkosten.
  • 2013 bouwen van een bottelarij.

Priors en abten[bewerken]

Priors[bewerken]

  • Franciscus-Maria Van Langendonck, prior van 04/11/1831 tot 02/11/1836
  • Dositheus Kempeneers, prior van 12/11/1836 tot 1847
  • Franciscus Decroix, prior van 1847 tot 25/07/1850
  • Jacobus Deportemont, prior van 25/07/1850 tot 10/07/1856
  • Dositheus Kempeneers, opnieuw prior van 10/07/1856 tot 14/06/1871

Abten[bewerken]

  • Benedictus Wuyts, eerste abt van 23/06/1871 tot 10/06/1872 (werd in 1872 verkozen tot abt van Westmalle, wat hij bleef tot in 1896)
  • Albericus Verhelle, tweede abt van 10/06/1872 tot 15/09/1910
  • Bonaventura De Groote, derde abt van 03/10/1910 tot 05/11/1941
  • Gerardus Deleye, vierde abt van 27/11/1941 tot 30/05/1968
  • Herman-Joseph Seynaeve, vijfde abt van 16/06/1968 tot 3/04/1978
  • Remi Heyse, zesde abt van 13/05/1978 tot 23/10/1996
  • Manu Van Hecke, zevende abt sinds 09/11/1996

Wetenswaardigheden[bewerken]

  • Toen de nieuwe abdij gebouwd werd, hadden de bouwvakkers recht op twee glazen bier per dag. De paters besloten om de drank zelf te brouwen, dit om geld uit te sparen. Dit bier was niet de Westvleteren van vandaag, maar 'klein bier' met een alcoholpercentage van amper 2 procent. Later begonnen de paters trappist te brouwen om in hun levensonderhoud te voorzien.
  • Naast de abdij ligt een klein bos met een vrij toegankelijke Lourdesgrot die werd ingewijd op 28 mei 1922 als dank voor de bescherming tijdens de oorlog.
  • Net voor de abdij ligt het Ontmoetingscentrum In de Vrede het enige café dat bier van de abdij kan afnemen. Naast een hapje en een drankje kan men daar ook terecht voor een tentoonstelling over het abdijleven en de geschiedenis van de brouwerij. Ook de folder van de Sint-Sixtus wandelroute (7,1 km) is er verkrijgbaar.
  • De bibliotheek van de abdij telt circa 600 drukwerken van voor 1830 en 40.000 van na die datum.
  • In West-Vleteren hadden reeds enkele andere kloosterstichtingen bestaan: de Cella Beborna (ca. 806), het klooster van de Zusters van het Huis van Sint-Sixtus (1260-1355) en het Birgittijnenklooster "Onze-Lieve-Vrouwe van het Heilig Geloove" (1615-1784).

Literatuur[bewerken]

  • Ludovicus-Maria DE CLEYN, monnik van de Sint-Sixtus Abdij, Het contemplatieve leven. Zijn rol in het apostolaat, Forges-bij-Chimay, Abdij van O.L.V.van Scourmont 1933.
  • FRIMINUS, Wat is een trappist?, West-Vleteren, 1950.
  • De abdij-kazerne Sint-Sixtus 1914-1918. Dagboekaantekeningen, Poperinge, 2001
  • Hermien VAN BEVEREN, Geloof onder vuur? Sint-Sixtus: een abdij en haar bewoners tijdens de Eerste wereldoorlog in onbezet België, in: Novi Monasterii, 2009, blz. 51-105.
  • Herman CAULIER, Domien DOISE, e. a., Westvleteren in de rust van een beek en een abdij, Westvleteren, 2009.
  • Johannes LOOTENS, "De Sint-Sixtusabdij van Westvleteren - geschiedenis", Leuven, 2012.

Externe links[bewerken]