Skinken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Skinken
De kleine bruine skink (Scincella lateralis) is een typische vertegenwoordiger; een lang en dun lichaam met glanzende schubben, de poten zijn klein en staan ver van elkaar af. De meeste skinken hebben camouflagekleuren, maar er zijn ook enkele felgekleurde soorten.
De kleine bruine skink (Scincella lateralis) is een typische vertegenwoordiger; een lang en dun lichaam met glanzende schubben, de poten zijn klein en staan ver van elkaar af. De meeste skinken hebben camouflagekleuren, maar er zijn ook enkele felgekleurde soorten.
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Orde: Squamata (Schubreptielen)
Onderorde: Lacertilia (Hagedissen)
Familie
Scincidae
Gray, 1825
Wikimedia Commons Afbeeldingen Skinken
Skinken op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De skinken (Scincidae) zijn een familie van hagedissen (Lacertilia).

Het is met ruim 1500 soorten in meer dan 130 geslachten de grootste familie van hagedissen.[1] Het is waarschijnlijk dat het aantal geslachten nog sterk zal toenemen, omdat veel soortenrijke geslachten uit elkaar gehaald zullen worden. Zo zijn onlangs nog de meeste soorten uit het geslacht Eumeces overgeheveld naar een nieuw geslacht; Plestiodon.

Skinken kennen een zeer grote verscheidenheid in vormen en maten. Er zijn soorten die nauwelijks van slangen te onderscheiden zijn, andere soorten lijken meer op hazelwormen of hebben een lichaamsbouw die vergelijkbaar is met echte hagedissen. Alle skinken hebben een duidelijke schubbenhuid waarbij de schubben elkaar overlappen en zo een stevig pantser vormen. Bij veel soorten komen glanzende schubben voor, maar er zijn uitzonderingen waarbij de schubben gekield zijn. De kop is afgeplat, de snuitpunt is vaak spits. Aan de bovenzijde van de kop komen verharde platen voor die karakteristiek zijn voor de familie.[2]

Skinken zijn tussen 10 en 20 centimeter lang, sommige soorten worden langer dan 30 cm en de grootste soorten kunnen meer dan 70 cm lang worden inclusief staart. De meeste soorten leven op de bodem en gebruiken het gestroomlijnde, gladde lichaam om te graven of zelfs door het zand te 'zwemmen'. Een aantal soorten leeft in bomen, zoals soorten uit het geslacht Dasia. De tot ongeveer 75 centimeter lange Solomon-reuzenskink, overigens ook een boombewoner, is de grootste soort. Net zoals veel hagedissen uit andere families kunnen skinken de staart afwerpen bij gevaar, om zo te ontsnappen aan de vijand, de staart groeit later weer aan (autotomie). De poten zijn voorzien van nagels, bij de soorten uit het geslacht Ristella kunnen de nagels worden ingetrokken, net als een kat. Skinken zijn pleurodont; de tanden zitten vast in de kaak. De tanden van skinken worden steeds vervangen, bij veel soorten neemt het aantal tanden toe naarmate het dier groter wordt.

Skinken komen overal ter wereld voor, maar alleen in warmere streken. In Europa leven skinken bijvoorbeeld vooral rond het Middellandse Zeegebied. Skinken jagen voornamelijk op insecten, enkele soorten hebben een afwijkend menu en jagen uitsluitend op slakken, eten regelmatig plantendelen (Tiliqua) of zijn in een enkel geval vrijwel volledig vegetarisch.

De voortplanting van skinken verschilt nogal, veel soorten zijn eierleggend, andere baren levende jongen. Een aantal soorten bewaakt de eitjes en sommige skinken kennen zelfs een vorm van verregaande broedzorg door de juvenielen enige tijd te beschermen.

[bewerken] Taxonomie

Onderstaand een lijst van geslachten, zie voor alle soorten ook de lijst van skinken.

Familie Scincidae


[bewerken] Uitgestorven

[bewerken] Afbeeldingen

Fivelined skink.jpg
Vijfstreepskink, juveniel: felblauwe staart
Eumeces fasciatusPCCA20040425-1563A.jpg
Vijfstreepskink, mannetje: oranje kop


De Johannisskink of slangenoogskink heeft gefuseerde, onbeweegbare oogleden, net als slangen.
Ristella travancorica uit India heeft een irisirende glans over het lichaam.
De afgeplatte, schoffelvormige snuit bij skinken duidt op een gravende levenswijze, hier de apothekersskink (Scincus scincus).
Tiliqua multifasciata is één van de soorten blauwtongskinken uit de woestijnen van Australië.
Nest en eitjes van Plestiodon inexpectatus.
De felblauwe staartkleur dient om vijanden af te leiden en breekt gemakkelijk af (autotomie.
Een koppeltje van waarschijnlijk de breedkopskink (Plestiodon laticeps), het mannetje is bij deze soort makkelijk te onderscheiden aan de grotere en gekleurde kop, bij veel skinken zijn de geslachten moeilijk uit elkaar te houden.


Bronnen, noten en/of referenties
  1. Peter Uetz & Jakob Hallermann. The Reptile Database - Scincidae.
  2. David Alderton, Valerie Davis & Chris Mattison Snakes and Reptiles of the World, Grange Books, 2007, 1971, Pagina 358 - 365 ISBN 978-1-84013-919-8.
  • (en) Peter Uetz & Jakob Hallermann - The Reptile Database - Scincidae - Website Geconsulteerd 23 december 2011
  • (en) David Alderton, Valerie Davis & Chris Mattison - Snakes and Reptiles of the World (2007) - Pagina 358 - 365 - Grange Books - ISBN 978-1-84013-919-8
Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen