Slag bij La Forbie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij La Forbie
Onderdeel van Ajjoebidische - kruisvaarders oorlog
La Forbie.jpg
Datum 17 oktober 1244 - 18 oktober 1244
Locatie Harbiyah (La Forbie), noordoosten van Gaza
Resultaat Ajjoebidische overwinning
Strijdende partijen
Ayyubid Flag.png Ajjoebiden
Kwarezmeense huurlingen
Vlag van het Koninkrijk Jeruzalem.svg Koninkrijk Jeruzalem
Tempeliers
Hospitaalridders
Homs
Oultrejordain
Damascus
Kerak
Commandanten
Rukn-ad-Din Baibars Wouter IV van Brienne
Armand de Périgord
Al-Mansour
Troepensterkte
5.000 ruiters
6.000 infanteristen
ca. 11.000 man
Verliezen
onbekend ongeveer 7.500
Kruisvaart Veldslagen in de Levant (1096-1303)

Eerste Kruistocht
Xerigordon · Civetot · Nicea · 1ste Dorylaeum · 1ste Antiochië · Ma'arrat · 1ste Jeruzalem · 1ste Ashkelon


Inter-Kruisvaart periode
Melitene · Kruisvaart van 1101 · Harran · Artah · Ramla · 1ste Tripoli · Sidon · 1ste Shaizar · Al-Sannabra · Sarmin · Ager Sanguinis · Hab · Slag bij Yibna · Azaz · Marj es-Suffar · Ba'rin · 2de Shaizar · Edessa · Bosra


Tweede Kruistocht
2de Dorylaeum · Ephesus · Meander · Mont Cadmus · Damascus


Inter-Kruisvaart periode
Inab · Aintab · 2de Ashkalon · Kruisvaardersinvasie van Egypte · Meer van Huleh · al-Buqaia · 1ste Bilbeis · Harim · al-Babein · 2de Bilbeis · 1ste Damietta · Montgisard · Marj Ayyun · Jakobs Voorde · kasteel Belfort · Al Fule · Kerak · Cresson · Hattin · 2de Jeruzalem · Tyrus


Derde Kruistocht
Iconium · 1ste Akko · Arsuf · Jaffa


Vijfde Kruistocht
3de Jeruzalem · 2de Damietta


Nasleep van de Zesde Kruistocht
4de Jeruzalem · La Forbie


Zevende Kruistocht
3de Damietta · Al Mansurah · Fariskur


Late Kruisvaart Periode
Caesarea · Haifa · 2de Arsuf · 2de Antiochie · Krak des Chevaliers · 2de Tripoli · 3de Tripoli · 2de Akko · Ruad ·

De Slag van La Forbie, ook wel onbekend als de Slag van Arbiyah, was een slag tussen het Koninkrijk Jeruzalem en zijn bondgenoten tegen het Ajjoebidische sultanaat, die versterkt waren met Kwarazameense huurlingen.

Aanloop[bewerken]

Na het Beleg van Jeruzalem 1244 op 15 juli dat jaar, door de Khwarazmiden zorgde voor paniek bij de christelijke en enkele islamitische staten. Er werd een bondgenootschap gesmeed tussen de emiraten van Homs en Damascus, samen met de overgebleven christelijke krachten uit het Koninkrijk Jeruzalem om de resterende gebieden te verdedigen tegen de Ajjoebiden uit het Egyptische sultanaat.

De twee legers hadden hun kamp opgeslagen in de buurt van het plaatsje La Forbie, in het noordoosten van Gaza. Al-Mansur Ibrahim, de emir van Homs, was aanwezig bij de geallieerden met 2.000 cavaleristen. Het commando bij de christenen stond onder leiding van Wouter IV van Brienne, hoewel de seneschalk van Jeruzalem, Filips I van Montfort, ook aanwezig was. Zij gaven leiding aan een christelijk leger van 1.000 cavaleristen en 6.000 infanteristen. Het Egyptische leger stond onder leiding van de Mameluk Baibars; zijn leger was in aantal iets minder dan die van zijn tegenstander.

Al-Mansur Ibrahim adviseerde De Brienne om hun kamp defensief te versterken en te wachten tot de ongedisciplineerde Khwarazmiden hen zouden aanvallen. De Brienne sloeg dit advies in de wind. Uiteindelijk namen de christenen hun positie in op de rechtervleugel, in het centrum stond het leger van Al-Mansur Ibrahim , en aan de linkerkant hadden de Bedoeïenen hun plaats ingenomen.

De veldslag[bewerken]

De veldslag begon op de ochtend van 17 oktober waarbij de christelijke ridders herhaaldelijk charges uitvoerden op de Egyptenaren, maar hun tegenstander behield zijn positie. Op de volgende ochtend opende Baibars de strijd en wierp zijn Kwarezmeense huurlingen in de strijd tegen de troepen uit Damascus. Het centrum werd hevig toegetakeld door de aanval. De Bedoeïenen probeerde Al-Mansur te hulp te komen, maar ze werden in stukken gehakt. Uiteindelijk wist Al-Mansur met 280 overlevenden de veldslag te ontvluchten.

In het begin waren de christenen uiterst succesvol, maar ze werden in het nauw gedreven toen de Mamelukken van voor en de Khwarazmiden in de flank, hen in het nauw dreven. Hun infanterie werd bijna helemaal vernietigd. De goed bewapende ridders vochten dapper terug, maar het was een kwestie van uren voordat hun weerstand was gebroken.

Meer dan 5.000 man waren gedood, 800 waren er gevangengenomen, waaronder Wouter van Brienne en Guillaume de Châteauneuf, de grootmeester van de Hospitaalridders. Slechts 33 Tempeliers, 27 Hospitalers en drie Teutoonse ridders overleefden de slag. Filips van Montdort en de patriarch van Jeruzalem ontsnapten naar Ascalon. Echter, Armand de Périgord, grootmeester van de Tempeliers, de aartsbisschop van Tyrus en andere belangrijke christelijke aanvoerders hadden hun dood bij La Forbie gevonden.

Nasleep[bewerken]

Het Koninkrijk Jeruzalem had erg veel schade ondervonden van de slag; het had sinds de Slag van Hattin lang niet meer zo'n groot leger kunnen opzetten. Het zou nooit meer in staat zijn om offensieve operaties uit te voeren. De overwinning bracht geen blijvend succes voor de Egyptenaren. De Khwarazmiden werden in 1246 door Al-Mansur bij Homs verslagen.

Het Beleg van Jeruzalem (1244) en de slag bij La Forbie zullen de aanleiding zijn voor de Zevende kruistocht.


Referenties[bewerken]

  • Robert Payne, The Dream and the Tomb 1985
  • Joseph Drory, Al-Nasir Dawud: A Much Frustrated Ayyubid Prince 2003