Slag bij Ligny

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij Ligny
Onderdeel van Honderd Dagen,
napoleontische oorlogen
Kaart van de Waterloocampagne
Kaart van de Waterloocampagne
Datum 16 juni 1815
Locatie Ligny (België)
Resultaat Franse overwinning
Strijdende partijen
Frankrijk Pruisen
Commandanten
Napoléon Bonaparte Gebhard von Blücher
Troepensterkte
3 korpsen 84.000
Verliezen
11.500 22.000

De Slag bij Ligny, gevochten op 16 juni 1815, was een Franse overwinning onder Napoleon over een Pruisisch leger onder Gebhard Leberecht von Blücher. Het was Napoleons laatste overwinning. Het grootste deel van het Pruisische leger overleefde de slag en speelde twee dagen later een cruciale rol in de Slag bij Waterloo. Ligny is nu een deelgemeente van Sombreffe in de provincie Namen.

Prelude[bewerken]

Op 15 juni trok Napoleon te Charleroi de Samber over. De plaats werd slechts licht verdedigd door een Pruisische eenheid van het Iste Pruisische legerkorps onder bevel van luitenant-generaal von Zieten.

Von Zieten informeerde von Blücher, die von Zieten bevel gaf de Franse opmars te vertragen, terwijl hij zich terugtrok naar Ligny. Tevens gaf hij bevel het 2de Pruisische legerkorps onder von Pirch en 3de Pruisische legerkorps onder von Thielmann hiernaar op te trekken. Het 4de Pruisische legerkorps onder von Bülow was te ver verwijderd om tijdens de slag een rol te spelen.

Wellington bracht 's ochtends von Blücher een bezoek en beloofde dat, als hij niet bij Quatre Bras werd aangevallen, hij von Blücher te hulp zou komen. Tevens adviseerde hij von Blücher om zijn infanterie achter de heuveltop terug te trekken, om minder blootgesteld te staan aan het Franse artillerievuur. Von Blücher weigerde: mijn mannen willen de vijand graag zien.

Terrein[bewerken]

Ligny-Detail.png

Von Blücher had het Iste korps van het Pruisische leger opgesteld langs de kreek van Ligny. De dorpjes Wagnelee, Saint-Amand en Ligny waren alle bezet door Pruisische troepen. Hierachter stond het IIde korps van Pirch opgesteld. Het IIIde korps onder von Thielmann dekte een (te) ver uitgespreide linkerflank.

Napoleon leidde de slag vanuit Fleurus, waar hij het Garde korps concentreerde. Het 3de korps onder Vandamme stond tegenover St. Amand, het 4de korps onder Gérard tegenover Ligny. Napoleons plan was een frontale aanval, terwijl Grouchy de Pruisische linkerflank zou omsingelen.

Von Blüchers staf had van de molen bij Brye een goed uitzichtspunt, evenzo gebruikte Napoleon de molen bij Fleurus als uitzichtspunt.

De veldslag[bewerken]

Napoleon begon zijn aanval tussen 14.30 en 15.00 uur. Hij gaf opdracht aan het 3de korps onder Vandamme en enkele gedetacheerde eenheden van het tweede korps om Saint-Amand, een dorpje van enkele boerderijen aan te vallen. Het 4de korps kreeg als taak om Ligny zelf aan te valllen.

St. Amand[bewerken]

De aanval van het derde korps op Saint-Amand stuitte op sterk verzet van de brigade van Jagow, maar onder druk van de divisie van Lefol week deze terug. Generaal Steinmetz heroverde het dorp echter met 6 bataljons van de 1e brigade. Dit leidde tot een hernieuwde aanval van de Fransen, ditmaal door de divisie Girard van het tweede Franse korps. In een verbitterde strijd verloren de Pruisen 2500 man en moesten ze Saint-Amand opgeven.

Hiermee dreigde de Pruisische rechterflank ineengedrukt te worden. Een aanval van von Pirchs 2de brigade faalde, hoewel generaal Gérard hierbij gewond raakte (hij overleed op 25 juni in Parijs aan zijn verwondingen). Hierop beval von Blücher delen van het 2de korps tot een omtrekkende aanval op de Franse linkerflank. Vandamme had voor Wagnelée echter inmiddels versterkingen laten aanleggen, waardoor deze aanval vastliep.

Nu verliet von Blücher zijn waarnemingspost in de windmolen en greep persoonlijk in de strijd in. Onder zijn leiding gelukte een Pruisische tegenaanval op de in de voorgaande strijd reeds verzwakte Franse stellingen, waardoor het gebied rond Saint- Amand-la-Haye zich weer in Pruisische handen bevond. De berichten rond de situatie op dit terrein zijn verschillend: volgens Pruisische bronnen waren rond 17 uur Saint-Amand, Saint-Amand-la-Haye en Wagnelée nog of weer in Pruisische handen, volgens anderen was het gebied rond dit tijdstip van Pruisen gezuiverd.

Ligny[bewerken]

Tegen 15 uur opende Gérard met het 4de Franse korps de slag om het dorpje Ligny. Onder zwaar Pruisisch artillerievuur lukte het de 12de infanteriedivisie onder baron Pécheux tot de kerk van het dorpje door te dringen. Er vielen echter in enkele minuten 500 doden, waaronder 20 officieren, waarop men zich terugtrok. Napoleon stuurde een aantal twaalfponders van de Keizerlijke Garde, die samen met de artillerie van het 4de korps talrijke gebouwen van het dorp in brand schoten. In een hernieuwde aanval ontstonden verbitterde huis-tot-huisgevechten. De 3de brigade van Jagow werd het dorp ingestuurd en deze slaagde erin Ligny te heroveren.

Pauze[bewerken]

d'Erlon marcheerde naar Ligny, naar Quatre Bras en terug naar Ligny, maar vocht nergens mee

Op de Franse linkerflank werd een naderend legerkorps gesignaleerd. Eerder op de dag had Napoleon het 1ste Franse legerkorps onder d'Erlon, opgedragen de Pruisische rechterflank te omsingelen. Dit korps kon het echter volgens zijn berekening nog niet zijn, en tevens marcheerde het korps meer op de Franse als op de Pruisische linies af.

Napoleon laste een gevechtspauze in terwijl hij een adjudant stuurde om poolshoogte te nemen. Het bleek het door hem opgeroepen 1ste Franse legerkorps onder d'Erlon te zijn. Echter op nog slechts enkele kilometers afstand van het slagveld keerden zij om, maarschalk Ney had d'Erlon opgeroepen hem te helpen in de Slag bij Quatre Bras. Uiteindelijk heeft het korps bij geen van beide veldslagen gevochten.

Door de verwarring duurde het een uur voordat Napoleon de aanval hervatte. De Pruisen hadden van deze tijd gebruikgemaakt en zich gehergroepeerd. Von Blücher benutte de tijd door een aanval op de Franse linkerflank te lanceren. Vanaf zijn molen bij Brye kon hij de opmars van zijn troepen uit Saint-Amand naar het westen volgen. Nu kreeg Vandammes korps echter versterking van de Franse Jonge Garde onder Duhesme. Deze stopte de Pruisische aanval en dreef de Pruisen in hun stellingen terug.

19 uur[bewerken]

Grouchy's cavalerie was er in geslaagd Tongrenelle te veroveren en rukte op naar Mont-Potiaux. In het centrum werd rond Ligny om 19 uur nog heftig gevochten. Von Blücher stuurde rond deze tijd nieuwe versterkingen Ligny in, vermoedelijk uit het korps van Pirch II. Ook aan Franse zijde werden regelmatig nieuwe eenheden het stadje ingestuurd. Saint-Amand bevond zich weer in Franse handen.

Von Blücher verzamelde de laatste reserves uit het IIde korps en leidde persoonlijk een aanval op Saint-Amand. De herovering van Saint-Amand-le-Hameau slaagde, maar bij een poging St. Amand te heroveren werden zij door de keizerlijke garde terug geslagen. In wanorde trokken zij naar Saint-Amand-la-Haye terug.

De oude garde[bewerken]

Een grenadier van de Oude Garde

In deze situatie besloot Napoleon de slag te beslissen door de inzet van de oude garde. Hij beval de oude garde, de door Guyot aangevoerde reservecavalerie van de jonge garde, en Milhauds 2700 man sterke kurassiers het Pruisische centrum bij Ligny aan te vallen. De garde-artillerie beschoot twintig minuten lang de Pruisische stellingen. Tegen 19u45 begonnen twee divisies oude garde met een stormaanval op Ligny. De door vijf uur strijd uitgeputte Pruisen weken terug.

Als reactie op deze aanval van de garde beval von Blücher tot een tegenaanval door de reserve-cavalerie van Röder. Opnieuw nam hij zelf persoonlijk aan de aanval deel. Hierbij werd zijn paard door een kogel dodelijk geraakt. Hierbij kwam de 72-jarige von Blücher onder het vallende paard terecht. Onontdekt door de over en langs hem heenrijdende Franse kurassiers, werd hij een tijd later door een van zijn adjudanten, majoor von Nostitz, gered. In de tussentijd sloeg de Franse cavalerie de Pruisische tegenaanval af.

Rond 20 uur meldde Kraft het dorp Ligny niet langer te kunnen houden. Een half uur later brak de oude garde bij Ligny door. Bij afwezigheid van de zoekgeraakte von Blücher rustte de verantwoordelijkheid op von Gneisenau. Deze besloot tot een terugtocht richting noorden, naar Tilly. Dit betekende weliswaar een aanzienlijke verlenging van de bevoorradingslinies naar de Rijn, maar hield in ieder geval de mogelijkheid open Wellington bij een Franse aanval te hulp te komen.

Tegen 21u00 hadden de meeste Pruisische formaties het slagveld verlaten. Het Iste Pruisische korps onder luitenant-generaal Zietens Iste corps trok zich op de linkervleugel langzaam met zijn artillerie terug, en liet een eenheid (Jagows-brigade) achter te Brye om de Franse achtervolging te vertragen. Deze hield tot 3 uur 's nachts hier stand. Op de rechtervleugel trok luitenant-generaal Johann von Thielmann zijn IIIde korps onbeschadigd terug, een sterke achterhoede te Sombreffe achterlatend. Te middernacht was Blücher gevonden. De beide achterhoede-eenheden fungeerden als baken voor de terugvallende infanterie. Een 8000 Pruisische soldaten maakten van de verwarring gebruik om te deserteren.

Besluit[bewerken]

Indien Ney's 2de Korps en 3de Cavaleriekorps de geallieerde positie in de Slag bij Quatre Bras op diezelfde dag niet hadden aangevallen, zou Wellington langs de weg Nijvel-Namen zijn opgerukt om de Pruisische rechterflank te versterken. Op vergelijkbare wijze kwam von Blücher twee dagen later te Waterloo Wellington te hulp. Het was om deze reden dat Napoleon Ney naar Quatre Bras zond.

Er is veel speculatie geweest over wat er gebeurd zou zijn wanneer het Franse Iste korps onder d'Erlon bij een van beide veldslagen had ingegrepen.

Het was Napoleons plan geweest snel de grens over te steken en het Pruisische leger te verslaan voordat het geallieerde leger hen te hulp kon komen. Het Franse leger was numeriek kleiner dan de gecombineerde Pruisische en geallieerde legers, maar groter dan elk apart. Door Grouchy's met twee korpsen achter de Pruisen aan te sturen, meende hij voldoende gedaan te hebben om een vereniging van de twee legers te voorkomen. De Pruisen vielen echter niet terug naar hun bevoorradingsbasis in het oosten, maar parallel met de geallieerden in noordelijke richting. Hierdoor konden de Pruisen twee dagen later de geallieerden in de Slag bij Waterloo te hulp komen.

De 17de begon Grouchy laat met de achtervolging van het Pruisische leger. Hij zocht hen bovendien richting oosten, richting hun bevoorradingcentra. De Pruisen trokken echter richting noorden terug.

Op de 18e, tegelijk met de slag te Waterloo, leverde Grouchy een veldslag, de Slag bij Waver. Hierin viel hij de achterhoede van het Pruisische leger aan dat oprukte naar Waterloo. Grouchy boekte hier een tactische overwinning, die echter door de uitslag van de Slag bij Waterloo geen betekenis had.

De slag bij Ligny is door de twee dagen later plaatsvindende Slag bij Waterloo relatief onbekend gebleven. Ook schilderijen en beeldhouwwerken hebben veel vaker op Waterloo dan op Ligny betrekking. Toch is de slag voor het verloop van de campagne van beslissende betekenis geweest. De slag was ook ongemeen bloedig. De troepen waadden aan het eind in de straten van Ligny door een kniehoge smurrie van modder, mensen en paardenvlees.

Troepen[bewerken]

Franse troepen (organisatie en sterkte)[bewerken]

Napoleon[bewerken]

Napoleon

Onderweg

Maarschalk Grouchy[bewerken]

  • I. Cavaleriekorps Pajol (2465)
    • 4. Cavaleriedivisie Soult (1301)
    • 5. Cavaleriedivisie Subervie (1164)
  • II. Cavaleriekorps Exelmans (3332)
    • 9. Cavaleriedivisie Strolz (1606)
    • 10. Cavaleriedivisie Chastel (1726)

Maarschalk Ney (bij Quatre Bras)[bewerken]

Tussen Quatre-Bras en Ligny

Blüchers troepen (organisatie en sterkte)[bewerken]

Blücher

Onderweg

Externe links[bewerken]