Slag bij Roncevaux

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag van de Roncevaux-Pas
Onderdeel van veldtocht ter verjaging van de Moren uit Spanje
De dood van Roland, door Jean Fouquet
De dood van Roland, door Jean Fouquet
Datum 15 augustus 778
Locatie Roncesvalles Pas in de Pyreneeën
Resultaat Baskische Overwinning
Casus belli -
Territoriale
veranderingen
Spaans Pyreneeën in Peninsula
Strijdende partijen
Frankische Strijders Baskische strijders
Commandanten
Roland
Anselmus
Eginhard
Karel de Grote
Lupo II van Viascony
Marsilion
Troepensterkte
Circa 20.000 Onbekend (guerrillaleger)
Verliezen
Onbekend (Achterhoede van de terugtrekkende garde) Onbekend

De Roncevaux-pas (Roncesvalles-pas) is een plek waar in 778 een beroemde slag plaatsvond. Daar werd de Karolingische leider Roland gedood door Baskische strijders. Het legendarische Roelandslied is hierop gebaseerd.

Achtergrond[bewerken]

Omdat vanaf 711 de Moren het Iberische schiereiland bevolkten, en vanuit het noorden de Franken hun gebied bedreigden, voelden de Basken, vooral in het Graafschap Viascony, zich in het nauw gedreven. Er werden in diverse veldslagen invallen gedaan in hun land, en in 778 vond de Slag van Roncesvalles plaats.

De veldslag[bewerken]

De veldslag vond waarschijnlijk plaats in de nacht van zaterdag 15 augustus 778. De merendeels Frankische tegenstanders werden van achteren aangevallen, en men verloor het goud dat verkregen was van de verslagen moslims en edelen bij Zaragoza.

Toen hij hoorde dat het Frankische leger van achteren werd aangevallen, keerde Karel de Grote terug naar de pas, waar de grootste schade al was geschied. Roland, de leider van de achterhoeden, en Anselmus werden dood aangetroffen.

Wat er van het Frankische leger over was, ging nog de strijd aan met de Baskische Viasconen. Maar het gebied was bekend terrein en strategisch gezien stonden de Basken er beter voor, zodat de Franken de terugtocht kozen naar hun thuisland.

Legende[bewerken]

zie ook Roelandslied

Karel de Grote, die op terugweg is naar huis, na jarenlang gevochten te hebben met de Saracenen (moslims), heeft rugdekking van een achterhoede onder leiding van Roland, die in de legende wordt aangevallen door de Saracenen. (In werkelijkheid waren dit dus de Basken; Saracenen was een veelgebruikte verzamelnaam voor "heidenen".)

Deze Roland of Roeland wordt in een hinderlaag gelokt in de pas van Roncesvalles, het inmiddels sterk uitgedunde leger wordt onder de voet gelopen, totdat er nog maar drie man overblijven (waarschijnlijk Anselmus en Oliver), waaronder Roland. Roland weigert tot het laatste moment op zijn hoorn (met de naam "Olifant") te blazen waarmee hij versterking had kunnen vragen. Dan is het te laat voor het leger van Karel de Grote om in te grijpen.

Zie ook[bewerken]