Slag bij Straatsburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Julianus

De Slag bij Straatsburg, ook wel bekend als de slag bij Argentoratum, vond plaats in 357 tussen het Romeinse leger, aangevoerd door keizer Julianus Apostata, en de Alemannen, geleid door hun koning Chnodomar.

Aanleiding[bewerken]

Door de usurpatie van Magnentius en van Silvanus was de grens-verdediging in Gallië verzwakt. De grenzen kwamen verder onder druk te staan toen Franken en Alemannen in 355 Gallië binnen vielen.

Julianus, de neef van de Romeinse keizer Constantius II, werd benoemd tot opperbevelhebber van het leger in Gallië en voerde sindsdien diverse campagnes om de grenzen te herstellen. In 356 heroverde hij Keulen en sloot vrede met de Franken. Daarna trok hij op tegen de Alemannen. De eerste veldslag tussen beide legers vond plaats bij Reims en eindigde in het voordeel van de Alemannen. Nadat beide legers zich hadden gehergroepeerd vond een veldslag plaats bij Argentoratum, het huidige Straatsburg.

De Alemaanse expansie in het Romeinse Rijk

De veldslag[bewerken]

Bij Straatsburg trad Julianus de Alemannen tegemoet met een leger bestaande uit ongeveer 13.000 soldaten (4.500 legionairs, 5.500 auxilia (huurtroepen) en 600 cavalerie). Hij kreeg steun van 2.500 man bondgenoten (foederati), waaronder Franken en Germanen. Het leger van koning Cnodomar bestond uit 35.000 krijgers. Toen de strijd losbarstte slaagden de Alemannen erin om de Romeinse cavalerie terug te drijven en wist de Alemaanse infanterie het Romeinse centrum te doorbreken. Julianus hergroepeerde snel zijn cavalerie en bracht deze terug in de strijd. Ook zette hij al zijn reserves in om het gat in het centrum van zijn leger op te vullen. Door deze meesterlijke zet kwamen de Romeinen in het voordeel. De Alemaanse linies werden doorbroken en de Alemannen sloegen op de vlucht. Tijdens deze paniekerige aftocht werden veel Alemannen gedood of verdronken in de Rijn. Chnodomar werd gevangengenomen. De Alemannen verloren 6.000 soldaten, de Romeinen slechts 247 man.

Nasleep[bewerken]

Na deze grote nederlaag sloten de Allemanen een vredesverdrag met de Romeinen, dat overigens geen lang leven was beschoren. Binnen een aantal jaren, in 364 vielen de Alemannen Gallië alweer binnen. Pas onder Keizer Valentinianus I werd in 370 een definitief einde gemaakt aan de invallen.

Bron[bewerken]