Slag bij Tampa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij Tampa
Onderdeel van de Amerikaanse Burgeroorlog
Datum 30 juni en 1 juli 1862
Locatie Tampa, Florida
Resultaat Zuidelijke overwinning
Strijdende partijen
US Naval Jack 34 stars.svg
Verenigde Staten
CSA FLAG 28.11.1861-1.5.1863.svg
Geconfedereerde Staten
Commandanten
A.J. Drake J.W. Pearson
Troepensterkte
1 kanonneerboot Osceola Rangers
Verliezen
0 0

De Slag bij Tampa vond plaats op 30 juni en 1 juli 1862 tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. De Noordelijken wilden ook deze haven afsluiten van de buitenwereld. Om dit doel te bereiken moest de Zuidelijke artillerie, die Tampa verdedigde, uitgeschakeld worden.

Achtergrond[bewerken]

Tijdens de zomer van 1862 werd beslist om de blokkade van de Zuidelijke havens aan te scherpen. Net zoals de inname van New Orleans in april 1862, wilde de Noordelijke regering nog andere steden veroveren. Vicksburg was één van deze steden. Als alle Zuidelijke havens geblokkeerd of veroverd waren, zo redeneerden de hoogste militairen, zou de handel voor de Zuidelijken stilvallen en moesten ze zich wel overgeven.

De slag[bewerken]

Op 30 juni voer een Noordelijke kanonneerboot de haven van Tampa binnen. Het schip vuurde een waarschuwingsschot af. Onder bescherming van een witte vlag kwamen Luitenant A.J. Drake en 20 soldaten aan land. Ze eisten de overgave van de stad. De plaatselijke autoriteiten weigerden dit. Ze kregen tot 18.00u de tijd om alle burgers te evacueren, dan zou de kanonneerboot het vuur openen. In de loop van de volgende dag werden er sporadisch salvo’s uitgewisseld tussen de strijdende partijen. Daarna trok de kanonneerboot zich terug.

Gevolgen[bewerken]

De Slag bij Tampa wordt beschouwd als een Zuidelijke overwinning, hoewel het uiteindelijk weinig of niets veranderde. Uiteindelijk zouden de Noordelijke landlegers erin slagen om Vicksburg te veroveren. Hiermee kregen ze controle over de Mississippi en sneden een belangrijke slagader van de Zuidelijke staten door.

Bron[bewerken]