Slijmzwammen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slijmzwammen
Slijmzwam in het Olympic National Park
Slijmzwam in het Olympic National Park
Taxonomische indeling
Domein: Eukaryota
Klasse
Mycetozoa
Slijmzwammen
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Sporulerende myxomyceet

De slijmzwammen (Mycetozoa) zijn een groep eukaryote organismen, die zich voortplanten door middel van sporen. De positie van de groep is recent sterk aan verandering onderhevig en staat nog ter discussie. Voorheen werden ze tot het rijk schimmels, in de supergroep Opisthokonta gerekend. Tegenwoordig worden ze vaak in de supergroep Amoebozoa geplaatst maar er zijn ook auteurs die ze als een apart eukaryoot rijk, naast onder andere planten, dieren en schimmels, beschouwen.

Slijmzwammen komen veel voor, maar zijn meestal onopvallend. Een beperkt aantal soorten heeft een Nederlandse naam zoals Heksenboter, Bloedweizwam en Zilveren boomkussen.

Taxonomie[bewerken]

Slijmzwammen werden in het verleden ingedeeld bij de fungi op basis van morfologische kenmerken. Sinds het mogelijk is om met behulp van DNA de verwantschappen tussen organismen te onderzoeken, is duidelijk geworden dat slijmzwammen en fungi geen directe gemeenschappelijke voorouder hebben. De morfologische overeenkomsten berusten op analogie. Een belangrijk verschil tussen slijmzwammen en fungi is de celwand: de celwanden van fungi bestaan uit chitine, die van slijmzwammen niet.

Onderverdeling[bewerken]

De slijmzwammen worden onderverdeeld in drie subgroepen. Zolang de positie van de groep onduidelijk is, hebben die subgroepen geen rang. Er worden verschillende namen gebruikt als gevolg van verschillende (soms verouderde) inzichten over de fylogenetische positie. Zo worden de Plasmodiale slijmzwammen aangeduid met de naam 'Myxomycota' als die groep als een apart rijk wordt beschouwd, en met de naam 'Myxogastria' wanneer ze als klasse worden beschouwd.

Plasmodiale slijmzwammen[bewerken]

De plasmodiale slijmzwammen (Myxomycota of Myxogastria) bestaan uit cellen die zijn samengevoegd tot een kruipend plasmodium. Het geheel kan er uitzien als een klodder slijm en zich gedragen als een gigantische amoebe met vele celkernen. Er is zelfs een soort die op deze manier 80 centimeter groot kan worden. Voor de voortplanting vormt het plasmodium een beschermend vlies waarop sporenlichamen groeien. De sporen verspreiden zich, en daaruit ontstaan eencellige organismen, die weer uit kunnen groeien tot een plasmodium.

Cellulaire slijmzwammen[bewerken]

Bij de cellulaire slijmzwammen (Acrasiomycota of Dictyostelia) klonteren de cellen wel samen, maar blijven individueel herkenbaar. Ze worden onderverdeeld in Protostelidae, Acrasidae en Dictyostelidae

Waterslijmzwammen[bewerken]

Over de waterslijmzwammen (Hydromyxomycetes) is weinig bekend. Ze leven in zout water als parasiet of epifyt op wieren. Ze worden ook wel bij de schimmels geplaatst.

Vergelijking tussen slijmzwammen en zwammen / schimmels[bewerken]

Slijmzwammen Zwammen
Vegetatieve fase
  • amoeboïd, er zijn nooit hyfen
  • assimilatieplasmodia: de plasmodia zullen enkel voedsel opnemen en hebben geen celwanden
  • hyfen
  • vorming van mycelia; de hyfen hebben celwanden
Voeding

Externe links[bewerken]