Sociale stratificatie
Sociale stratificatie is het indelen van groepen mensen in maatschappelijke lagen, waartussen een ongelijkheidsverhouding bestaat. Hierbij wordt sociale ongelijkheid vereenvoudigd door de maatschappij in slechts enkele sociale klassen te verdelen. Veelgebruikt is bijvoorbeeld de verdeling onderklasse, middenklasse en bovenklasse. Redenen voor het indelen van een persoon of een familie in een klasse zijn onder andere: inkomen, bezit, opleiding, afkomst, ras, sekse, geloof. Het begrip is ontleend aan de geologie waarbij in de stratigrafie de volgorde van opeenvolgende gesteentelagen wordt bestudeerd.
Bij Karl Marx speelde het begrip klasse en vooral de klassenstrijd een centrale rol. Hoewel hij meerdere klassen onderscheidde, draaide het in de klassenstrijd om het proletariaat, de arbeidersklasse die geen toegang heeft tot het kapitaal, en de bourgeoisie, de kapitalistische klasse. Marx besprak vooral een economische klasse waarbij lidmaatschap van een klasse afhankelijk is van iemands toegang tot productiemiddelen ("kapitaal"). Hij baseerde zich daarbij op de Engelse klassieke economen, met name Smith en Ricardo, en op het Franse ("utopische") socialisme van Saint-Simon.
Max Weber maakte onderscheid tussen klasse, stand en partij. Vooral Amerikaanse sociologen hebben dit uitgewerkt tot een zogenaamd driedimensionaal model van sociale stratificatie waarin klasse, status en macht elk een rol spelen. Een bepaalde groep kan daarbij hoog aangeschreven staan in de ene dimensie, maar laag in de andere. Pierre Bourdieu heeft deze indeling gebruikt voor zijn theorieën over economisch, sociaal en cultureel kapitaal. Hij legde hierbij een sterke nadruk op de resulterende levensstijl en de esthetische voorkeuren.