Socrates
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Socrates (Athene, ca. 470 v.Chr. - Athene, 399 v. Chr.)[1] of Sokrates (Oudgrieks: Σωκράτης) was de eerste van de drie invloedrijkste filosofen (naast Plato en Aristoteles) uit de Griekse oudheid, vooral bekend als uitvinder van de socratische methode. Hij was de eerste die het handelen van de mens centraal stelde in zijn wereldbeschouwing vanuit de vraag: hoe moeten wij zo verantwoord mogelijk leven?
Inhoud |
[bewerken] Basis van zijn leermethode
De leuze Ken u zelf, Γνωθι σεαυτον (Gnoothi seauton), leek zijn leidmotief bij de benadering van kennis over de werkelijkheid. Hoe kan iemand iets kennen, als hij zichzelf niet kent? Wie kent er dan? En wat is de waarde van zulke ongegronde kennis? Hij leek vooral zelf op zoek naar die ultieme kennis van het diepste zelf, waarzonder men niets echt kent. En als men dat kent, dan weet men tenminste wie er niets kent, en kan vandaaruit reële kennis worden opgediept.
Dat opdiepen van kennis moest volgens Socrates gebeuren zoals een vroedvrouw een kind ter wereld helpt komen, door tussen te komen met beurtelings aanmoediging om door te gaan of op te houden, en zijdelings te helpen duwen en masseren. Hij noemde deze gesprekstechniek de μαιευτικη τεχνη (maieutikè technè), de vroedvrouwtechniek. Men moest bij de 'leerling' of de zoeker naar waarheid deze techniek toepassen om hem te helpen die waarheid, de echte kennis, in zichzelf te ontdekken. Want alleen in zichzelf heeft men echte kennis. Al het andere van horen zeggen en van zien doen is namaakkennis. Kennis moest volgens hem helemaal authentiek zijn. Zijn techniek kwam bij de ander over alsof er van de hak op de tak gesprongen werd, maar Socrates was enkel aan het pogen de stevigheid van de reeds verworven kennis te toetsen, en al wat los zat moest worden verlaten. Op velen kwam hij arrogant en pedant over met zijn eeuwige vragen, die er enkel om bedoeld waren de ander uiteindelijk tot zichzelf te laten komen. Maar dit werd hem vaak niet in dank afgenomen, zeker niet door de grotere gevestigde ego's van de maatschappij (die evenmin zichzelf kenden).
Van Socrates zijn in het geheel geen geschriften bewaard gebleven. Voor een beeld van zijn werk moet men afgaan op wat anderen daarover hebben gezegd, zoals Plato in zijn dialogen Apologie en Symposium en in geschriften van Xenophon. De Griekse blijspeldichter Aristophanes verwerkte in zijn werk venijnige kritiek op Socrates' filosofie. Deze toneelschrijver geeft, hoewel zwaar gekarikaturiseerd, een idee van hoe Socrates bij de gewone man in de straat overkwam, maar hoeft niet als deugdelijk referentiepunt genomen te worden als het op de waarde van zijn filosofie zelf aankomt.
[bewerken] Communicatie als methode
Socrates stelde communicatie centraal. Men vond hem altijd ergens op de agora omringd door een groepje toegewijde luisteraars, met daartussen ook enkele achterdochtigen of zelfs afluisteraars. Hij toetste zijn denkbeelden voortdurend in zogeheten 'dialectische' of socratische gesprekken met allerlei mensen, en perste als het ware hun kennis uit hen, om die vervolgens op waarheids- en houdbaarheidsgehalte te onderzoeken en zo nodig te verwerpen. Men noemde deze verwerping aporia, van het Griekse aporein: zich geen uitweg meer weten). Hij vergeleek zijn werkwijze ook met die van een horzel, die een traag paard (Athene) probeerde wakker te houden, en dat leverde hem onvermijdelijk vijanden op. Niet iedereen kon deze methode van onderzoek (elenchus) immers waarderen. Onderwerpen voor deze dialogen waren meestal deugden als rechtvaardigheid, zelfbeheersing, vroomheid, dapperheid en wijsheid. Door beredeneerd onderzoek van ieders kennis van toepassingen zocht Socrates naar algemeen geldende waarheden en principes voor het menselijk doen en laten, essenties. Hij was ervan overtuigd dat het mogelijk was door inzicht en kennis de deugd te vinden en vond dat iedereen de deugd kan aanleren, zijnde een zaak van het intellect. Dit denken wordt ook wel het ethisch intellectualisme genoemd. Iemand die ware kennis had van het goede, zou volgens Socrates ook niet in staat zijn om het kwade te doen.
Socrates paste de inductieve methode van redeneren toe, waarbij hij vanuit een verzameling van details naar het geheel toewerkte, ofwel door toetsing van vele individuele inzichten tot een algemeen geldende waarheid trachtte te komen. Zijn uitgangspunt was "Ik weet dat ik niets weet"; daarmee attaqueerde hij methoden van de Sofisten, de rondtrekkende leraar-deskundigen van die dagen, maar erkende tevens dat ook hij niet het definitieve antwoord had op het ethisch-kentheoretische vraagstuk. Wel boekte hij een negatief resultaat: hij bakende scherper af wat ondeugd was. Zelf leefde hij consequent naar de wel gevonden principes.
[bewerken] Morele onkreukbaarheid als uitgangspunt
Twee voorbeelden van die morele onkreukbaarheid zijn de volgende: Op een gegeven moment (404 voor Christus) was er in Athene een periode van terreur (door de zgn. Dertig Tirannen) Deze kliek probeerde Socrates te compromitteren door hem te bevelen een zekere Leon te arresteren die in Salamis woonde. De dertig konden echter volgens de wet geen jurisdictie laten gelden. Deze Leon zou vervolgens ter dood gebracht worden. Socrates weigerde. Hij behield zelf alleen maar het leven doordat niet lang daarna de dertig werden vervangen door een nieuwe democratie. Twee jaar later, onder de nieuw gevestigde democratie, was hij toevallig voorzitter van de volksvergadering (die functie rouleerde namelijk) vlak nadat Athene bij de Arginusae een zeeslag had uitgevochten. Daar gingen 25 schepen verloren, maar de vijand verloor er 75. De Atheense bevelhebbers waren echter door een opgestoken storm niet terug gegaan om eventuele overlevenden te helpen en om de lijken te bergen (die dan thuis verbrand konden worden met 2 sikkels [2] op de ogen voor de veerman). Het Atheense volk was furieus en wilde de betrokkenen het liefst meteen lynchen, maar ze wilden dat de schijn van legitimiteit geven door middel van een hoofdelijke stemming in de vergadering zonder begeleidend proces. Door allerlei dreigementen kwam Socrates alleen te staan, maar hij bleef weigeren met de procedure akkoord te gaan. Hij werd overigens overstemd en de executies vonden toch plaats. Dit vonden zijn leerlingen vreemd, maar ze konden er niks aan doen om die doodstraf te voorkomen.
[bewerken] Socrates en Plato
Plato was eigenlijk een dichter. Op een dag liep hij met enkele rollen eigen werk onder de arm naar de plaats waar hij hiermee kon meedingen aan een wedstrijd voor de beste poëzie. Toen hij over de agora liep, hoorde hij de stem van een man die zijn aandacht trok. Hij ging op een groepje toehoorders rond die man af en ontmoette er Socrates. Geboeid bleef hij daar de hele tijd staan luisteren, tot het te laat was om zijn werk nog op het bureau af te geven. Dit voorval gooide zijn hele leven om en hij begon de weg van Socrates te volgen en te bestuderen.
Omdat we Socrates voornamelijk via Plato kennen, is het (nog steeds) onduidelijk waar Socrates' leer precies ophoudt en waar die van Plato begint. In zijn Metafysika (987b) zegt Aristoteles echter dat Socrates voorbijging aan de fysieke wereld en zijn denken wijdde aan de moraal en zich als eerste denker in déze sfeer op de definities richtte om naar de universalia te zoeken, en dat Plato hem hierin volgde. Plato nam aan dat er geen algemene definities van de zintuiglijke dingen konden zijn (die immers waarneembaar steeds aan verandering onderhevig waren) en dat we daarom de algemene definities dus elders moeten zien te vinden. Plato noemde die algemene definities: "Ideeën". Tot zover Aristoteles. Alles overziend kunnen we stellen dat Plato voortborduurde op de Socratische dialectische methode waarmee Socrates de (meestal nog onvolmaakte) definities van anderen toetste in hun onderling verband (en waarmee hij zich niet altijd populair maakte).
[bewerken] Het proces tegen Socrates en zijn dood door de gifbeker
In 399 v.Chr. werd Socrates aangeklaagd en uiteindelijk ter dood veroordeeld voor "het niet aanbidden van de goden van de stad" en "het introduceren van nieuwe goden" daarnaast zou hij ook een slechte invloed op de jeugd gehad hebben: "Meletus: Socrates pleegt onrecht door de goden die de stad vereert niet te vereren en door nieuwe goddelijke wezens te introduceren; voorts pleegt hij onrecht door zijn slechte invloed op de jeugd. De geëiste strafmaat: de dood" Wellicht hadden de Atheners zijn ideeën en bedoelingen niet begrepen; in ieder geval wekte zijn kritische houding ten opzichte van de Atheense vorm van democratie en het vaak tot de grond toe afbreken van gevestigde opvattingen van de elite grote ergernis. Zijn tegenstanders verzonnen deze aanklacht om van hem af te komen. Bovendien werd Socrates ervan verdacht geheuld te hebben met de machthebbers tijdens de vreemde overheersing, die een tijdje in Athene plaatshad (na de Peloponesische oorlog, toen Sparta Athene versloeg) en ook samenging met een ondemocratische periode. Er werd hem echter amnestie verleend waardoor een rechtstreeks politieke aanklacht niet meer mogelijk was tijdens het proces. Het is ook om deze reden dat het proces rond Socrates ons nu voorkomt als een schijnproces.
Tijdens het proces verdedigde Socrates zichzelf door een dialoog aan te gaan met de jury van aanklagers volgens zijn altijd consequent gebruikte dialectische methode. Vrijwel alle juryleden stonden aan het begin van het proces vijandig tegenover hem. Hij dreef hen echter zo in het nauw dat zij aan het eind van die dialoog niet anders konden dan de onjuistheid van de aanklacht te erkennen. Socrates was dermate overtuigend dat hij er bijna in slaagde de meerderheid van de juryleden in zijn voordeel te laten beslissen. Het verschil tussen het aantal juryleden pro en contra bestraffing was zo klein dat de rechters Socrates toestonden zelf zijn strafmaat te bepleiten.
In plaats van te proberen de laatste twijfelaars te overreden, gooide Socrates het echter over een totaal andere boeg: die van de spot. Hij stelde totaal belachelijke strafmaten voor en lachte rechters en juryleden uit. Dit joeg de jury zo tegen hem in het harnas dat hij uiteindelijk de doodstraf door middel van gif kreeg.
De mogelijkheid om te ontsnappen uit Athene en zo de uitvoering van het doodvonnis te ontlopen, liet Socrates voorbijgaan. Hij vond dat het na jaren als burger van Athene de Atheense wetten te hebben onderschreven, onjuist om zich nu te onttrekken aan een op die wetten gebaseerd oordeel, hoe onrechtvaardig dit oordeel ook was.
Socrates koos voor het drinken van een beker met een langzaam werkend dodelijk gif; te midden van zijn leerlingen en vrienden met wie hij nog een tijdje kon spreken. Zijn laatste woorden hadden betrekking op de traditionele gewoonte om in de tempel van Asklepios, de god van de Geneeskunst en zoon van Apollo, een haan te offeren uit dank voor genezing, om genezing af te smeken of om bij een naderende dood de ziel van de overledene te vergezellen naar Hades, de onderwereld. Vlak voor zijn sterven sprak hij tegen zijn vriend Crito deze laatste woorden: “Crito, we zijn een haan verschuldigd aan Asklepios; betaal hem, vergeet het niet”.
Plato's beschrijving van het proces tegen Socrates in de Apologie en diens dood in de Phaedo behoren tot de bekendste werken uit de filosofie.
[bewerken] Trivia
- In het fictieve verhaal "De zoon van Socrates" van auteur Lecta de Noord had Socrates samen met Xantippe drie zonen: Timoon, Xanthos en Aleikos.
- Van Ludwig van Beethoven wordt gezegd dat hij op zijn sterfbed geantwoord zou hebben op de vraag wie hij was, een leerling van Socrates te zijn.
- Van Jiddu Krishnamurti wordt beweerd dat hij de Socrates van deze tijd is (wereldburger in India geboren, gestorven in Californië, VS in 1986). Van hem zijn wél getuigenissen (video's, boeken enz.) bewaard gebleven.
[bewerken] Zie ook
[bewerken] Literatuur
- Micheline SAUVAGE Socrate, uitg. Editions du Seuil, Parijs (1959); Ned.vert. Sokrates, uitg. Het Spectrum, Utrecht (1959)
- Taylor, C.C.W. (2001) Socrates. Rotterdam: Uitgeverij Lemniscaat ISBN 9056372769.
[bewerken] Bronnen en referenties
[bewerken] Externe link
| Zie ook |
|---|
|
|
| Meer afbeeldingen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Socrates op Wikimedia Commons. |

