Soloi (Cilicia)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Colonnaderij in Soloi.

Soloi of Soli (Oud-Grieks: Σόλοι / Sóloi) was een stad in Cilicia gelegen tussen de rivieren Lamos en Piramos en aan de oevers van de kleine rivier de Liparis.[1]

Ze werd gesticht door kolonisten uit Argos en de stad Lindos op Rodos[2] en wordt voor het eerst vermeld bij Xenophon als kuststad in Cilicia.[3]

Alexander de Grote, die haar beschouwde als een rijke stad, legde haar een zware tribuut op (200 talenten) voor de trouw van haar inwoners aan de Perzische koningen in 333 v.Chr.[4] Haar inwoners worden Soleis (Σολεῖς) genoemd waardoor men hen kan onderscheiden van die van Soloi op Cyprus die worden Solii (Σόλιοι) genoemd.[5] Het Grieks dat men in Soloi sprak was erg vervormd, waardoor van haar naam het woord solecisme (σολοικισμός: grove taalfout) is afgeleid (anderen schrijven het echter toe aan Soloi op Cyprus).[6]

Rond 78 of 77 v.Chr. werd ze aangevallen door Tigranes II van Armenië die de stad zou verwoesten en haar inwoners deporteren om al slaven te dienen in diens nieuwe hoofdstad Tigranocerta.[7] Ze zou tot 67 v.Chr. praktisch verlaten zijn, totdat Gnaius Pompeius Magnus maior haar herstichtte als Pompeiopolis en bevolkte met ex-piraten.[8]

Haar beroemdste inwoners waren de filosoof Chrysippus, de dichters Philemon en Aratus. Als een bisdom werd Pompeiopolis door Etheria bezocht, maar in de 7e eeuw werd ze door de Arabieren veroverd.

Noten[bewerken]

  1. Strabon, Geographika XIV p. 675; Stadiasmus Maris Magni § 170, &c.
  2. Strab., XIV p. 671; Pompeius Mela, I 13; Titus Livius, Ab Urbe Condita XXXVII 56.
  3. Anabasis I 2 § 24.
  4. Arrianus, Anabasis II 5 § 5; Curtius, III 17.
  5. Diogenes Laërtius, Leven en leer van beroemde filosofen I 51.
  6. Diog. Laërt., I 51 (2 § 4); Eustathius van Thessalonica, ad Dionysius Periegetes 875; Suda, s.v. Σόλοι.
  7. Cassius Dio, XXXVI 20; Plutarchus, Pompeius 28; Strab., XI p. 532.
  8. Plut., Pomp. 28.4, Strab., Geogr. XIV 3 § 3, Plinius maior, Naturalis Historia V 22 § 92, Stephanus Byzantinus, s.v. Πομπηϊούπολις.

Referentie[bewerken]