Sophia Magdalena van Denemarken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sophia Magdalena van Denemarken
1743 - 1814
Pilo Swedish Queen Consort.jpg
Koningin van Zweden
Periode 1771 - 1792
Voorganger Louisa Ulrika van Pruisen
Opvolger Frederika van Baden
Vader Frederik V van Denemarken
Moeder Louise van Groot-Brittannië

Sophia Magdalena van Denemarken (Kopenhagen, 3 juli 1743 - Stockholm, 21 augustus 1813) was koningin van Zweden vanaf haar huwelijk. Sophia Magdalena werd geboren als prinses van Denemarken.

Jeugd en familie[bewerken]

Prinses Sophia Magdalena werd geboren in Kopenhagen op 3 juli 1743. Ze was een dochter van koning Frederik V van Denemarken en van koningin Louise van Groot-Brittannië. Via haar moeder was Sophia een kleindochter van koning George II van Groot-Brittannië en koningin Caroline van Brandenburg-Ansbach. Sophia was een oudere zus van prinses Wilhelmina Carolina (1747-1820), die huwde met keurvorst Willem I van Hessen-Kassel en van prinses Louise (1750-1831); zij huwde landgraaf Karel van Hessen-Kassel. Sophia's enige jongere broer was Christiaan, de latere koning Christiaan VII van Denemarken (1749-1808). Hij huwde prinses Caroline Mathilde van Wales.

Huwelijk en kinderen[bewerken]

Karikatuur uit ca. 1770 van Carl August Ehrensvärd: "Poging van Gustaaf III een erfgenaam te verwekken". Adolf Fredrick Munck helpt Gustaaf bij zijn eerste seksuele gemeenschap met Sofia Magdalena. Sophia Magdalena, Gustaaf III en Adolf Frederik Munck".

In 1766 werd Sophia Magdalena uitgehuwelijkt aan Gustaaf, kroonprins van Zweden. Toen zij in Zweden aankwam werd zij goed behandeld door haar man maar haar schoonmoeder Louisa Ulrika van Pruisen haatte haar. Louise Ulrika domineerde Gustaaf III en veroorzaakte een verwijdering tussen het koppel. Hun huwelijk werd pas in 1775 geconsummeerd. Gustaaf III van Zweden was mogelijk biseksueel of aseksueel; sommigen trokken het vaderschap van de koning in twijfel.

Zij werd niettemin de moeder van:

Koningin van Zweden[bewerken]

Sophia had een gereserveerde natuur, en werd als koud en arrogant binnen het Zweedse hof beschouwd. Nadat koning Adolf Frederik van Zweden in 1771 stierf, volgde Gustaaf hem op als Gustaaf III. Het volgende jaar werd Sophia Magdalena tot koningin gekroond. Sophia was verlegen en teruggetrokken van aard en werd nooit echt populair in Zweden. Sophia was zeer serieus en behoorde nooit tot de cirkel van vertrouwelingen van de koning. Zij en haar man waren zeer verschillend in persoonlijkheid.

Koningin Sophia speelde geen enkele rol in de Zweedse politiek, behalve op één moment. In 1788 kreeg Sophia de taak om de vredesonderhandelingen op zich te nemen met Denemarken. Ze ontbood de Deense ambassadeur om bij haar te komen en had een lang gesprek met hem en aan het einde van dit gesprek gaf koningin Sophia hem een brief voor de Deense koning, haar broer.

Tijdens de oorlog van 1788 - 1790 ontmoette Sophia twee Russische oorlogsgevangenen in het park van Slot Haga en ze gaf aan beide heren 100 kroon. Sophia droeg liever Engelse mode dan de Franse, omdat Sophia vond dat de Franse kleding te ordinair was. Na de moord op haar echtgenoot in 1792 trok zij zich terug uit het publieke leven.

Na de dood van Gustaaf III[bewerken]

In 1797 drong ze aan op het overslaan van het protocol, omdat ze wilde dat haar nieuwe schoondochter, prinses Frederika van Baden, zich meer welkom zou voelen. Sophia was niet vergeten hoe eenzaam zij zich had gevoeld toen zij als bruid aankwam in Zweden. Ook na de dood van haar man had Sophia geen politieke invloed. Ze moest lijdzaam toezien hoe haar enige zoon, koning Gustaaf IV Adolf, in 1809 gedwongen werd tot een abdicatie, nadat Zweden Finland had verloren aan Rusland. Koning Gustaaf IV Adolf en zijn familie werden gedwongen om in ballingschap te gaan. Gustaaf IV werd vervangen als koning door een jongere broer van Gustaaf III, Karel XIII. Sophia bleef echter in Zweden wonen tot haar dood.

Sophia Magdalena was één van de weinige mensen die kroonprinses Désirée Clary warm verwelkomde. De man van Désirée, Jean-Baptiste Bernadotte (de latere koning Karel XIV Johan), vertrouwde de oud-koningin niet, hij ontweek Sophia Magdalena het liefst. Ook stond Sophia Magdalena lijnrecht tegenover koningin-gemalin Hedwig de vrouw van koning Karel XIII, die juist een grote hekel had aan Désirée Clary.

Sophia stierf in het Ulriksdalpaleis op 21 augustus 1813. Dit werd over Sophia geschreven na haar dood:

"Ze bleef een van de meest tragische en geïsoleerde mensen in de geschiedenis van het Zweedse hof".