Spiro Agnew

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Spiro Agnew
Spiro Theodore Agnew
Spiro Theodore Agnew
Geboren 9 november 1918
Baltimore (Maryland)
Overleden 17 september 1996
Berlin (Maryland)
Politieke partij Republikeinse Partij
Partner Judy Agnew
Beroep Politicus
Advocaat
Ondernemer
Religie Episcopalisme
Handtekening Handtekening
39e vicepresident van de Verenigde Staten
Aangetreden 20 januari 1969
Einde termijn 10 oktober 1973
President Richard Nixon
Voorganger Hubert Humphrey
Opvolger Gerald Ford
55e gouverneur van Maryland
Aangetreden 25 januari 1967
Einde termijn 7 januari 1969
Voorganger Millard Tawes
Opvolger Marvin Mandel
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Spiro Theodore Agnew (Baltimore (Maryland), 9 november 1918Berlin (Maryland), 17 september 1996) was de negenendertigste vicepresident van de Verenigde Staten, die van 1969 tot 1973 onder president Richard Nixon diende en moest aftreden wegens een omkoopschandaal.

Hij studeerde scheikunde aan de Johns Hopkins University en rechten aan de University of Baltimore. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vocht hij in Frankrijk en Duitsland. Na de oorlog werkte hij als advocaat.

In 1966 werd Agnew gekozen als Republikeins gouverneur van Maryland. In deze functie handhaafde hij krachtig recht en orde, wat hem geliefd maakte bij de conservatieven van zijn partij. Toch was hij buiten zijn thuisstaat vrijwel onbekend.

In 1968 koos Nixon hem totaal onverwacht als zijn running mate. Tijdens zijn vicepresidentschap viel hij vooral op door zijn uithalen naar tegenstanders van de Vietnam-oorlog. Hij had echter slechts een beperkte toegang tot Nixon, die al snel tot het besluit was gekomen dat Agnew niet geschikt was voor zijn functie. Niettemin nam de president hem opnieuw als running mate bij de verkiezingen in 1972.

Op 10 oktober 1973 trad Agnew af. Hij werd beschuldigd van belastingontduiking; de zaak draaide allemaal om een beschuldiging dat hij tijdens zijn gouverneurschap omgekocht zou zijn. Er volgden onderhandelingen met justitie. Agnew legde een verklaring van "nolo contendere" af, wat wil zeggen dat hij de beschuldigingen noch toegaf noch ontkende en betaalde een boete van $10.000. Hij werd als vicepresident opgevolgd door Gerald Ford.

Nadat hij de politiek verliet was Agnew werkzaam als zakenman. Hij overleed in 1996 op 77-jarige leeftijd.