Spontane generatie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Spontane generatie (Generatio spontanea), ook wel abiogenese van Aristoteles, autogenese of heterogenese genoemd, wil zeggen dat leven vanzelf ontstaat. De klassieke opvatting van spontane generatie is volgens moderne inzichten een onmogelijkheid. Abiogenese, of het ontstaan van het leven, is het proces waaruit leven op Aarde ontstond uit dode organische en anorganische moleculen.

Aristoteles[bewerken]

Aristoteles nam spontane generatie dagelijks waar. Het bewijs vond hij in de waarnemingen dat palingen en vliegen uit kadavers tevoorschijn kwamen, muizen uit het graan en bladluizen uit dauwdruppels.

Redi[bewerken]

In 1668 toonde Francesco Redi echter aan, dat alleen levende vliegen verantwoordelijk waren voor de vliegen uit kadavers. Hij vulde een paar grote potten met vlees en dekte een paar ervan af. Alleen in de niet afgedekte potten 'ontstonden' maden.

Spallanzani[bewerken]

Lazzaro Spallanzani (1729-1799) deed proeven met aftreksels van zaden in glazen potten die op vier manieren waren behandeld:

  • Fles 1 bleef open,
  • Fles 2 werd afgesloten met een wattenprop,
  • Fles 3 werd afgesloten met een houten stop,
  • Fles 4 werd dicht gesmolten.

Hij verwarmde de potten. Als hij kort verwarmde vond hij in alle potten micro-organismen, maar hoe beter afgesloten hoe minder micro-organismen. Als hij de potten een half uur verhitte, kwamen er helemaal geen micro-organismen in de pot die dicht gesmolten was, in de overige flessen wel. Zijn conclusie was: micro-organismen ontstaan niet door spontane generatie, maar komen via de lucht de potten binnen. Zijn critici zeiden echter dat de lucht in de afgesloten fles door de verhitting veranderd was, waardoor er daar geen leven kon ontstaan.

Pasteur[bewerken]

Desondanks geloofde men tot aan de ontdekking van Louis Pasteur (1822-1895) in 1860, dat bacteriën vanzelf ontstonden. Het onderzoek van Louis Pasteur toonde echter aan, dat "niet-leven" geen leven kan genereren, maar alleen levende wezens leven kunnen voortbrengen. Hij deed een experiment waarbij hij iets verwarmde en na verhitting was er geen sprake meer van de generatio spontanea, immers door verhitting worden de bacteriën gedood (pasteuriseren). Aanvankelijk geloofde men hem niet. Eén van zijn tegenstanders beweerde dat Pasteur niet eerlijk had gewerkt omdat hij als katholiek tegen de generatio spontanea was.

Zie ook[bewerken]