Saint-Nazaire (Loire-Atlantique)
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
|
|
|||||
|
|||||
|
|
|||||
| Regio | Pays de la Loire | ||||
| Departement | Loire-Atlantique (44) | ||||
| Arrondissement | Saint-Nazaire | ||||
| Kanton | La Baule-Escoublac | ||||
| Coördinaten | 47°17'N 2°12'W | ||||
|
|
|||||
| Oppervlakte | 46,8 km² | ||||
| Inwoners (1999) | 65.874 (1407,6 inw/km²) | ||||
|
|
|||||
| Postcode | 44600 | ||||
| INSEE-code | 44184 | ||||
|
|
|||||
Saint-Nazaire is een stad in het westen van Frankrijk, in het departement Loire-Atlantique, op de rechteroever van het estuarium van de rivier Loire. De stad telt 68.616 inwoners (nazairiens).
Saint-Nazaire heeft een zeehaven, de belangrijkste Franse haven aan de Atlantische Oceaan. De belangrijkste industrieën zijn de scheepsbouw en de luchtvaartindustrie.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Saint-Nazaire de thuishaven van het zevende flottille onderzeeërs van de Duitse Kriegsmarine, waartoe de U-96 behoorde die de hoofdrol speelt in Das Boot.
Op 28 maart 1942 vielen 600 Britse commando's de dokken van Saint-Nazaire aan (Operation Chariot). Het enige dok langs de Atlantische kust dat groot genoeg was voor het Duitse slagschip Tirpitz. Deze werd later op 12 november 1944 in Noorwegen vernietigd door de Royal Air Force.
Op 15 november 2003 vond op een van de scheepswerven een ernstig ongeluk plaats. Chantiers de l'Atlantique, de werf die de Queen Mary 2 bouwde, hield een open dag. Er stortte een voetgangersbrug in, waarbij vijftien mensen omkwamen.
Inhoud |
[bewerk] Raid op Saint-Nazaire
De militaire strijdmacht die voor de raid uitgekozen was, bestond uit Number 2 Commando geleid door luitenant-kolonel A. C. Newman en 8 vernielingsploegen, samengesteld uit manschappen van de Commando's 1, 2, 3, 4, 5, 9 en 12. Ze werden voor hun taak opgeleid door kapitein William Pritchard. De planning begon zowat in februari 1942 die de grootst mogelijke geheimhouding vereiste. De commando's werden samengesteld, alsof ze een bepaalde opleidingstraining moesten krijgen en werden aan boord van de Princess Josephine Charlotte in Falmouth samengebracht. Uiteindelijk vertrok de strijdmacht op 26 maart 1942 's middags uit Falmouth en voerden in drie colonnes met een snelheid van 14 knopen, richting de Zuid-Bretonse kust voor de aanvang van Operatie Chariot. De oude Amerikaanse torpedojager USS Buchanan (DD-131) werd omgedoopt tot HMS Campbeltown, die een belangrijke rol zou spelen in de vernieling van de droogdokdeuren van Saint-Nazaire. De kleine Britse vloot voer langs de oostkant van de Avant-Port, waar de zuidelijke sluis bevond en langs de oude in zee stekende pier met de vuurtoren, waarop twee luchtafweergeschutsposten stonden.
Toen de HMS Campbeltown omstreeks 01.27 u op 28 maart 1942 al voorbij de zware Duitse kustbatterijen was gevaren, begonnen de verraste Duitsers pas in ernst te vuren naar de Britse aanvalsschepen. Niets kon de HMS Campbelltown nog tegenhouden en omstreeks 01.34 u ramde hij met een snelheid van 19 knopen (35 km/u) door de caissonsluisdeur van het droogdok. Met een daverende slag boorde de boeg van de torpedojager door de deur van het droogdok die plaats kon bieden aan de grootste Duitse slagschepen, o.a. de Tirpitz, Scharnhorst en Gneisenau. De Campbeltown schoot door zijn snelheid verder, tot de helft van het droogdok zonder zijn boeg weliswaar. Ondertussen landde de motorkanonneerboot MTB 74 nabij de Oude Ingang (Vieux Entrée) waar de draaibrug bevond. Vanhieruit begon de overmoedige Britse commandoaanval. Toen begon er een ongelooflijke verbeten strijd van Britse Commando's tegen de gealarmeerde Duitsers rond de dokken, de U-bootbunkers en havenkomplex van Saint-Nazaire. De Commando's verloren bij deze raid 34 officieren en 135 manschappen, in totaal 169 manschappen. Eigenlijk was dit een gedurfde, deels geslaagde, maar op voorhand een verloren aanval geweest, wegens de Duitse overmacht. Vele commando's werden krijgsgevangen genomen, maar vele waren gesneuveld... Twee torpedojagers en 6 ML's, waaronder de 160, 307 en 443 keerden behouden terug naar Engeland. De HMS Atherstone had de bemanning en gewonden van de ML's 156, 270 en 446 en de MGB 314 aan boord terwijl ook de HMS Tynedale de bemanning en gewonden van de ML's 270 en 446 eveneens aan boord had. Toen de dag aanbrak na deze bewogen bloedige nacht in Saint-Nazaire, zat de oude HMS Campbeltown nog muurvast op de sluisdeuren van het droogdok. De Duitsers kwamen massaal toekijken hoe de torpedojager daar lag en omstreeks het middaguur waren ongeveer 40 Duitse officieren aan boord van de Britse torpedobootjager voor inspectie en onderzoek, en ongeveer 400 nieuwsgierigen op de kademuren.
Toen explodeerde de ondermijnde HMS Campbeltown, met het gevolg van verschrikkelijk vele Duitse doden en gewonden en er volgden nog verscheidene ontploffingen om 16.30 u en 17.30 u toen er torpedo's met vertraagde werking, die door de MTB 74 waren afgevuurd doorheen de Oude Ingang, ontploften in het Bassin de Saint-Nazaire. Er werd beweerd dat de Duitsers toen wel 300 Franse havenarbeiders hebben doodgeschoten, zelfs leden van hun eigen Organisation Todt. Bij deze raid verloor de Britse Marine, aan krijgsgevangenen, 31 officieren en 751 manschappen; de Commando's 34 officieren en 135 militairen aan gesneuvelden. Vijf van hen, die achtergelaten waren, slaagden erin via Spanje naar Engeland terug te keren...
[bewerk] Ligging
Recht tegenover de 14 U-bootbunkers ligt de draaibrug en de Oude Ingang met rechts daarvan de 15e U-bootbunker. Iets verder ligt het Droogdok, het Normandiëdok, die schuins uitkomt op de Port Atlantique de Nantes en het Bassin de Penhouët. Dit dok heeft aansluiting via een draaibrug met het Bassin de Saint-Nazaire. Nu nog zijn er sporen van de gevechten te zien op de muren van de U-bootbunkers. De betonijzers liggen op sommige plaatsen bloot door de granaatexplosies tijdens de gevechten van de Commando's en later gedurende de geallieerde bevrijding, tegen de Duitse bezetter van Saint-Nazaire...
[bewerk] U-bootbunkers
De U-bootbunkers liggen er tegenwoordig kaal, donker en grauw bij. De in- en uitgangen van deze bunkers zijn bijna allen afgesperd met aanlegsteigers voor jachten en andere vaartuigen. Binnen zijn de voormalige aanlegplaatsen voor de onderzeeërs gehalveerd tot de helft, doordat men houten vloeren heeft aangelegt. Dit merkt men verderop in de kapelgaten in de muren, waar meerpalen voorzien waren voor de U-boten. Met de eertijds volledige meerplaatsen konden twee U-boten naast elkaar aan de kaden afmeren, waar twee grote U-boten konden liggen in bijna elke bunker. De kleinere U-boten, zoals o.a. de U-1, U-2, enz..., konden bijna met vier in zo'n bunker liggen. De daken van de bunkers waren deels vernieuwd, maar in sommige bunkers lekte het dak. Bovenop de bunkers heeft men een panoramisch zicht op de Bassin de Saint-Nazaire en het omliggende havenkomplex. Via een lift komt men op het dak waar men nog de prikkeldraden ziet en stukgeschoten beton. Dit wordt geleid met een ijzeren gaanpad met relingvoorziening. Aan de straatkant en de eigenlijke wegingang, lopen de muren schuin naar boven zodat het dak van het bunkerkomplex overheld. Er is een cafetaria voorzien en een tentoonstellingsruimte die gebasseerd is op de gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog.
[bewerk] Galerij
|
Zicht op de Zuidsluis. De in- en uitvaartsluis van de U-boten tijdens de Tweede Wereldoorlog. Links is de Oude Stad gelegen. |
|||
|
Zicht op de Avant-Port en de 500 meter verderop gelegen beide pierhoofden. Hierdoor kwamen de U-boten tijdens de Tweede Wereldoorlog in en uit de haven. |
Binnenzicht van één van de 15 U-bootbunkers. De aanlegplaatsen waren gehalveerd tot de helft van de werkelijke lengte. Dit kon men zien aan de meerpalen in de muurkapelgaten. Vóór de uitgangen waren aanlegsteigers aangelegd voor pleziervaartuigen. Aan de overzijde was nog één U-bootbunker. Daar ligt een voormalig Franse onderzeeboot "Espadon" voor bezichtiging |
| Meer afbeeldingen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Saint-Nazaire (Loire-Atlantique) op Wikimedia Commons. |
[bewerk] Externe link
- (fr) Officiële website

