Stapelmeervoud

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Onder een stapelmeervoud verstaan we een meervoudsvorm van een zelfstandig naamwoord, die ontstaan is doordat de oorspronkelijke meervoudsvorm nogmaals voorzien werd van een meervoudsuitgang. De vorming van een stapelmeervoud is een voorbeeld van metanalyse.

Oorzaak[bewerken]

Meestal is hier sprake van morfologische nivellering, meer bepaald paradigmatische nivellering (nivellering op het niveau van het paradigma, het systeem van de verschillende vormen van een woord). Stapelmeervouden ontstaan over het algemeen doordat een bepaalde meervoudsvorm niet meer als een echt meervoud wordt aangevoeld, doordat de betreffende vorm uit een vreemde taal afkomstig of anderszins onregelmatig is.

Gelukte vs. mislukte nivellering[bewerken]

We kunnen een onderscheid maken tussen gelukte en mislukte nivellering. In het eerste geval wordt de oorspronkelijke meervoudsvorm opgevat als het enkelvoud, waardoor de meervoudsvorming volledig regelmatig wordt. In het tweede geval is de enkelvoudsvorm onveranderd gebleven, maar heeft het meervoud er een extra uitgang bijgekregen. Dan is de nivellering mislukt omdat de meervoudsvorming nog steeds onregelmatig is.

regelmatig voorbeeld gelukte nivellering mislukte nivellering
voor de nivellering na de nivellering voor de nivellering na de nivellering
enkelvoud wand schoe schoen kind kind
meervoud wanden schoen schoenen kinder kinderen

Correcte voorbeelden[bewerken]

  • Oorspronkelijk was schoen de meervoudsvorm van schoe. Schoen kreeg echter de betekenis van het enkelvoud, waardoor de (stapel)meervoudsvorm schoenen ontstond.
  • Het Nederlands kende ooit, net als het Duits, een meervoudsvorm -er. Kinder en eier waren dus ooit meervoudsvormen. Toen de meervoudsvorm op -er, althans in het Hollandse dialect, en dientengevolge in het Standaardnederlands niet meer als meervoud ervaren werd ontstond de (stapel)meervoudsvorm -eren: kinderen (in de gesproken taal soms ook kinders), eieren. In het Zeeuws heeft zich hetzelfde voorgedaan als in het Standaardnederlands (de overeenkomende Zeeuwse vormen zijn kinders en eiers), terwijl het Limburgs hier heel consequent bijvoorbeeld de vorm kènjer met een enkele meervoudsuitgang heeft.
  • Het enkelvoudige biel heeft als meervoud biels, maar dit wordt ook als enkelvoud gebruikt, met meervoud bielsen/bielzen. (Vgl. rail).
  • Een (boekweit)pannenkoekje heet in het Russisch een blin (enkelvoud). Het Russische meervoud bliny (met de klemtoon op de y) wordt in het Nederlands als een enkelvoudsvorm ervaren en is inmiddels (in de spelling blini, met de klemtoon op de eerste i) als zodanig geaccepteerd door de Grote Van Dale. Dit Nederlandse enkelvoud heeft als meervoud blini's.

Onjuiste (stapel)meervoudsvormen[bewerken]

  • het woord (spoor)rail, meervoud (spoor)rails is uit het Engels afkomstig. Soms wordt de vorm rails niet als meervoud herkend en ontstaat het onjuiste railsen.
  • Uit het Latijn afkomstige woorden op -um kunnen een meervoudsvorm hebben op -a: museum , musea, of medium en media. Doordat meervouden op -a in het Nederlands niet zo gangbaar zijn, wordt deze laatste vorm soms niet als meervoud ervaren en hoort men de foute stapelmeervoudsvorm musea's of media's.

Een levende taal ontwikkelt zich en verandert daardoor steeds. Stapelmeervoudsvormen die ooit onjuist waren, zijn nu correct. Vormen die nu nog fout zijn, kunnen zich later een plek in de Nederlandse grammatica verwerven.