Station Tienen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Station Tienen
Tienen NMBS station 1.jpg
Opening 22 september 1837
Sluiting 1988 (goederen)
Telegrafische code FTNN
Lijn(en) 36
Coördinaten 50° 48′ NB, 4° 55′ OL
Reizigerstellingen[1]
-Weekdag
-Zaterdag
-Zondag
(2009)
4.398
1.370
1.260
Beheerder NMBS
Station Tienen
Station Tienen
Stationsinformatie NMBS - Live stationsbord
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer

Station Tienen is een spoorwegstation langs spoorlijn 36 (Brussel-Luik) in de stad Tienen. Het stationsgebouw dateert van 1841 en is het oudste nog bestaande stationsgebouw in België.

Het station is tevens het eindstation van de voormalige spoorlijnen spoorlijn 22 uit Diest en spoorlijn 142 uit Namen. Beide spoorlijnen werden tussen 1967 en 1990 over de ganse lengte opgebroken en vervangen door een fietspad.

Buurtspoorwegen[bewerken]

Tienen werd bediend door drie buurtspoorlijnen: naar Bevekom (Brussel)(lijn 305), Aarschot (lijn 297) en Sint-Truiden (lijn 315B). De reizigerstrams vertrokken en eindigden voor het spoorstation. De lijn van Bevekom reed echter eerst langs de achterzijde van het station, waar er een stelplaats was. Verderop reed de tram dan onder de spoorweg door om uiteindelijk bij het spoorstation te komen. Vele trams uit Bevekom eindigden dan ook op de stelplaats. De vroegere stelplaats in nu in gebruik door De Lijn bussen.

Treindienst[bewerken]

Week[bewerken]

Treintype Verbinding Dienstregeling
IC F Luik-Guillemins - Brussel - Quiévrain 1x/u
IC K Genk - Brussel - Aalst - Gent-Sint-Pieters 1x/u
IC Q Landen - Leuven - Brussel-Nationaal-Luchthaven - Mechelen - Antwerpen-Centraal 1x/u
P Verscheidene diensten Tijdens de piekuren

Weekend[bewerken]

Treintype Verbinding Dienstregeling
IC E Genk/Luik-Guillemins - Brussel - Knokke/Blankenberge 1x/u
L Landen - Aarschot - Hasselt 1x om de 2u

Diensten[bewerken]

Stationskroeg/restauratie gezien vanuit de lokethal.

Er is nog een klassieke stationskroeg aanwezig in het stationsgebouw. In het stationsgebouw is er een kleine fietsenstalling. Aan de niet-stadszijde van de spoorlijn is er een grote parkeerplaats die bereikbaar is met een voetgangerstunnel onder de sporen. Het busstation is aan de zijkant van het spoorstation.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. De bron voor de gegevens is NMBS Mobility – Reizigerstellingen. De tellingen worden meestal uitgevoerd in de maand oktober: gedurende 9 opeenvolgende dagen (5 werkdagen en de 2 omliggende weekends) worden dan door het stations- en treinbegeleidingspersoneel visuele tellingen verricht. De methode bestaat erin het aantal in- en uitstappende reizigers te tellen in alle stations en stopplaatsen en dit voor alle treinen van het binnenlands verkeer. Het getal naast het kopje 'weekdag' slaat op het gemiddeld aantal opstappende (dus niet het aantal afstappende) reizigers op een weekdag (maandag, dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag opgeteld gedeeld door vijf), zaterdag en zondag staan apart vermeld.