Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Citeertitel Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Titel Wet van 28 October 1954, houdende aanvaarding van een statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Afkorting Statuut
Soort regeling Rijkswet
Toepassingsgebied Vlag van Nederland Koninkrijk der Nederlanden
Rechtsgebied staatsrecht (Koninkrijksrecht)
Status geldend
Grondslag geen
Goedkeuring en inwerkingtreding
Ingediend op 24 juni 1954
Ondertekend op 28 oktober 1954
Gepubliceerd op 29 december 1954
Gepubliceerd in Stb. 1954, 503
In werking getreden op 29 december 1954[1]
Geschiedenis
Wijzigingen Externe lijst
Lees online
Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Portaal  Portaalicoon   Mens en Maatschappij
Nederlandse politiek
Wapen van Nederland
Grondwet · Statuut
Nederlandse regering
Staten-Generaal
Hoge Raad
Overige Hoge Colleges van Staat
Decentrale overheden
Buitenlands beleid

Portaal  Portaalicoon  Politiek
Portaal  Portaalicoon  Nederland

Het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden is een document met wetskracht dat de opmaak van het Koninkrijk der Nederlanden regelt, alsmede de verhoudingen tussen de landen binnen het Koninkrijk.

Wijziging gebeurt bij Rijkswet; anders dan bij wijziging van de Grondwet zijn er niet een eerste en tweede lezing. Wel moet het door de Staten-Generaal aangenomen voorstel van Rijkswet door de overzeese landen bij landsverordening worden aanvaard, voordat de Koning de Rijkswet kan bekrachtigen. De goedkeuring van zo'n aanvaardingslandsverordening geschiedt in twee lezingen, waarbij de tweede lezing achterwege blijft als het in de eerste lezing met een tweederdemeerderheid wordt goedgekeurd. De laatste wijziging van het Statuut ging in op 10 oktober 2010, in het kader van de staatkundige hervormingen binnen het Koninkrijk der Nederlanden.

Geschiedenis[bewerken]

Statuut van het Koninkrijk der Nederlanden. 15 december 1954

De Tweede Wereldoorlog zorgde voor een andere kijk op het Koninkrijk en het kolonialisme zoals dat tot 1939 had gefunctioneerd. Suriname en het 'Gebiedsdeel Curaçao' (vanaf 1948 officieel 'de Nederlandse Antillen') waren in die tijd de enige stukjes onbezet 'Nederland'. Bijzonder was dat meer dan de helft van de geallieerde vliegtuigbrandstof uit de raffinaderijen van Curaçao en Aruba kwam. Koningin Wilhelmina kondigde via Radio Oranje in 1942 al meer zelfstandigheid aan voor de overzeese delen. Voor Nederlands-Indië bleek dat niet genoeg. In 1945 werd eenzijdig de onafhankelijkheid uitgeroepen. In 1949 werd uiteindelijk door Nederland de soevereiniteit overgedragen aan de Republiek Indonesië.

In 1948 waren intussen de onderhandelingen begonnen met Suriname en de Nederlandse Antillen. Het 'Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden', ofwel kortweg het Statuut, was in 1954 voltooid. Dit Statuut kondigde koningin Juliana op 15 december 1954 in de Ridderzaal plechtig af. De verjaardag van het Koninkrijk wordt daarom elk jaar op 15 december op Koninkrijksdag gevierd.

In het statuut was het uitgangspunt de gelijkwaardigheid van Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen (Nederlands-Nieuw-Guinea niet). De gebieden Nederlands-Nieuw-Guinea, Suriname en de Nederlandse Antillen kregen in grote mate een eigen bestuur wat lokale zaken betrof. De gezamenlijke aangelegenheden van het Koninkrijk werden in gezamenlijk overleg beslist. Dit statuut bleef bestaan, ook na de overdracht van Nieuw-Guinea aan Indonesië.

De eerste aanpassing aan het statuut kwam in 1975. Het kabinet-Den Uyl was aan de macht en besloten werd dat "het eigenlijk niet meer kon om nog kolonies te hebben". Met ingang van 1975 werden Nederland en de Nederlandse Antillen afzonderlijke landen binnen het koninkrijk. Nieuw-Guinea was al weg, Suriname werd geheel onafhankelijk (met een afkoopsom van 3,5 miljard gulden). Ieder land behield een gouverneur ter vertegenwoordiging van de Koning (behalve Nederland, want daar zetelde de Koning zelf). Ieder land kreeg een geheel eigen regering en alle landen behalve Nederland stuurden een gevolmachtigde minister naar Nederland als vertegenwoordiger van de eigen regering voor overleg aangaande de zaken van het Koninkrijk (wijzigingen aan het Statuut, aan de Grondwet voor zover het de zaken van het Koninkrijk aanging en de rijkswetten).

De volgende aanpassingen kwamen kort na elkaar in 1985. Aruba wilde zijn vleugels spreiden en het nest verlaten. Als overgangsregeling kreeg Aruba een "status aparte" -- het werd een apart land binnen het Koninkrijk (zodat het statuut weer voor drie landen gold) en in de tekst van het nieuwe statuut was opgenomen dat dit was ter voorbereiding van een onafhankelijk Aruba.

In 1994 en 1998 volgden ook aanpassingen. Naast enige zaken van technische aard was de opmerkelijkste aanpassing het verdwijnen van de tekst over de uiteindelijke onafhankelijkheid van Aruba.

In 2001/2002 in de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2002, was het Statuut weer prominent in het nieuws. Aankomend politicus Pim Fortuyn had het toen over "illegaal in Nederland aanwezige Antillianen" (wat niet het geval was; Antillianen zijn statutair Nederlanders en mogen dus te allen tijde in Nederland zijn) en over het "veranderen van de status van Aruba in een gemeente van Nederland" (wat Nederland niet eigenhandig kan; aanpassing van het statuut vereist instemming van alle landen).

De laatste wijziging van het Statuut ging zoals gezegd in op 10 oktober 2010, in het kader van de staatkundige hervormingen binnen het Koninkrijk der Nederlanden.

Uitgangspunten[bewerken]

De uitgangspunten van het Statuut zijn één gezamenlijke Nederlandse nationaliteit voor alle inwoners van het Koninkrijk, één staatshoofd (de wettige opvolgers van Koningin Juliana), één gemeenschappelijk buitenlands beleid en één gezamenlijke defensie. Samenwerking op meer terreinen was en is mogelijk, maar de landen van het Koninkrijk zijn ieder tot op grote hoogte autonoom bij het regelen van de eigen interne aangelegenheden.

Het Statuut[bewerken]

De eerste regel van het statuut luidt:

"Wet van 28 October 1954, houdende aanvaarding van een statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden"

Preambule[bewerken]

Na de titelregel volgt een preambule, die de volgende tekst heeft:

"Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten,
constaterende dat Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen in 1954 uit vrije wil hebben verklaard in het Koninkrijk der Nederlanden een nieuwe rechtsorde te aanvaarden, waarin zij de eigen belangen zelfstandig behartigen en op voet van gelijkwaardigheid de gemeenschappelijke belangen verzorgen en wederkerig bijstand verlenen, en hebben besloten in gemeen overleg het Statuut voor het Koninkrijk vast te stellen;
constaterende dat de statutaire band met Suriname is beëindigd met ingang van 25 november 1975 door wijziging van het Statuut bij rijkswet van 22 november 1975, Stb. 617, PbNA 233;
constaterende dat Aruba uit vrije wil heeft verklaard deze rechtsorde als land te aanvaarden met ingang van 1 januari 1986 voor een periode van tien jaar en met ingang van 1 januari 1996 voor onbepaalde tijd;
overwegende dat Curaçao en Sint Maarten elk uit vrije wil hebben verklaard deze rechtsorde als land te aanvaarden;
hebben besloten in gemeen overleg het Statuut voor het Koninkrijk als volgt nader vast te stellen."

Afbeeldingen[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
Wikisource NL Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden op de Nederlandstalige Wikisource.