Stegoceras

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Stegoceras
Fossiel voorkomen: Laat-Krijt
Stegoceras.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Infraklasse: Archosauromorpha
Superorde: Dinosauria (Dinosauriërs)
Orde: Ornithischia
Infraorde: Pachycephalosauria
Familie: Pachycephalosauridae
Geslacht
Stegoceras
Lambe, 1902
Soorten
  • S. validumLambe 1902
  • S. brownii
Afbeeldingen Stegoceras op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Stegoceras op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Stegoceras is een uitgestorven geslacht van plantenetende ornithischische dinosauriërs, behorend tot de Pachycephalosauria, dat tijdens het Laat-Krijt voorkwam in Noord-Amerika.

Vondst en naamgeving[bewerken]

Fossielen van deze dieren werden gevonden in Noord-Amerika (Alberta en Montana). In 1898 ontdekte Lawrence Morris Lambe een geïsoleerd schedeldak op de oostoever van de Berry Creek in Alberta. In 1902 benoemde hij dat als de typesoort Stegoceras validus. De geslachtsnaam is afgeleid van het Oudgrieks στέγη, stegè, "dak" en κέρας, keras, "hoorn". Lambe zag het schedeldak dus als een dakvormige hoornstructuur. De soortaanduiding betekent "de sterke" in het Latijn. Daar keras onzijdig is moet de soortaanduiding verplicht validum luiden. In 1987 werd de soortnaam door Hans-Dieter Sues en Peter Malcolm Galton geëmendeerd tot Stegoceras validum.

Het holotype, CMN 515, is gevonden in een laag van de Dinosaur Park Formation die dateert uit het Campanien. Het bestaat slechts uit een schedeldak zodat lange tijd onduidelijk bleef hoe het dier als geheel gebouwd was.

In 1918 benoemde Lambe een tweede soort: Stegoceras brevis, later Stegoceras breve. Deze wordt tegenwoordig wel onder het geslacht Prenocephale gerekend.

Een door Gilmore bestudeerde schedel

In 1924 beschreef Charles Whitney Gilmore een tweede exemplaar van de typesoort, specimen UA 2 gevonden bij Steveville in Canada, bestaande uit een vrij volledig skelet. Gilmore meende echter ten onrechte dat de tanden van het dier gelijk waren aan die van Troodon. Oliver Perry Hay hernoemde de soort daarom in 1930 tot Troodon validus. Pachycephalosaurus werd gezien als een Stegoceras wyomingensis.

In 1945 toonde Charles Mortram Sternberg aan dat Gilmore zich vergist had. Bij die gelegenheid hernoemde Sternberg Troodon sternbergi Brown & Schlaiker 1943 tot een Stegoceras sternbergi. Sinds 2003 is dit een apart geslacht Hanssuessia. Hij hernoemde ook Troodon edmontonensis Brown & Schlaiker 1943 tot een Stegoceras edmontonensis. In 2003 werd dat het geslacht Sphaerotholus. Tegelijkertijd benoemde Sternberg een Stegoceras lambei. Dit is sinds 2003 het geslacht Colepiocephale.

In 1964 hernoemde Oskar Kuhn Troodon bexelli Bohlin 1953 tot een Stegoceras bexelli. Dit is een nomen dubium gebaseerd op fragmentarisch materiaal uit China.

In 1979 benoemden Galton en Wiliam Patrick Wall een Stegoceras browni op basis van specimen AMNH 5450. In 1983 werd dit een apart geslacht Ornatotholus maar tegenwoordig wordt het gezien als een jonger synoniem van Stegoceras validum.

Buiten de typesoort werden sinds 2003 dus geen valide andere soorten van Stegoceras erkend. In 2011 echter benoemden Steven E. Jasinski en Robert M. Sullivan Stegoceras novomexicanum gebaseerd op vondsten in New Mexico. Latere analyses wijzen er echter op dat dit wellicht niet de zustersoort is van Stegoceras validum.

Beschrijving[bewerken]

Scans die de dichtheid van het schedelbot aangeven

In 2010 schatte Gregory S. Paul de lichaamslengte van Stegoceras op 2,2 meter, het gewicht op veertig kilogram.

Stegoceras had op zijn kop een zwaar bol schedeldak met een dikte van zes centimeter, dat vanaf de snuit tot aan zijn achterhoofd reikte. Het dak bestaat uit een vergroeiing van de voorhoofdsbeenderen met de wandbeenderen. Het achterhoofd was bovenaan aan beide zijden voorzien van knobbelige uitsteeksels, vermoedelijk vergroeide osteodermen. Zulke knobbelige huidverbeningen bevonden zich ook op de voorste snuit. De mannetjes gebruikten de dikke schedels wellicht tijdens de paringstijd om te imponeren of om die bij gevechten tegen elkaar te slaan. Een gewricht tussen de kop en de hals zorgde voor een gebogen houding van de kop tijdens de aanval. Speciaal verstevigde gewrichten van de halswervels zorgden ervoor dat het dier tijdens de botsing geen verwondingen opliep. De ruggengraat was door speciale pezen versterkt. Tijdens het rennen hield het dier zijn rug horizontaal en bracht met zijn staart romp en kop in evenwicht.

Fylogenie[bewerken]

Lambe wist eerst niet goed waar hij het dier moest plaatsen. Hij zette het in 1902 in de Ceratopidae. Dat was niet zo'n gekke keuze want de Ceratopia zijn direct aan de Pachycephalosauria verwant binnen de Marginocephalia. Later dacht hij dat het lid was van de Stegosauria. Gilmore plaatste Stegoceras in de Troodontidae, een begrip dat tegenwoordig een geheel andere betekenis heeft.

Naar huidige inzichten is Stegoceras een basaal lid van de Pachycephalosauridae.

Het volgende kladogram laat een mogelijke positie van de twee stegocerassoorten in de evolutionaire stamboom zien.

 Pachycephalosauria 

Wannanosaurus


 Pachycephalosauridae 


Colepiocephale



Hanssuesia



Stegoceras novomexicanum



Stegoceras validum





Goyocephale




Homalocephale




Tylocephale




"Prenocephale" brevis




Amtocephale





Acrotholus audeti



Prenocephale prenes






Alaskacephale



Pachycephalosaurus





Sphaerotholus buchholtzae



Sphaerotholus goodwini












Levenswijze[bewerken]

Stegoceras leefde in halfopen vrij natte bosgebieden met een koele winter. Hij voedde zich met bladeren en bodemplanten. Gedurende de groei veranderde de vorm en relatieve grootte van de versieringen aan de achterste schedelrand niet, zoals een studie uit 2012 aantoonde.


Bronnen, noten en/of referenties
  • L.M. Lambe. 1902. "New genera and species from the Belly River Series (mid-Cretaceous)". Geological Survey of Canada Contributions to Canadian Palaeontology 3(2): 25-81
  • W. P. Wall and P. M. Galton. 1979. "Notes on pachycephalosaurid dinosaurs (Reptilia: Ornithischia) from North America, with comments on their status as ornithopods". Canadian Journal of Earth Sciences 16: 1176-1186
  • R.M. Sullivan. 2003. "Revision of the dinosaur Stegoceras Lambe (Ornithischia, Pachycephalosauridae)". Journal of Vertebrate Paleontology 23(1): 181-207
  • Steven E. Jasinski and Robert M. Sullivan. 2011. "Re-evaluation of pachycephalosaurids from the Fruitland-Kirtland transition (Kirtlandian, late Campanian), San Juan Basin, New Mexico, with a description of a new species of Stegoceras and a reassessment of Texascephale langstoni". Fossil Record 3. New Mexico Museum of Natural History and Science, Bulletin 53: 202–215
  • Ryan K. Schott & David C. Evans. 2012. "Squamosal ontogeny and variation in the pachycephalosaurian dinosaur Stegoceras validum Lambe, 1902, from the Dinosaur Park Formation, Alberta", Journal of Vertebrate Paleontology, 32(4): 903-913
  • D. Palmer, B. Cox, B. Gardiner, C. Harrison & J.R.G. Savage (2000) - De geïllustreerde encyclopedie van dinosauriërs en prehistorische dieren, Köneman, Keulen. ISBN 3 8290 6747 X
  • Stegoceras in de Paleobiology Database