Stenka Razin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Engelse gravure van Stenka Razin

Stepan (Stenka) Timofejevitsj Razin (Russisch: Степан (Стенька) Тимофеевич Разин) (163016 juni (O.S.6 juni) 1671) was een Kozakkenleider, en een van de opstandelingen uit de Russische geschiedenis. Hij leidde een zeeroversbestaan op de zijrivieren van de Don.

Biografie[bewerken]

Razin duikt voor het eerst op in historische bronnen uit 1661, waarin vermeld wordt dat hij blijkbaar deel uitmaakte van een diplomatieke missie van de Don-kozakken naar de Kalmukken. Datzelfde jaar ging hij op pelgrimstocht naar het Solovetski-klooster aan de Witte Zee. Zes jaar na deze gebeurtenissen was hij leider geworden van een roversgemeenschap, die zich had gevestigd in Pansjinskoje langs de oevers van de rivieren Tisjina en Ilovlja. Van hieruit overviel hij schepen die over de Wolga voeren. Over zijn leven in de tussenliggende zes jaar zijn geen bronnen te vinden.

Tijdens de oorlogen met Polen in 1654-1667 en Zweden in 1656-1658 kreeg het Russische volk het zwaar te verduren. Onder meer werden de belastingen verhoogd en werd de dienstplicht verzwaard. Veel boeren die hoopten aan dit alles te ontkomen, vluchtten naar Zuid-Rusland om zich aan te sluiten bij anderen die ontevreden waren over de toestand in het land. Razin kreeg hierdoor steeds meer aanhangers. Met hun hulp hield Razin vervolgens huis langs de rivieren van Zuid-Rusland, Dagestan en (het huidige) Azerbeidzjan

Stenka Razin vaart op de Volga rivier, door Vasili Soerikov, 1906

Razins eerste noemenswaardige daad was het vernietigen van een groot marinekonvooi. Hierbij werden onder andere de schatten van de patriarch en enkele rijke handelaren uit Moskou buitgemaakt. Razin voer vervolgens de Wolga af met een eigen vloot van 35 schepen. Hiermee veroverde hij enkele forten. In 1668 versloeg hij de vojvode Jakov Bezobrazov.

Razin richtte zich vervolgens op de Kaspische Zee. Hij plunderde de Perzische kusten van Derbent tot Bakoe. In het voorjaar van 1669 vestigde hij zich op het eiland Svinoj. Hier werd hij in juli geconfronteerd met een vloot van Mamed-Khan van Astara, maar hij wist deze te verslaan. Hiermee vestigde hij definitief zijn naam bij leiders van omliggende landen. In augustus 1669 accepteerde hij een aanbod van tsaar Aleksej I van Rusland om gratie te krijgen voor zijn daden.

Razins rebellen in Astrachan, een Nederlandse gravure uit 1681

In 1670 kondigde Razin openlijk aan in opstand te komen tegen de Russische overheid. Hij veroverde in korte tijd de Russische steden Tsjerkessk, Astrachan en Samara. Hij liet iedereen die zich tegen hem verzette ombrengen, onder wie twee vorsten. Hij veranderde Astrachan langzamerhand in een Kozakkenrepubliek. Razin wilde echter meer en bereidde een offensief voor, om Moskou in te nemen. Bij de stad Simbirsk werd hij echter opgewacht door het Russische leger. Na een lange slag verloor Razin en moest vluchten, waarbij hij het grootste deel van zijn aanhangers achterliet.

Daarmee was Razins opstand evenwel nog niet voorbij. Hij probeerde nieuwe aanhangers te krijgen door ontevreden burgers en lijfeigenen van grote steden in Rusland aan te zetten tot opstand. Hij beloofde hun om de Bojaren en andere hoge officieren uit te zullen roeien om zo iedereen gelijk te maken.

Razins opstand kon op de lange duur echter geen stand houden. Hij verloor meerdere gevechten. Toen de Patriarch van Moskou hem in de ban deed, keerden veel van zijn volgelingen en de Don-kozakken zich tegen hem. In 1671 werden Razin en zijn broer Frol Razin gevangen bij Kaganlyk, het laatste fort dat nog in zijn bezit was. Razin werd overgebracht naar Moskou, waar hij na foltering werd veroordeeld tot dood door vierendeling. De executie vond plaats op het Rode Plein [1].

In de kunst[bewerken]

De persoon van Stenka Razin is thema van een symfonisch gedicht van Aleksandr Glazoenov en een cantate van Sjostakovitsj.

Stenka Razin is de hoofdpersoon in een populair Russisch volkslied uit 1883. Dit lied werd vooral bekend door een van de eerste Russische films, opgenomen in 1908. In Nederland is de melodie bekend door liederen als Aan de oever van de Rotte en Maranatha is het wachtwoord en verder door The Carnival is Over van The Seekers.

Er is nog een ander bekend lied over Stenka Razin: Jest na Volge oetjos (Een rots staat in de Wolga).

Bronnen, noten en/of referenties
  • Dit artikel of een eerdere versie ervan is (gedeeltelijk) vertaald vanaf de Engelstalige Wikipedia, die onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
  • (ru) Sacharov, Andrej Nikolajevitsj (1973) Stepan Razin (Chronika XVII v.) Moskva, "Mol. gvardija", 319 p.
  • (en) Field, Cecil (1947) The great Cossack; the rebellion of Stenka Razin against Alexis Michaelovitch, Tsar of all the Russias London, H. Jenkins, 125 p.