Stephen Langton

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Stephen Langton (ca. 1150 - 9 juli 1228) was een toonaangevend theoloog aan de universiteit van Parijs, waar hij studeerde onder Petrus Lombardus. Hij werd geboren in Engeland (waarschijnlijk in Lincolnshire) en overleed in Slindon (Sussex).

Na zijn studie theologie doceerde hij tot 1206 te Parijs. Hij werd in 1206 door Innocentius III gecreëerd tot kardinaal-priester van San Grisigono (St. Chrysogonus). In 1207 werd hij benoemd tot aartsbisschop van Canterbury. Hij werd echter gedwongen tot 1213 bij de cisterciënzers van Pontigny te blijven, toen koning Jan zonder Land, die had geweigerd hem als primaat te erkennen, moest toegeven aan de paus.

Langton was een efficiënt kerkbestuurder en voorvechter van het primaat van de paus. In 1222 vaardigde hij speciale verordeningen voor de kerk uit, waaronder de verplichting voor Joden om een merkteken te dragen. Ook was Stephen prominent aanwezig in de politiek. Zijn sympathie voor de oppositie van de baronnen tegen Jan zonder Land leidde tot zijn schorsing tussen 1215 en 1218. Stephen Langton steunde het protest dat leidde tot de Magna Carta en wilde daarna de pauselijke excommunicatie van de opstandelingen niet toepassen.

Langton was een zeer productief auteur. Hij schreef glossen, commentaren, traktaten en preken. Hij is verder bekend om zijn inspanningen om een hoofdstukindeling van de Bijbel te maken, een indeling die feitelijk ook nu nog wordt gebruikt. De indeling in hoofdstukken maakte het pas mogelijk om een concordantie op de bijbel te maken, waardoor men veel sneller passages hierin kan terugvinden. Door zijn bijdrage werd de Bijbel letterlijk toegankelijker.