Steppeklimaat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schematische kaart van gebieden met een steppeklimaat (BS)

Een steppeklimaat of halfwoestijn is een overgangsklimaat tussen het subtropisch klimaat en het woestijnklimaat (tussen de evenaar en de keerkringen) en beslaat 14% van het aardoppervlak. Het kan een steppe zijn, maar is vaak dorder.

Er zijn een aantal halfwoestijnen op de aarde, onder andere in Turkestan, Zuid-Afrika, Mexico, Patagonië en Afrika. De grootste halfwoestijn van de wereld is de Sahel, een landstrook tussen de de Sahara-woestijn en de Afrikaanse savanne.

Klimaat[bewerken]

Er valt per jaar tussen de 200 en 400 millimeter neerslag[1]. De neerslag valt voornamelijk in de zomer. Omdat het er zo droog is groeien er geen bomen, alleen maar grassen met hier en daar wat struiken. Er is in dit klimaat meer begroeiing dan in het woestijnklimaat.

De ariditeitsindex is minstens vier. Sommige halfwoestijnen, zoals in het noordoosten van Brazilië, kennen cycli van droge en natte jaren.

Bodemsamenstelling[bewerken]

Het grootste deel van de bodem van een halfwoestijn bestaat uit zand en stof. Het landschap is er vrij vlak.

Vegetatie[bewerken]

Een halfwoestijn kent een schaarse begroeiing, waaronder garrigue en maquis. Er komen ook braamachtige lage struiken voor.

Klimaatclassificatie van Köppen[bewerken]

Volgens de klimaatclassificatie van Köppen is het steppeklimaat een BS-klimaat. Het is daarom een droog klimaat (B-klimaat). Het verschil tussen een steppeklimaat, woestijnklimaat en de andere hoofdklimaten wordt door Köppen bepaald aan de hand van de droogte-index.

Verdere onderverdeling volgens Köppen:

  • BSh: warm steppeklimaat; de gemiddelde jaartemperatuur is hoger dan 18°C
  • BSk: koud steppeklimaat; de gemiddelde jaartemperatuur is lager dan 18°C
Bronnen, noten en/of referenties