Straat van Hormuz

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Straat van Hormuz
Locatie Straat van Hormuz.PNG
Locatie tussen Iran en de Verenigde Arabische Emiraten
Zee Perzische Golf
Breedte 60 km
Afbeeldingen
Straat van Hormuz
Straat van Hormuz
Portaal  Portaalicoon   Geografie

De Straat van Hormuz of Straat van Ormoes (Perzisch:تنگه هرمز , Arabisch: مضيق هرمز) is een zeestraat tussen de Perzische Golf in het westen en de Golf van Oman in het oosten. Ten noorden er van ligt Iran en ten zuiden liggen de Verenigde Arabische Emiraten en een enclave van Oman.

In de smalle straat liggen nog eens verschillende eilanden. Hormuz is het eiland waar deze zeestraat zijn naam aan dankt. Andere eilanden zijn Kish, Qishm, Aboe Musa en de Grote en Kleine Tunbs. Deze eilanden hebben een belangrijke strategische positie.

De straat is op het smalste punt ongeveer 35 mijl (54 kilometer) breed. Het scheepvaartverkeer op dat punt wordt in twee routes verdeeld van elk drie kilometer breed. De westwaartse route loopt door de territoriale wateren van Iran. Tussen de oost- en westwaartse route is een buffer van 3 kilometer om aanvaringen te voorkomen. De straat is diep genoeg voor onder andere de grootste olietankers die er gebruik van maken.

Strategische positie[bewerken]

De Straat van Hormuz is een belangrijke verkeersader voor aardolie. In 2011 vervoerden olietankers 17 miljoen vaten olie per dag door de straat, het jaar ervoor was dit nog 15 à 16 miljoen vaten. Deze hoeveelheden corresponderen met zo’n 35% van alle aardolie dat per tanker wordt vervoerd en ongeveer 20% van alle wereldwijd verhandelde ruwe olie. Per dag varen 14 volle tankers door de straat, vooral met Azië als bestemming. De olie is afkomstig uit Iran, Irak, Koeweit en Saudi-Arabië[1]. Een afsluiting van de Straat van Hormuz zou vermoedelijk enorme gevolgen hebben voor de levering van olie aan de wereld. Er zijn pijplijnen naar de Rode Zee en de Middellandse Zee, maar deze hebben onvoldoende capaciteit om de gevolgen van een blokkade volledig op te vangen. In 2008 is Abu Dhabi gestart met de aanleg van de Habshan Fujairah pijplijn. Deze pijplijn is begin 2012 in gebruik genomen en heeft voldoende capaciteit, circa 1,5 miljoen vaten per dag, dat is 60 à 70 miljoen ton per jaar, om de halve olieproductie van Abu Dhabi naar Fujairah ten oosten van de Straat van Hormuz te vervoeren.

Op een persconferentie op 18 december 1997 verklaarde de plaatsvervangend minister van Buitenlandse Zaken van Iran Abbas Maleki, dat Iran de vrije scheepvaart steunt, maar Iran behield zich het recht voor de straat af te sluiten als het wordt bedreigd.

Ook in het verleden vormde de straat een strategische plek. De Portugezen stichtten er in de zestiende eeuw een handelspost op het eiland Hormuz. Deze werd echter in 1622 door sjah Abbas I met hulp van onder andere de Engelsman William Baffin veroverd en daarmee werden de Portugezen uit Iran verdreven. Abbas stichtte daarop de stad Bandar Abbas, die het scheepvaartverkeer moest controleren. De VOC verkreeg toen een handelspost in die stad.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties