Stroomuitval

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kortsluiting

Een stroomstoring of stroomuitval is een onbedoelde onderbreking in de voorziening van elektrische energie.

In 2004 waren er in Nederland 16.436 onderbrekingen, waardoor men gemiddeld 24 minuten zonder stroom zat.

Net als water volgt stroom de weg van de minste weerstand, en moet er een kanaal zijn waar de stroom doorheen kan lopen. Ten slotte moet er ook een bron zijn, bijvoorbeeld een generator, die de stroom laat lopen. Het uitvallen van de stroomvoorziening kan dus in drie categorieën onderverdeeld worden:

  1. kortsluiting (de stroom volgt een kortere en gemakkelijkere weg, zodat verdergelegen afnemers niets meer krijgen);
  2. onderbreking van de lijn (de stroom kan de afnemer niet meer bereiken);
  3. uitvallen van de bron.

Oorzaken[bewerken]

Technische oorzaken[bewerken]

Kortsluiting en kabelbreuk kunnen veroorzaakt worden door oververhitting, ijzel, storm of vallende takken (op bovengrondse kabels), maar natuurlijk ook door ander geweld of door sabotage. Kortsluiting leidt overigens in korte tijd tot het in werking treden van beveiligingen zoals de bekende zekering waardoor de lijn 'stroomopwaarts' wordt onderbroken.

Beveiligingen treden ook in werking bij overbelasting, waarbij smelten van de geleiders zou dreigen. Plotselinge spanningspieken door bijvoorbeeld blikseminslag kunnen daar ook toe leiden.

Volgens EnergieNed zijn graafwerkzaamheden de meest voorkomende oorzaak van stroomstoringen in het laag- en middenspanningsgebied; bij storingen in het hoogspanningsgebied ligt dat minder duidelijk.

In de meeste gevallen is de uitval beperkt tot een vrij klein gebied, maar bij algehele overbelasting kan uitval over een groot gebied plaatsvinden.

Politieke en militaire oorzaken[bewerken]

Politieke onlusten en oorlogen kunnen ook problemen met de stroomvoorziening met zich meebrengen. Zo kwam een groot deel van Servië op 2 mei 1999 rond tien uur zonder stroom te zitten, nadat NAVO-vliegtuigen de elektriciteitscentrale in Obrenovac ten westen van Belgrado hadden gebombardeerd (Kosovo-oorlog).[1]Deze elektriciteitscentrale was niet als militair doel neergezet, maar vormde wel een betekenisvol militair doel.

Op 20 januari 2008 kreeg de Gazastrook te maken met ernstige stroomuitval door een Israëlische boycot. De elektriciteitscentrale van de Gazastrook heeft 's ochtends al een van zijn turbines moeten afsluiten, de tweede volgde aan het einde van de dag. Hierdoor kwam een tot anderhalf miljoen mensen zonder stroom te zitten[2][3]

Grote stroomstoringen[bewerken]

Europa[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Stroomstoring in Europa van November 2006 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In de avond van 4 november 2006 viel in grote delen van Europa de stroom uit, waaronder delen van Duitsland, Nederland, België, Frankrijk, Spanje, Portugal en Italië. De storing was veroorzaakt door het Duitse energiebedrijf E.ON dat een 380 kV-elektriciteitslijn over de rivier de Ems tijdelijk had uitgeschakeld om een cruiseschip te laten passeren. De gevolgen die het uitschakelen van deze lijn zou hebben waren niet goed onderzocht, en het resultaat was dat het Europese hoofdnet door de afsluiting in drie afgesloten delen uiteen was gevallen. Als gevolg hiervan werd werd de balans tussen vraag en aanbod van elektriciteit verstoord en kwam een te grote belasting op de resterende hoofdlijnen in het elektriciteitsnetwerk te liggen. Hierdoor werden die lijnen door de beveiliging eveneens uitgeschakeld, waardoor het nog overgebleven netwerk vervolgens onder een nog hogere belasting kwam te liggen en ook uitviel. Zo ontstond een domino-effect en breidde een golf van stroomstoringen zich uit over geheel West-Europa.[4]

Nederland[bewerken]

  • Rond negen uur in de ochtend van 6 december 2002 reed een heftruck op de Bunschotenweg (Rotterdam) tegen een hoogspanningsmast, waarna bij ongeveer 300.000 huishoudens in de omgeving het licht uitging. Ook treinen, trams en metro's kwamen tot stilstand. Havenkranen en bruggen raakten buiten werking. Omdat de Giessenbrug in de A20 nog open stond toen de storing optrad, ontstonden daar lange files.
Vondelingenplaat, 14 juli 2005

België[bewerken]

Op 4 augustus 1982 werd de Kerncentrale Doel 3 proefgedraaid en een noodstop gesimuleerd. Dit veroorzaakte een verdere reactie waardoor het Vlaamse Elektriciteitsnet ineenstortte. De uitval van het netwerk resulteerde in diverse problemen in klassieke centrales met als voornaamste een explosie in de centrale van Vilvoorde (Verbrande Brug). Een van de oorzaken was een te groot aandeel (50%) van nucleaire energie en een gelijktijdige afsluiting van de hoogspanningslijn met Frankrijk wegens onderhoud.[6]

Op 5 januari 2009 viel in de ruime regio rond Mechelen de stroom uit door een kortsluiting in een hoogspanningspost. Deze was veroorzaakt door een defect bij de NMBS-werkplaats. De panne duurde een uur maar veroorzaakte zeer veel hinder voor het treinverkeer, het wegverkeer en de scheepvaart. Door de panne werkten immers de seinen, verkeerslichten en ophaalbruggen niet meer. De nacht ervoor had het gesneeuwd, dus eerst werd gedacht dat de oorzaak daar lag.

Eind 2014 wordt er gevreesd voor ernstige electriciteitstekorten wegens het onverwacht vroeg sluiten van kerncentrales in Doel en Tihange en het gelijktijdig afbouwen van oudere klassieke kool- en gascentrales op verschillende locaties. Tevens heeft het beleid het voorbije decenia te weining geïnvesteerd in zonne- en windenergie. Een aantal interconnecties met Nederland, Duitsland en het Noordzee-windpark werden niet gepland of opgeleverd.

Noord-Amerika[bewerken]

Op 14 augustus 2003 viel de stroom door overbelasting uit in een groot deel van het noordoosten en middenwesten van de Verenigde Staten en in delen van Canada. Zo'n 50 miljoen mensen werden getroffen. Vooral de grote steden zoals New York hadden het zwaar te verduren omdat naast de airconditioning ook een deel van het openbaar vervoer kwam stil te liggen, bijvoorbeeld de metro. Daardoor ontstond een grote verkeerschaos. Eerdere storingen vonden plaats in 1965, 1977 en (de tot dan laatste keer) 1996.

Burgemeester Bloomberg van New York voorspelde dat de volgende morgen de stroom weer grotendeels hersteld zou zijn, maar vroeg toch de New Yorkers het als een 'sneeuwdag' te behandelen (de temperatuur was 32 °C).

Ook Ontario, inclusief de hoofdstad van Canada, Ottawa, zat geheel zonder stroom, maar net aan de overkant van de provinciegrens in Quebec was er geen enkel probleem. Deze provincie had namelijk al jaren geleden besloten zijn stroomverzorging met overcapaciteit zeker te stellen. Zij hoopten daarbij - tevergeefs - dat zij een deel van de opgewekte stroom aan de Engelstalige buren konden verkopen. Hydro-Québec kon dan ook de bevolking beloven dat er geen problemen zouden zijn, maar verklaarde ook dat de zustermaatschappij HydroOntario niet om hulp gevraagd had.

India[bewerken]

Eind juli 2012 raakten in India drie grote elektriciteitsnetwerken overbelast, waardoor circa 600 miljoen inwoners zonder stroom kwamen[7]. Het noordelijke netwerk bezweek door de hoge vraag naar elektriciteit. Op maandag 30 juli hadden al 300 miljoen mensen in negen staten last van de stroomstoring. Die werd 's avonds verholpen, maar in de nacht van maandag op dinsdag raakte het elektriciteitsnetwerk opnieuw overbelast. Hoewel slechts 60% van de bevolking elektriciteit aan huis heeft, kan het netwerk de hoge vraag tijdens de piekuren niet aan. Dit is een combinatie van te weinig elektriciteitscentrales en een te grote vraag naar stroom door de afnemers. Bovendien wordt er veel stroom illegaal afgetapt. Dit is waarschijnlijk de grootste stroomuitval ter wereld gemeten naar aantal getroffen mensen.

Regelgeving DTe[bewerken]

In Nederland heeft de DTe op het gebied van storingen het één en ander wettelijk geregeld inzake compensatie aan particulieren en zakelijke klanten.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties